“De passie voor wetenschap heb ik van mijn vader”

De Maastrichtse eerstejaars van 2020/2021

27-10-2020

De Amerikaanse Meghan Callender was pas zestien toen ze voor een uitwisselingsjaar in Groningen terechtkwam. Een provincie waar geen heuvel te bekennen is, wel veel weilanden, koeien en water. Dus ja, het was even slikken; Callender is immers opgegroeid in Washington State, midden in de ruige natuur en omringd door hoge bergen. Toch was de omgeving het laatste waaraan ze moest wennen. De cultuur, de mensen, de manier van leven, het eten: alles was nieuw. Terugkijkend was het “een geweldige ervaring”, zegt ze. Zo geweldig dat ze vorig jaar terugging naar Groningen. Afgelopen september ‘daalde’ ze een paar honderd kilometer af, naar Maastricht.

Naam: Meghan Callender
Studie: Global Studies
Op kamers: Ja
In 5 karaktereigenschappen: onafhankelijk, creatief, outgoing, zorgzaam, grappig
Nationaliteit: Amerikaans
Dieptepunt 2020: Geen sociaal leven meer tijdens de eerste coronacrisis. De Hanzehogeschool Groningen, waar ze studeerde, sloot de deuren. Ze was op zichzelf aangewezen.
Hoogtepunt 2020: “Ik zat in quarantaine op mijn kamertje; ik besloot terug te gaan naar mijn ouders in Amerika. Ik koester de tijd die ik met hen heb doorgebracht.”
 

“Ja, maar wij hebben de Mount Pieter”, grapt de journalist als Meghan Callender enthousiast vertelt over de uitgestrekte natuur en vele bergen (“Mount Rainier, Mount St. Helens, Mount Ellinor”) in haar thuisland. De twintigjarige student is geboren en opgegroeid in Washington State, de meest noordwestelijke staat van Amerika. Even in perspectief: de Pietersberg van Maastricht is een heuveltje in vergelijking met Mount Rainier, een slapende vulkaan van 4400 meter hoog.
Het huis van de familie Callender – vader, moeder, zoon en dochter – staat midden in het bos. Buren wonen tientallen meters verderop en naar school fietsen is nooit een optie geweest. Te ver, maar bovenal veel te zwaar door alle hoogteverschillen en gevaarlijk omdat de wegen er niet op zijn ingericht.

Nieuwe Pekela
En dan maakt ze kennis met fietsland Nederland; ze is pas zestien jaar oud. “Ik zat in mijn derde jaar van de middelbare school toen ik via het Rotary netwerk met een beurs op uitwisseling mocht in het buitenland. Ik wilde dolgraag op avontuur, naar Europa, ik was nieuwsgierig naar dat deel van de wereld – uiteindelijk werden alle deelnemers ergens ‘gedropt’.” Het werd Nederland.
"Na het telefoontje ben ik het land meteen gaan googelen. Een beetje gênant, maar ik wist er helemaal niets van.” Vervolgens nam ze uitgebreid de tijd om zich voor te bereiden. “Ik had je op een gegeven moment zelfs kunnen vertellen hoeveel mensen er per vierkante kilometer wonen.” Inmiddels is ze dat aantal alweer vergeten, lacht ze.
Callender kwam terecht in Nieuwe Pekela, een dorp in Groningen. Van het gastgezin in Nieuwe Pekela naar haar middelbare school in Winschoten was het een eind fietsen. “Vijftig minuten!” Als het hard regende, werd ze gebracht en gehaald door haar gastouders (die ze “ontzettend warm” noemt), maar “dat was bij hoge uitzondering”.

Pannenkoeken
“Toen ik net in Groningen was, had ik het idee dat ik snel vrienden zou maken, dat iedereen geïnteresseerd zou zijn in Meghan, ‘het Amerikaanse meisje’. Maar nadat ik me op de eerste dag had voorgesteld in de klas, kwam niemand naar me toe.” Het was haar gastvader die haar aanspoorde zelf het initiatief te nemen. Op een nogal “typische Nederlandse manier”, zegt Callender. “Direct, zonder er doekjes om te winden. Hij vroeg zich af waarom ik na school niet met vrienden afsprak. ‘Als je zo’n afwachtende houding hebt, kun je net zo goed teruggaan naar de VS’, zei hij. Ik vond het behoorlijk confronterend, maar ik wist dat hij gelijk had.” Ze nodigde drie meiden en een van haar gastzusjes uit voor een brunch met Amerikaanse pannenkoeken. “Zij zijn dat jaar mijn beste vrienden geworden.”
Callender hoefde niet veel te doen op school “omdat de docenten weinig zin hadden om extra materiaal in het Engels aan te bieden. Ik heb vooral genoten van de teken- en kunstlessen, haha.” Ze houdt nog steeds van tekenen en schilderen, realistisch, liefst natuurtaferelen.

Zelfvertrouwen
Na haar uitwisseling ging Callender weer naar huis, naar haar ouders in Washington State. Maar ze was veranderd, volwassener. “Terug in Amerika realiseerde ik me hoe gelukkig ik was met mijn nieuwe Nederlandse vrienden. Zij steunden me op een manier die ik nooit eerder had ervaren, ze hielden van me, van wie ik echt ben. Dat gaf zelfvertrouwen. Voorheen, op school in de VS, had ik me altijd anders voorgedaan, bang om het buitenbeentje te zijn, bang om een vriendschap te verliezen. Herkenbaar voor velen, denk ik. Als je jonger bent, maak je je zorgen over wat anderen van je denken, terwijl het moet gaan om wat jou gelukkig maakt. De meeste jongeren ontdekken hun eigen ‘ik’ als ze naar de universiteit gaan; ik heb dat dankzij mijn uitwisseling veel eerder ontdekt.”

Global Studies
Groningen was haar zo goed bevallen dat ze er na haar middelbare school terugkeerde. Ze ging International Communication aan de Hanzehogeschool studeren. Ter overbrugging, “ik had een propedeuse nodig”, want ze wilde uiteindelijk naar de universiteit. Welke universiteit en waar? Geen idee. “Niets voelde precies goed. Ik vind heel veel leuk. Ik wilde vooral iets studeren waarbij ik iets positiefs kan bijdragen aan wereldproblemen.”
Global Studies in Maastricht kwam voorbij en ze dacht: “Dit is ‘t! Het is een studie die allerlei problemen vanuit verschillende invalshoeken laat zien.” Helaas werd ze op een wachtlijst geplaatst; slechts zeventig studenten konden tot de opleiding worden toegelaten. “Ik belde de programmadirecteur om te vragen wat er mis was met mijn motivatiebrief.” Een week later werd ze alsnog toegelaten.

Gophers
Zo ver weg van huis. Heeft ze geen heimwee? “Zeker wel. Aan het begin van het studiejaar had ik er behoorlijk last van. Veel vrienden gaan in de weekenden naar huis, naar hun familie, en ik blijf alleen achter. Maar ik spreek mijn ouders bijna iedere dag en ik houd mezelf lekker bezig. Mijn studie vraagt veel tijd en energie en ik ben lid van studentenroeivereniging Saurus; ik roei drie tot vier keer per week.”
Haar ouders steunen haar en laten haar vrij. “Ik ben net als mijn vader onafhankelijk, gepassioneerd en strong. Ik kan wel tegen een stootje.” Pa Callender is een inspiratiebron. Hij is wetenschapper, ecoloog, en heeft een eigen bedrijf waarin hij onderzoek doet naar beschermde diersoorten. “Als er bouwplannen zijn op een bepaald grondgebied wordt mijn vader ingeschakeld. Hij is gespecialiseerd in het herkennen van de gopher.” We hebben het hier over een knaagdier, een kruising tussen een hamster en een mol. Regelmatig is ze met haar vader op pad geweest, urenlang, op en neer lopend over een stuk grond, zoekend naar kenmerken van het dier. Niemand hoeft haar iets wijs te maken over het verschil tussen een molshoop en die van een gopher.
Toch heeft ze nooit in zijn voetsporen willen treden. “Ik zoek het breder, wil meer afwisseling. Wel heb ik zijn passie voor wetenschap overgenomen. Het is prachtig hoe hij zijn vak uitoefent; ik zie het niet alleen, ik voel het ook.”

Verkiezingen
Komende kerst hoopt ze met haar ouders in Amerika door te brengen. Dat het land er dan misschien heel anders voor staat, beseft ze maar al te goed. De presidentsverkiezingen staan voor de deur, op 3 november. Ook zij gaat stemmen hoewel ze de situatie “verre van ideaal” vindt. Nog een aantal jaren Trump of een stem voor Joe Biden, de kandidaat van de democraten? Washington State, waar ze is opgegroeid, is een zogeheten blue state (democraten). “Dat weerspiegelt meestal mijn stemgedrag.” Na de vraag of het voor haar deze keer dus Biden wordt, blijft het stil. Te persoonlijk om te delen, vindt ze. “In Amerika is politiek zo’n gevoelig thema, zeker nu.” Toch kan ze het onderwerp niet omzeilen, beseft Callender. Studiegenoten zijn benieuwd wat ze denkt en vindt van bepaalde zaken, “en ja, dat kan soms ongemakkelijk zijn”.

Europeaan
Callender houdt niet van plannen. “Ik weet niet wat ik na mijn studie ga doen, of ik in Europa blijf of terugga naar de VS.” Ze begint zich wel steeds meer Europeaan te voelen. “Waar ‘m dat in zit? Het is een gevoel en moeilijk te omschrijven. Het is de manier waarop mensen zich kleden, eten en gedragen, hoe ik me hier kan bewegen en verhouden tot anderen. Europeanen hebben een verfijnde levensstijl waar ik van houd.” Haar moeder past zich gemakkelijk aan de Europese cultuur aan. “Dat zie ik als ze hier is. Mijn vader daarentegen is en blijft een typische Amerikaan, in zijn outdoor-outfit, steevast met wandelschoenen, zijn luide stem en Amerikaanse accent - hij valt een beetje op.”

Wie zijn ze, de eerstejaars van 2020?

Wie zijn de nieuwe eerstejaars van de Universiteit Maastricht? Wat zijn hun dromen, hun plannen en verwachtingen? En hoe vergaat het hen dit jaar? Observant volgt dit academisch jaar zes nieuwelingen. Wij zullen hen een aantal keer interviewen, de eerste keer in het najaar, vervolgens in januari/februari en als laatste in mei/juni.

“De passie voor wetenschap heb ik van mijn vader”
Meghan.DSCF2228