“Ik geniet meer van het alleen zijn dan ik had verwacht”

De tweede golf: Eline Schmeets

04-01-2021

Wat doe je als een student je op mute zet om naar muziek te luisteren? “Empatisch en rustig blijven”, zegt Eline Schmeets, promovenda bij Studio Europa Maastricht en docent bij het University College Maastricht. Het online onderwijs brengt zijn eigen uitdagingen met zich mee. Toch bevalt het thuiswerken haar. “Er is een fijner, zachter ritme ontstaan.”

Voor Eline Schmeets begint het onderwijs pas in september. “Ik geef alleen les in de eerste blokken van het academisch jaar.” Ze vindt het “best spannend” om de studenten weer in levenden lijve te zien. Het voorjaar bracht ze door bij haar ouders. “We zaten met z’n drieën in een cocon. We lieten de boodschappen bezorgen, begonnen elke dag met een wandeling en maakten er een sport van om lekker voor elkaar te koken. Het voelde bijna als een vakantie.”

Gelukkig wordt ze goed voorbereid. “Bij het UCM droeg iedereen van begin af aan een mondkapje. Ook werden de coronamaatregelen en de nieuwe manier van lesgeven goed met ons doorgesproken. Ik voel me heel serieus genomen als medewerker.”

Bij het UCM worden de tutorgroepen in tweeën gesplitst, zodat er on campus les kan worden gegeven. Dat betekent dat docenten twee keer dezelfde les per groep moeten geven. “Het is erg intensief, ik moet zes keer - ik heb drie onderwijsgroepen - hetzelfde verhaal enthousiast vertellen. Door het mondkapje zie je maar de helft van iemands gezicht, dus je mist een deel van de mimiek, soms is het daardoor bijvoorbeeld moeilijker in te schatten welke student een beetje extra hulp nodig heeft. Ik ben normaal gezien vrij expressief, probeer ook met mijn lichaamstaal contact te maken met studenten.”

Kwetsbaar

Aan het eind van de week volgt nog een online bijeenkomst van een uur. “Dat gaat over het algemeen goed. Je moet er je weg in vinden. Ik geef nu bijvoorbeeld meer aanwijzingen achter de schermen, door een student in de chat een individueel bericht te sturen.”

Ze vond het wel heel lastig toen een paar groepen besloten hun camera uit te zetten, omdat studenten vanwege de privacy hun woonomgeving liever niet laten zien. “Dan zit je dus echt in de leegte te praten, het maakt je als tutor kwetsbaar. Ik heb gevraagd of ze de camera alsjeblieft weer aan willen zetten. Een student merkte de onzekerheid in mij op. Daar was ik blij om. Wij moeten er natuurlijk voor de studenten zijn, maar aan onze kant is het ook soms zwaar. Als er iets misgaat, dan balen wij daar misschien nog meer van dan de student.”

Het is belangrijk om empathisch en rustig te blijven, vindt Schmeets. “Ik zag een keer dat een student mij op mute had gezet en naar muziek zat te luisteren. Dan moet je niet reageren vanuit frustratie of moeheid, maar vragen; hoe kan ik jouw interesse wel vasthouden?” Aan studenten de taak niet alleen te klagen, maar constructieve feedback te geven. “Daar heb ik ze toe aangemoedigd op Facebook, daar ging het soms wel heel erg over wat er allemaal mis was.”

De grens

Inmiddels zijn haar blokken voorbij en kan ze zich weer op haar onderzoek richten. “Ik kijk naar de interactie tussen de EU en grensoverschrijdende integratieprocessen in het grensgebied. De Europese Unie is iets groots en soms relatief abstracts, voor veel mensen is dat moeilijk te behappen. In een grensstreek is Europa altijd al aanwezig, het zit in de geschiedenis, in het dagelijks leven. Wanneer Europees beleid wordt uitgevoerd, merk je hier als eerste waar het wringt. Corona is een goed voorbeeld. De grens heeft voor veel mensen hier weinig betekenis. Je doet als vanzelfsprekend je boodschappen in België, en gaat in het weekend wandelen in Duitsland. Toen de grenzen dichtgingen werd men zich bewuster van die lijn om ons heen en wat die betekent. Ik kijk vanuit de cultuurwetenschappen; ik heb geen oordeel over de politieke kant, maar onderzoek hoe mensen Europa proberen te begrijpen, hoe ze erover praten, erover schrijven.”

Een Erasmus+ Mobility for Staff-beurs van twee maanden aan de University of Sussex, waar haar tweede promotor zit, ging niet door. “De bedoeling was dat we elkaar dan beter zouden leren kennen en dat ik ook aansluiting te vinden bij zijn onderzoeksgroep. Nu spreken we vaker online af, gaan minder formeel met elkaar om.” Ook een project in Tbilisi, de hoofdstad van Georgië, werd afgezegd, net als het veldwerk dat ze in de Nieuwstraat/Neustrasse in Kerkrade zou doen, een straat die deels in Nederland, deels in Duitsland ligt. “Ik heb er niet heel erg van gebaald, het ging gewoon niet. Maar er zijn andere interessante initiatieven en projecten voor in de plaats gekomen. Het veldwerk hoop ik nu in februari te kunnen doen.”

Balans

In plaats daarvan kan ze zich nu uren achter elkaar op haar lees- en schrijfwerk storten. “Ik baken echt een werkdag af. Ik begin met een rondje wandelen en doe na afloop vaak een korte online work-out. Ik ben productiever. Voorheen had ik soms een dag dat ik van vergadering naar koffieafspraak liep. Nu kan ik in mijn materiaal duiken. Er is een fijner, zachter ritme ontstaan.”

Het contact met vrienden is veranderd. “Ik heb mijn vrienden in het voorjaar niet gezien, ook om mijn ouders te beschermen. Toen ik terugkwam in Maastricht, merkte ik dat sommigen van hen wat vrijer met de coronamaatregelen omgingen. Ik ben nog steeds wat strenger, ik wil mijn oma van 91 kunnen blijven opzoeken, maar ik zie nu wel meer mensen. Sterker nog, ik heb weer contact met mensen die ik jaren niet had gesproken. Dat is bijzonder.”

Toch is haar sociale leven een stuk rustiger. “Voorheen had ik soms het gevoel dat ik iedere avond met iemand af moest spreken. Nu heb ik ontdekt dat ik meer geniet van het alleen zijn dan ik had verwacht.” Dat betekent niet dat ze nooit baalt. “Het duurt nu wel lang. Soms wil ik gewoon even met mijn vriendinnen uit eten, of met mijn vriend naar een museum en daarna nog een wijntje kunnen drinken.”

Serie: De tweede golf

Onderzoekers, docenten, receptionisten, roosteraars, personeel bij de universiteitsbibliotheek, HRM, UM-Sport en de facilitaire dienst: hoe houden zij zich staande gedurende deze tweede golf? Zijn ze er na de eerste perikelen in het voorjaar aan gewend om veel thuis te werken, te zoomen en hybride onderwijs voor te bereiden? Missen ze collega’s en studenten meer dan ooit? Is de keukentafel eindelijk ingeruild voor een degelijk bureau? Loopt de werkdruk nog meer op, of is er juist ruimte? Kortom: hoe gaat het met ze? Observant vraagt het hen.

“Ik geniet meer van het alleen zijn dan ik had verwacht”
tweedegolf
Eline Schmeets.jpeg