“De automobilist ging naast ons rijden en bood 100 euro voor seks”

26-03-2021

LONGREAD. Seksuele intimidatie en geweld tegen vrouwen: sinds de moord op de Britse Sarah Everard, die op 3 maart werd ontvoerd in Londen en later dood werd teruggevonden, wordt er massaal geprotesteerd. Ogen die je uitkleden, psssstt-geluiden, geroep en gescheld van “nice pussy!” tot “hoer”. Studenten van de Universiteit Maastricht kunnen erover meepraten en komen op verschillende manieren in actie. Ook het Diversity Office werkt aan een plan van aanpak.

Er is een gaslek in haar studentenwoning, dus verblijft Eva de Vries, student aan de Universiteit Maastricht, tijdelijk bij vrienden. Het is een zondagavond in november, rond achten, als ze besluit een stukje te gaan wandelen in het centrum van Maastricht. In haar eentje. Op de Markt wordt ze aangesproken door een Engelssprekende jongeman. “Hij zei dat hij 21 was en hier studeert voor een semester.” Hij gedraagt zich al snel “agressief, intimiderend. Eerst alleen verbaal; hij probeert me ervan te overtuigen met hem mee te gaan.” Dan pakt de jongen haar vast en zoent haar op haar mond. “Ik stapte achteruit en riep: ‘Ga weg, ik vind dit héél vervelend. Ik bel de politie als je achter me aankomt.’”

Angstig, maar ook kolkend van woede, loopt De Vries naar haar tijdelijk thuis. Ze twijfelt of ze de politie moet bellen, want wat kan die voor haar betekenen? Toch besluit ze twee dagen later contact op te nemen. Diezelfde week nog brengt ze een bezoek aan het politiebureau aan de Prins Bisschopsingel. “De agente was heel begripvol. Dat had ik van tevoren niet verwacht. Ik heb er maar liefst twee uur gezeten.” Dat ze haar verhaal mocht doen, heeft haar goed gedaan, zegt ze. Een onderzoek is niet gestart, “begrijpelijk. Er waren geen getuigen, ik had geen naam, geen foto. Ik probeer er zoveel mogelijk met anderen over te praten. Het is belachelijk dat ik als vrouw niet meer mijn huis uit kan vanwege dit soort perpetrators. Mijn gevoel van veiligheid ben ik kwijtgeraakt.”

Trend
De Vries besluit haar verhaal te delen op facebookpagina Sharing is Caring Maastricht, net als andere jonge vrouwen met soortgelijke ervaringen. “Er is een trend zichtbaar van zinloos geweld, intimidatie en haat ten opzichte van vrouwen; het traumatiseert vrouwen en creëert een giftige omgeving”, schrijft een andere Maastrichtse student. Zij vertelt over een vriendin die afgelopen najaar na middernacht alleen op de Brusselsestraat fietste. Mannen in een blauwe Volkswagen Polo schelden haar uit voor hoer; er worden eieren op haar jas en rugzak gegooid. De student eindigt haar bericht met een oproep om aangifte te doen bij de politie: “Alleen als dit soort zieke toestanden worden gemeld, kan er iets aan worden gedaan, of het nu gaat om gerechtigheid of preventie.” Overigens vinden de incidenten die men deelt op Sharing is Caring lang niet alleen in de nacht of schemerige avonduren plaats.

Maar is er een trend, zoals wordt gesteld op Facebook? Is het aantal incidenten van seksuele intimidatie op straat de afgelopen maanden gestegen in Maastricht? Bij de Limburgse politie kunnen ze geen cijfers delen. Meldingen of aangiftes worden niet “weggezet” onder één categorie, zoals straatintimidatie, legt een woordvoerder uit. Het ene slachtoffer noemt het ‘belediging’. Een ander zegt zich niet prettig te voelen bij catcalling (fluiten, naroepen, sissen), weer een ander zegt te zijn aangerand.

Gedrag
Onlangs reageerde Lieke Lorea Gaminde, voorzitter van de nationale Stichting Stop Straatintimidatie, in dagblad Trouw op de protesten na de dood van Sarah Everard. “Dit is de onderliggende angst die vrouwen iedere dag voelen”, zegt ze in de krant. “En na een heftig incident als dit laait de discussie over straatintimidatie weer op. Maar het enige wat er verandert, is dat vrouwen hun gedrag aanpassen.” Je gaat lopen als een man, neemt een andere route, spreekt af dat je belt als je veilig thuis bent, of besluit om sowieso in de avonduren en ’s nachts alleen in gezelschap van mannelijke vrienden over straat te gaan.

Voor Feline [ze wil niet dat haar achternaam wordt genoemd, red.], derdejaars bachelor European Studies, en Julianna Bakker, student Biomedical Sciences, is de maat meer dan vol. Zij bliezen in september vorig jaar het Instagramaccount Catcalls of Maastricht nieuw leven in. Het heeft inmiddels ruim 1100 volgers. “Dit is een veilige omgeving om openlijk te praten en elkaar te steunen”, luidt het onderschrift op de pagina. Ontvangen ze berichten (via Direct Messages) van beledigingen, scheldpartijen en ander intimiderend gedrag dan gaan ze naar de plek des onheils en schrijven het met krijt op de stoep of straat. Vervolgens maken ze er een foto van die wordt gedeeld op het sociaal medium.

Zwak
“Ik word superboos als iemand me naroept of uitscheldt”, zegt Feline. Anderhalf jaar geleden fietste ze met een vriendin om drie uur ’s nachts in de buurt van het Emmaplein. “Een automobilist ging naast ons rijden en bood 100 euro voor seks. Het liefste had ik een deuk geslagen in die auto! Ik ging erover praten met vrienden en zodoende kwam ik terecht bij Catcalls, een initiatief dat in allerlei steden over de hele wereld is gekopieerd.” Het overgrote deel dat zich meldt is vrouw, zegt het tweetal, “maar we staan open voor iedereen”.

Wat Bakker dwarszit is dat vrouwen na zo’n incident de schuld bij zichzelf zoeken. Zij werd, lopend, midden in de nacht, op de Meerssenerweg het slachtoffer van twee mannen die “uit het niets” in haar gezicht begonnen te schreeuwen. “Vervolgens lachten ze er keihard om. Ik stond perplex. Later dacht ik: ‘Had ik niet iets moeten doen?’ Maar ja wat dan? ‘Fuck you’ schreeuwen? Dan hadden ze me misschien nog meer aangedaan. Je voelt je zwak, beschaamd, terwijl het mannen zijn die hier de fout in gaan.”

Ook merkt ze dat vrouwen het kleiner maken dan het is. “We krijgen voor Cat Calls of Maastricht soms berichtjes waarin staat: ‘Zus en zo is mij overkomen, maar het is waarschijnlijk geen catcalling’. Ze downgraden het voorval, terwijl ze er wel een naar gevoel aan over hebben gehouden.” Wat het tweetal betreft moet seksuele intimidatie op straat strafbaar worden; ze steunen een gelijknamige petitie in de hoop dat het Wetboek van Strafrecht wordt gewijzigd.

Steun
Inmiddels heeft Catcalls of Maastricht de samenwerking gezocht met We Care, een studentenorganisatie van de UM die slachtoffers van seksueel geweld helpt. Pia Breuer, tweedejaars psychologiestudent, en Duygu Dursun, masterstudent International Business, zijn beiden sinds de zomer van 2020 betrokken bij We Care. Hun beweegredenen? Steun bieden en de maatschappij “heropvoeden”, zegt Breuer. “Seksuele intimidatie, of het nu verbaal of fysiek is, lijkt normaal in onze tijd. Al op mijn middelbare school raakten jongens ongevraagd een meisje aan. Het gebeurde regelmatig. Niemand die er iets van zei, behalve ik. In de klas hadden docenten er geen aandacht voor.”

Dursun, 29 jaar, heeft al een carrière achter de rug als advocaat (financieel recht) in haar thuisland Turkije. “Ik gaf vrijwillig juridische hulp aan slachtoffers van huiselijk geweld. Die verbinding, dat ik iets kon betekenen voor deze mensen, ja, dat voelde heel goed.” 
Dursun weet uit eigen ervaring wat seksuele intimidatie met je doet. “Ik was dertien of veertien en zat in de bus in Ankara. Een man naast me schoof steeds dichter tegen me aan, raakte mijn lichaam aan, mijn borsten. Ik raakte in paniek, maar deed niks. Lange tijd heb ik gedacht: ‘Ach, stel je niet aan, je hebt het erger gemaakt dan het was.’ Jaren later heb ik pas geconcludeerd: het was wel erg.”

Onveilige locaties
Catcalls of Maastricht en We Care hebben samen een plattegrond gepubliceerd met daarop locaties waar vrouwen de afgelopen tijd zijn geïntimideerd. De Brusselsestraat is een hotspot. Het verzamelen van data, onder andere over onveilige straten, bruggen en pleinen, is ook onderdeel van een chatbot-project [een geautomatiseerde gesprekspartner, red.] van het Department of Data Science and Knowledge Engineering.

“We willen de chatbot zo simpel en toegankelijk mogelijk houden”, legt projectleider en universitair docent Jerry Spanakis uit. “Je hoeft geen app te downloaden of een afspraak te maken. Nee, je kunt je verhaal over wat jou is overkomen online, eenvoudig en anoniem kwijt. We vragen om een korte omschrijving, locatie, dag en tijdstip, het type intimidatie – was het verbaal of fysiek, werd je gevolgd, et cetera.” Met behulp van technologie zullen alle ervaringen worden gebundeld in een soort van database. Op die manier kan een frequent genoemde straat eruit worden gelicht; de gemeente zou kunnen besluiten juist daar meer camera’s of lantaarnpalen te plaatsen. Ook zal er in de chatbot een overzicht worden gegeven van instanties waar slachtoffers terecht kunnen voor hulp.

Vertrouwen
Wat dat laatste betreft: daar knelt het nu nog, zegt Constance Sommerey, diversity officer van de UM die de laatste puntjes op de i zet in een beleidsstuk over seksuele intimidatie. Uit een enquête onder 2700 studenten, uitgevoerd door een groep onderzoekers van het University College Maastricht, de faculteit psychologie en neurowetenschappen en de faculteit Health, Medicine en Life sciences, blijkt dat de meerderheid van de slachtoffers niet weet waar ze naartoe moeten en, als ze het wel weten, niet voldoende vertrouwen hebben in de instantie of persoon.
“Voor ons was dat aanleiding om iets te doen aan de informatievoorziening”, zegt Sommerey. “Wat kunnen ze verwachten als ze naar een psycholoog of naar de politie stappen?” Vooral niet-Nederlandse studenten blijven er te lang mee rondlopen, constateert zij. “De drempel is hoog, dat snap ik, en niet alleen vanwege de taalbarrière. Je vraagt je af waarom de politie jou zou geloven, je denkt dat het je eigen schuld is, of je hebt geen zin om je te moeten verdedigen.” Het is belangrijk dat mensen zich melden bij een vertrouwenspersoon of de politie, meent Sommerey, anders staat de UM – als er iets is voorgevallen tussen studenten onderling of tussen een student en een medewerker – met lege handen.

Rector Rianne Letschert schoof in mei 2019 aan in televisieprogramma M voor een gesprek over intimidatie en veiligheid aan universiteiten. Letschert beklemtoonde in de uitzending dat het melden van grensoverschrijdend gedrag van het grootste belang is. Maar nog belangrijker, zei ze later desgevraagd aan Observant, is het indienen van een formele klacht, “zodat er sneller concrete stappen kunnen worden gezet”. En bij ernstige zaken als seksueel geweld moeten mensen aangifte doen bij de politie, raadt ze aan. “Wij kunnen als bestuur niet op de stoel gaan zitten van de strafrechter.”

Peer support
In het beleidsplan zal een belangrijke rol zijn weggelegd voor de vertrouwenspersoon voor studenten, voor studentenpsychologen, maar ook voor leeftijdsgenoten die dezelfde ervaring hebben, zegt Sommerey, “peer support”. Ook heeft ze veel vertrouwen in de chatbot van de kennistechnologen. Wanneer die in gebruik kan worden genomen, is de vraag. “Het is work in progress”, legt Jerry Spanakis uit. In 2019 maakten vijf studenten er een start mee. “We kijken nu hoe we het in de praktijk kunnen gebruiken, wellicht dat we eerst gaan werken met een focusgroep.”

Tot slot is Sommerey onder de indruk van de EAAA, een evidence based sexual assault preventieprogramma (Enhanced Assess, Acknowledge, Act), “waarvan de UM als enige universiteit in de Europese Unie een licentie heeft. Naast een stukje fysieke verdediging is er ook aandacht voor het bewaken van grenzen, hoe respecteer je die van jezelf en die van een ander, hoe herken je onaangename situaties en hoe moet je dan handelen.” Een pilot vond plaats bij UCM. “Er zijn gesprekken met UM Sport om de training uit te breiden.”

Project Seksuele Intimidatie Maastricht

De gemeente Maastricht zit niet stil sinds Consent Matters (initiatief van studenten van het University College Maastricht) in 2017 een brief stuurde naar burgemeester en wethouders met de vraag om een aanpassing in de APV, de algemene plaatselijke verordening. Ze wilden dat seksuele intimidatie strafbaar wordt gesteld. Voor de gemeente was het aanleiding om onderzoek te laten doen: vindt seksuele intimidatie plaats in Maastricht en zo ja, wat kunnen we eraan doen?
 
Het onderzoek werd uitgevoerd door Pauline Heuperman, preventiemedewerker bij Mondriaan, een instelling voor geestelijke gezondheidszorg. Zij werd erbij betrokken vanwege de link met alcoholgebruik: een grote voorspeller van grensoverschrijdend gedrag. Net als groepsdruk. Heuperman constateerde dat er in Maastricht aan instanties geen gebrek is, “maar er is wel een hobbel die jongeren moeten nemen. Het gaat om vertrouwen, heb je een goed gevoel bij degene met wie je je verhaal deelt? Het Centrum Seksueel Geweld van de GGD schrikt sommigen bijvoorbeeld al af vanwege de naam.” Hulp moet toegankelijker, luidt haar conclusie, “en daarbij moet er ook specifiek aandacht zijn voor de internationale gemeenschap die de Nederlandse taal niet altijd machtig is. Bovendien zal er bij professionals nog meer moeten worden ingezet op bejegening, dat ze zich bewust zijn van victim blaming.”

Behalve voorlichting – “empowerment van doelgroepen” – hoopt ze ook dat veiligheid binnen studentenorganisaties en sportclubs onderwerp van gesprek wordt.
Heuperman ziet handhaving als een sluitstuk. “In Rotterdam wordt handhavend opgetreden omdat er in de APV een artikel is opgenomen dat straatintimidatie strafbaar stelt, maar het blijkt moeilijk stand te houden voor de rechter.”

De projectgroep Seksuele Intimidatie Maastricht, die Heuperman leidt, is een samenwerking van onder andere de GGD, gemeente, Mondriaan, de hoger onderwijsinstellingen, Rutgers Stichting, COC, HALT en politie. Ze zijn aangesloten bij het programma Veilige Steden van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. “De komende twee jaar gaan we proberen zo veel mogelijk voor elkaar te krijgen.” Naar de zomer, waarin hopelijk weer veel meer kan en mag, wordt reikhalzend, maar ook een tikje bezorgd uitgekeken. “Iedereen kan samen genieten op het terras of in het café. Euforie ligt op de loer, maar daarmee wellicht ook ongewenst gedrag.”

 “De automobilist ging naast ons rijden en bood 100 euro voor seks”
's Nachts alleen op straat
Catcalls of Maastricht