“Er is te weinig geld voor te veel studenten”

Actiegroep WO in Actie richt pijlen op nieuwe parlementariërs

06-04-2021

MAASTRICHT. Het standbeeld van Fons Olterdissen aan de Grote Looiersstraat en een groepje hoogleraren en docenten dragen een rode baret deze dinsdagochtend. Vijf man sterk, omdat ze vanwege corona niet mochten oproepen om te komen demonstreren. Actiegroep WO in Actie vraagt daarmee aandacht voor de benarde situatie in het hoger onderwijs. Het probleem in het kort: “Er is te weinig geld voor te veel studenten”, aldus Harro van Lente en Lies Wesseling, beiden hoogleraar en kartrekkers van de actie in Maastricht.

“De kabinetsformatie is in volle gang. Dit is het moment om daar aandacht voor te vragen”, zegt het duo. Overal in het land zijn er vandaag acties.  In Den Haag is die gericht op de nieuwe parlementariërs. Daar springt een aantal mensen van WO in Actie – onder wie VSNU-voorzitter Pieter Duisenberg – in de Hofvijver. Het water staat hen letterlijk aan de lippen. Ze willen een ‘normaal academisch peil’: een universiteit met minder werkdruk en genoeg ruimte om studenten goed op te leiden.

Er is een structurele onderfinanciering in het academisch onderwijs, zegt Wesseling. “Sinds 2000 is het aantal studenten met 68 procent toegenomen en de financiering per student met 25 procent afgenomen.” Er moet structureel meer geld komen om dit recht te trekken. Niet voor salarisverhoging, benadrukt Van Lente. “Maar om ervoor te zorgen dat we studenten het niveau kunnen bieden dat we in huis hebben, maar nu niet leveren omdat er geen geld is.”

Nu moeten er vaak compromissen gesloten worden. Waar je dan aan moet denken? Van Lente: “Het aantal toetsmomenten of andere feedbackgelegenheden gaan omlaag. Dat zijn juist momenten waarop studenten veel opsteken. Zelftests kunnen dat wel een beetje oplossen, maar dat is niet hetzelfde als wanneer er contact is met een ervaren onderzoeker.”

Om deze problemen op te lossen moet er daarom jaarlijks 1,1 miljard euro bij, zeggen de hoogleraren. Dat bedrag komt niet uit de lucht vallen, maar is berekend door een onafhankelijk onderzoeksbureau, PwC. “De financiering moet daarom op zijn minst naar de Europese norm van 3 procent van het Bruto Nationaal Product”, zegt Wesseling. “We zitten nu op 2,2 procent. Wij investeren minder dan de landen om ons heen, maar moeten ons wel met hen meten. Vooralsnog gaat dat goed omdat we doorwerken in vrije uren, maar op lange termijn is dat niet houdbaar.”

De wetenschap is een vak dat veel voldoening geeft, zegt Van Lente. “Maar dat is ook precies ons probleem. Er is zo veel krediet bij wetenschappelijk personeel dat we roofbouw plegen op onszelf en doorwerken in onze vrije tijd. Het is dat of inleveren op kwaliteit.” Wesseling: “Een mooi vak, maar al die geofferde vrije uren en de werkdruk zijn dingen die het werkplezier bederven.”

“Er is te weinig geld voor te veel studenten”
IMG_0627
IMG_0666