“Toen ik hem zag, wist ik dat ik hem beter wilde leren kennen”

Lichting 2020-2021, deel 3: eerstejaars psychologie Maike Prenzyna

24-05-2021

Ze is weer terug in Eschweiler, het kleine dorpje, net voorbij Aken, waar ze opgroeide. Eerstejaars Maike Prenzyna kreeg in januari opeens erge buikpijn. Vier maanden, acht dokters en drie operaties later is het nog steeds niet duidelijk waar die vandaan komt. Haar kamer in Maastricht moest ze opzeggen, maar ze steekt toch nog regelmatig de grens over om bij haar vriend en beste vriendin op bezoek te gaan. “Die dagen voelen als vakantie.”

Er is sinds januari geen dag voorbijgegaan dat Prenzyna geen pijn heeft gehad. “In eerste instantie dachten ze dat het mijn blindedarm was. Die was inderdaad ontstoken, dus die hebben ze eruit gehaald.” Maar de pijn hield daarmee niet op. “Iets raakt telkens ontstoken, waardoor mijn maag zich met vloeistof vult. Dat is nu al twee keer met een operatie verwijderd, maar de artsen weten niet waar de ontsteking vandaan komt. Ze denken dat het misschien zou helpen als ik aan de pil ga, omdat de pijn dan minder is, maar dat vind ik geen goede oplossing. Dan pak je alleen de symptomen aan, niet de oorzaak.”

Omdat ze zo vaak thuis aan het uitzieken was, heeft ze haar kamer in Maastricht opgezegd. “Ik vind het heel jammer, want ik zag er erg naar uit om onafhankelijk te zijn. Maar het was het financieel gezien niet waard. En ik waardeer deze tijd met mijn moeder ook enorm. Als je ziek bent, is er toch niets fijners dan bij je moeder zijn.”

Afleiding

Ter afleiding is Prenzyna aan het lezen geslagen. “Als ik iets voor mijn studie moet lezen, stel ik het altijd zo lang mogelijk uit, maar zodra het fictie is kan ik uren op de bank liggen lezen. Mijn vriendin Noa raadde me de Göttlich-trilogie aan.” Ze grinnikt. “Ik denk dat het voor 12-jarige meisjes is, maar ik vind het heerlijk dat het zo voorspelbaar is. Ik weet precies wat er in het volgende hoofdstuk gaat gebeuren.”

Wat ook helpt zijn de bezoekjes aan Noa en haar nieuwe vriend Joshua in Maastricht. “Ze wonen in hetzelfde appartementencomplex, zo heb ik hem leren kennen. Hij is half Nederlands, half Amerikaans en besloot afgelopen jaar naar Nederland te verhuizen. Het is puur toeval dat hij in Maastricht belandde; dit was het eerste appartement dat hij kon krijgen. We zagen elkaar bij Noa’s buren. Ik geloof niet in liefde op het eerste gezicht, maar toen ik hem zag wist ik meteen dat ik hem beter wilde leren kennen. Hij had hetzelfde. Sindsdien praten we iedere dag.”

De eerste prik

De grens oversteken betekent ook: regelmatige coronatesten. Duitsland eist een negatieve test van mensen die uit een hoog-risicogebied komen, zoals Nederland. “Gelukkig zit hier een testlocatie aan het eind van de straat, het is geen probleem.”

Bang om zelf corona te krijgen, hoeft Prenzyna niet echt te zijn: vorige week kreeg ze haar eerste prik. “Ik voel me er een beetje schuldig over. Ik kreeg ‘m omdat ik in een drogisterij werk en daarmee een essentiële werker ben. Maar ik ben ook 19 en afgezien van mijn buikklachten gezond. Het voelt gek dat ik ‘m al heb gehad, terwijl er nog zoveel mensen wachten, maar iedere prik is er een meer richting groepsimmuniteit. En ik kom wel met veel mensen in contact via mijn werk.”

In het echt

De studie staat op een iets lager pitje. “Ik mag vanwege mijn ziekte meer onderwijsgroepen missen. Ik ga me concentreren op één vak en doe het andere volgend jaar. Niet ideaal, maar het is niet anders.”

Dan zal ze waarschijnlijk ook voor het eerst een normale onderwijsgroep hebben. “Dat is zo’n raar idee. Ik studeer nu bijna een jaar en ik heb misschien vijf studiegenoten in het echt gezien. De rest ken ik alleen van een scherm. Ik haal altijd veel informatie over hoe iemand is uit hun lichaamstaal. Die zie je niet echt via Zoom, misschien heb ik wel een heel ander beeld van mensen dan wanneer ik ze onder normale omstandigheden had ontmoet. Ik ben benieuwd naar ieders verhalen als ik ze eindelijk kan zien. Dit lijkt misschien een slaperige tijd, maar ik weet zeker dat iedereen iets te vertellen heeft.”

Ze is nieuwsgierig naar hoe de wereld zal zijn na corona. “Blijven mensen op afstand? Of gaan ze juist extra veel bij elkaar zitten? Ik merk zelf dat ik meer contact heb met vrienden, al is het dan via appen en videobellen. Mensen zorgen meer voor elkaar, ook in de onderwijsgroep. Als iemand de literatuur niet heeft gelezen, zeggen we: ‘Kom, we doen dat samen’. Er is meer oog voor de realiteit waarin mensen leven, dat niet alles kan. Het is oké om soms nee te zeggen, om tijd voor jezelf nodig te hebben. Ik hoop dat we dat kunnen behouden.”

Wie zijn ze, de eerstejaars van 2020?

Wie zijn de nieuwe eerstejaars van de Universiteit Maastricht? Wat zijn hun dromen, hun plannen en verwachtingen? En hoe vergaat het hen dit jaar? Observant volgt dit academisch jaar zes nieuwelingen. We interviewen hen een aantal keer: de eerste keer in het najaar, vervolgens in januari/februari en als laatste in mei/juni.

“Toen ik hem zag, wist ik dat ik hem beter wilde leren kennen”
Maike Prenzyna