Wreed

Wreed

Eén sprekend feit: nul procent van de docenten op een gewone scholengemeenschap heeft zelf ooit de universiteit van binnen gezien

16-11-2021

Vorige week werden de resultaten van een RIVM-onderzoek onder 28.000 studenten bekend gemaakt. Maar liefst 26 procent van de studenten gaf aan in het voorjaar van 2021 ‒ de derde golf van de coronacrisis ‒ "af en toe of vaker" de wens te hebben gehad dood te zijn. Het is onderzoek van het RIVM, dus we moeten ervan uitgaan dat dit betrouwbaar is.

Wat laat dit zien? Dat kan maar één ding zijn, namelijk hoe oneindig wreed het is dat onze studenten is aangepraat dat zij met een vwo-diploma op zak in staat zijn om academisch onderwijs tot een goed einde te brengen. Ik weet dat gemopper over de kwaliteit van het onderwijs dat door latere generaties wordt genoten van alle tijden is, maar er is genoeg dat doet twijfelen aan wat er op die middelbare scholen allemaal gebeurt. Eén sprekend feit: nul procent van de docenten op een gewone scholengemeenschap heeft zelf ooit de universiteit van binnen gezien. Dat is niet veel, vooral niet wanneer diezelfde personen de leerlingen moeten voorbereiden op een academische studie.

De eigen waarneming bevestigt dit. Die 26 procent komt aardig overeen met het aantal studenten dat keer op keer toetsen moet afleggen of werkstukken opnieuw moet inleveren omdat ze het gewoon niet kunnen. Ik begrijp goed dat dat voor die studenten heel deprimerend is. Dat had hun moeten worden bespaard. Het is daarom wreed ten opzichte van die studenten, maar ook wreed ten opzichte van hun medestudenten, want driekwart van de onderwijstijd gaat zitten in het begeleiden en pamperen van het kwart dat tekort schiet. Het is ook wreed ten opzichte van de docenten, die graag op niveau met de studenten van gedachten willen wisselen maar nu het grootste deel van hun tijd kwijt zijn aan het verbeteren van taalfouten en het voorkauwen van trivialiteiten. En het is wreed ten opzichte van de samenleving, die belastinggeld verspilt en bovendien steeds meer te kampen krijgt met professionals die bij gebrek aan beter zijn aangenomen in functies waar ze niet thuis horen.

Outputfinanciering, gunfactoren, angst voor evaluaties, angst voor achterblijvende instroom, zucht naar populariteit... de verklaringen waarom er geen adequate selectie plaatsvindt, liggen voor het oprapen. Dit onderzoek zal daar geen verandering in brengen. Integendeel. Waar de onderwijsbobo's al eerder besloten om kostbare onderwijstijd in te ruilen voor yogalessen aan eerstejaars, zal dat alleen maar erger worden. Het juridische curriculum van de toekomst zal vermoedelijk bestaan uit één jaar groepstherapieën, één jaar de Donald Duck lezen (niet de oude jaargangen, die zijn te moeilijk) en één jaar heel voorzichtig wetboeken aaien. Met zo'n bachelor kun je dan aan een verkorte master van drie maanden beginnen en meteen doorstromen naar de Hoge Raad. Dat wordt een mooie tijd.

Fokke Fernhout, universitair hoofddocent aan de rechtenfaculteit