“Prediabetes is veel gevaarlijker dan we denken”

“Prediabetes is veel gevaarlijker dan we denken”

Pleidooi om mensen eerder te screenen op diabetes

04-11-2022 · Achtergrond

Veel artsen moeten er niets van hebben: mensen screenen op diabetes, nog voordat ze ziek zijn. Toch is dat noodzakelijk, zegt Coen Stehouwer, UM-hoogleraar interne geneeskunde. De orgaanschade is aanzienlijk, zoals steeds blijkt uit de resultaten van de Maastricht Studie.

Waren mensen vroeger alleen ziek als ze symptomen hadden, nu kun je patiënt zijn als specifieke waarden in het bloed te hoog zijn, zegt prof. Coen Stehouwer, hoofd interne geneeskunde bij het MUMC. "Je hebt diabetes als je bloedglucosewaarden boven een kritieke grens zitten. En die grens, niets meer dan een getal, staat niet in steen gebeiteld, maar is een afspraak tussen artsen. Iedereen onder de grens noemen we gezond en wie erboven zit, is ziek.”

Het blijkt een stuk ingewikkelder, zegt Stehouwer, die een en ander uitlegt met behulp van kleuren. Tussen gezond (wit) en ziek (zwart) zit bij diabetes een grijs gebied, waarin de bloedglucosewaarden zijn verhoogd maar onder de kritieke grens blijven. ‘Niet moeilijk over doen’, zeggen veel artsen. We behandelen alleen degenen die in de zwarte zone zitten. Maar wat als mensen in de grijze zone al flinke orgaanschade oplopen, zoals recent onderzoek uitwijst? Wat als ze qua gezondheid gemiddeld zeven jaar ouder zijn dan hun feitelijke leeftijd? 

Tegenstanders

Het grijze gebied heet prediabetes. Een kwart van de bevolking tussen 40 en 75 jaar ‘lijdt’ eraan. “Ze zijn niet ziek en merken er niets van, maar die verhoogde glucosewaarden zijn wel veel gevaarlijker dan we denken”, zegt Stehouwer. “Je ziet schade aan het hart, de zenuwen en de hersenen, met een verhoogd risico op depressie en dementie. Dat komt duidelijk en consequent naar voren uit analyses van de Maastricht Studie, het omvangrijke bevolkingsonderzoek in Zuid-Limburg.”

Niets doen is geen optie meer, zegt Stehouwer, die ervoor pleit om veertigplussers met overgewicht te screenen. Maar, zeggen de tegenstanders: als je het in de krant zet en iedereen boven de veertig onderzoekt, vang je veel mensen die in de witte zone zitten. Niet effectief dus en duur.

Stehouwer zweeft een gerichtere aanpak voor ogen: focus op mensen boven de veertig die te dik zijn en om wat voor reden dan ook bij de huisarts komen. “In de VS gebeurt dit al. Deels ook omdat diabetes en overgewicht daar grotere problemen zijn. In Nederland heeft een op de vijf mensen overgewicht, in de VS is dat een op de drie.”

Hongergevoel

Er speelt ook nog iets anders mee, zegt Stehouwer. “Als je diabetes hebt en overgewicht en 10 à 15 kilo kwijtraakt, kun je volledig herstellen. Alsof je de ziekte nooit hebt gehad, dus van zwart terug naar wit. Maar dat lukt natuurlijk beter als je in de grijze zone zit.”

Naast de leefstijladviezen zijn er nu medicijnen, de zogeheten  GPL1-agonisten, die helpen met afvallen. “Hiermee kun je 3 tot 5 kg kwijtraken. Maar met het sterke broertje van dit middel, dat in sommige landen al op de markt is, vallen mensen twee keer zoveel af. Het is zeer gewild en soms uitverkocht.”

De volgende generatie afslankmedicijnen staat ook al op touw, zegt Stehouwer: hiermee kun je vijftien tot twintig kilo afvallen. “Die zitten nog in de onderzoeksfase, maar over een paar jaar gaat iedereen ze gebruiken.”

Deze nieuwe geneesmiddelen zijn een game changer, zegt Stehouwer. “We hebben dertig jaar geknutseld aan dit soort medicatie maar dat was een total failure. Met het ene middel verbruikten mensen meer energie, wat slecht bleek voor hun hart. Terwijl andere medicatie zorgde voor depressies. De huidige medicijnen vertragen de ontlediging van de maag en beïnvloeden wel het hongergevoel maar niet de stemming. De verwachting is dat deze medicatie ook op de lange termijn veilig is, al moet dat uiteraard nog blijken.”

Krachttraining

Kortom, er breekt een nieuw tijdperk van afvallen aan, verwacht Stehouwer. “We lijken beet te hebben. Van de 1,2 miljoen mensen met diabetes in Nederland, zullen er in theorie 800 duizend verdwijnen, als ze zoveel kilo’s kwijtraken.”

In theorie, want intensieve begeleiding blijft belangrijk. “Je wilt niet dat patiënten ineens meer fastfood gaan eten, omdat ze de kilo’s toch gemakkelijk kwijtraken. Of dat ze stoppen met bewegen als ze op het streefgewicht zitten. Ook krachttraining is belangrijk omdat afvallen gepaard gaat met spierverlies.”

Hoe zit het dan met zijn pleidooi om mensen met prediabetes te screenen? Verliest dat niet zijn urgentie? “Nee, de nieuwe medicijnen moet je zien als een extra instrument om in een vroeg stadium in te grijpen. Om te zorgen dat mensen niet in het zwart belanden, maar van grijs terug naar wit gaan.”

Groot verschil: vet in buik of de billen

Lang gold de man als de gouden standaard in medisch onderzoek, en namen artsen aan dat ziekten zich bij beide seksen op dezelfde manier manifesteerden. Inmiddels blijken de verschillen in ziektebeeld groot, ook bij type 2 diabetes. Dat laat het proefschrift van Rianneke de Ritter zien, waarop ze onlangs promoveerde.  

Bekend is dat de kans op diabetes groter is bij mensen met overgewicht. Dan werkt het hormoon insuline minder goed, waardoor de bloedsuikerspiegel in het bloed stijgt. Maar voor het ziekteverloop maakt het wel uit waar die extra kilo’s zitten. 

Bij mannen belanden ze in en rond de buik. Daardoor steekt diabetes eerder de kop op, maar het vergroot ook het risico op hart- en vaatziekten. Buikvet veroorzaakt namelijk een hoger vetgehalte in het bloed, hoge bloeddruk en hogere ontstekingswaardes in het bloed – het zogenoemde metabool syndroom.”

Bij vrouwen belanden de extra kilo’s vooral in de billen en rondom de heupen. Dat is minder gevaarlijk, zegt De Ritter, waardoor diabetes langer op zich laat wachten en de kans op hart- en vaatziekten beduidend kleiner is. 

Frappant is echter dat dit medische voordeel subiet verdwijnt als vrouwen eenmaal diabetes hebben. “Na de billen en de heupen komt het extra vet dan alsnog in de buik terecht en dan stijgt het risico op hart- en vaatziekten snel. Uiteindelijk is het bijna net zo hoog als bij mannen.”