"We zijn als hele universiteit een onomkeerbaar pad ingeslagen, de urgentie is groot"

"We zijn als hele universiteit een onomkeerbaar pad ingeslagen, de urgentie is groot"

Binnen de UM wordt volop nagedacht over een ‘slimmer academisch jaar’

13-06-2023 · Achtergrond

MAASTRICHT. De Universiteit Maastricht wil een korter academisch jaar. Maar is het ideaalbeeld, één model waarbij alle opleidingen begin juni al stoppen met het onderwijs wel haalbaar? Momenteel wordt er onderzoek naar gedaan. Daarnaast experimenteren drie faculteiten met geld uit Den Haag. “Het allerbelangrijkste is vermindering van de werkdruk”, zegt rector Pamela Habibović.

“In vergelijking met België of Amerika hebben wij een heel lang academisch jaar”, constateert Thomas Cleij, decaan van de faculteit Science and Engineering. Zijn faculteit doet (net als de faculteiten Arts and Social Sciences en Health, Medicine and Life sciences) mee aan een landelijke pilot, bekostigd door het ministerie van Onderwijs. In totaal hebben veertien universiteiten en een hogeschool zich aangesloten. Hoe ze het academisch jaar inkorten, waar ze dus iets aanpassen, is aan hen. Voorwaarde: het mag niet ten koste gaan van de inhoud. De projecten lopen tot 2026.

Aaneengesloten weken

Op het moment dat het ministerie met het geld voor de pilots op de proppen kwam, had de UM het thema al een tijdje in het vizier, vertelt rector Habibović. Twee interne werkgroepen presenteerden eind 2022 hun ideeën waarna de decanen en het college van bestuur groen licht gaven voor een verdere uitwerking. Nu vindt er een haalbaarheidsonderzoek plaats, want welke gevolgen heeft een ingreep voor de wetenschappelijke staf, voor studenten en ondersteunend personeel? Habibović laat weinig los over het ‘model’ dat ze nastreven, maar wil wel kwijt dat “uit onderzoek blijkt dat docenten het meeste baat hebben bij een paar aaneengesloten weken ‘vrij’, bijvoorbeeld vier weken aan het einde”. 
Ook zegt ze dat in een ideale situatie de hele UM het jaar op dezelfde manier inricht. Het is belangrijk voor de interdisciplinariteit, schetst ze, voor (nog meer) samenwerking op onderzoeks- en onderwijsgebied. Dat werkt niet als een docent of onderzoeker van faculteit A een andere academische agenda heeft dan een collega van faculteit B.

Cleij is ervan overtuigd dat verandering onontkoombaar is: “We zijn als hele universiteit een onomkeerbaar pad ingeslagen, de urgentie is groot.” De pilots binnen de drie faculteiten vormen een apart traject, en nee, “het is niet zeker of die (volledig) geïntegreerd kunnen worden in het overkoepelende plan voor de UM”, zegt de rector. Wellicht zijn ze wel een deel van de oplossing.

Stages

Voorstanders van een korter jaar zijn er zeker, want wie wil nu niet meer rust en ruimte? Eindelijk tijd voor het bezoeken van congressen, onderwijsinnovatie, onderzoek of verlof. Ook studenten zouden ervan kunnen profiteren, zegt Cleij, doordat ze meer tijd hebben voor stages. Toch klinkt er ook kritiek, want het aantal studiepunten moet gelijk blijven. Worden er straks meer lessen in minder weken gestopt? Krijgen medewerkers het op een ander moment veel drukker? Cleij: “We zijn er inmiddels van overtuigd dat een slimmer academisch jaar zeker géén verslechtering is. Het zou kunnen dat de absolute werkdruk niet (meteen) vermindert, maar hopelijk wel de ervaren werkdruk, dat er meer rustmomenten zijn.”

De pilots: van een langer zomerreces tot af en toe een week vrij

Binnen de bachelor European Public Health wil de FHML acht-weekse blokken terugbrengen tot zeven-weekse, laat Mirjam oude Egbrink, wetenschappelijk directeur van het onderwijsinstituut, weten. Docenten en studenten snakken naar adempauzes. Reden om te experimenteren met her en der een week minder onderwijs waardoor docenten dan ‘onderwijsvrij’ zijn. Studenten zouden zich die week bijvoorbeeld kunnen voorbereiden op een volgend blok. Oude Egbrink: “Het academisch jaar zou dan feitelijk ook vier weken korter zijn, maar geen langer zomerreces inhouden.”

Naar dat laatste streven wel de faculteiten Science and Engineering (FSE) en Arts and Social Sciences (FASoS). “We willen een knip aan het einde”, zegt Cleij. Dat zou kunnen door een kort blok van vier weken, na kerst, weg te halen (dat heeft zijn voorkeur). Daardoor schuift alles op. “In principe zou het jaar voor iedereen begin juni moeten eindigen. Natuurlijk is ietsje uitloop niet te voorkomen, een diploma-uitreiking bijvoorbeeld of wat kleinere werkzaamheden, maar géén colleges, scriptiebegeleiding of examens.”
Volgens Cleij is het een mooie kans om de opleidingen “te moderniseren en beter te maken”. Tegelijkertijd is het een complex geheel: “Je kunt niet ‘zomaar’ vier weken eraf halen. Je hebt met nogal wat thema’s te dealen, bijvoorbeeld hoe de ECTS zijn verdeeld in opleidingen.” Taak is nu om op zoek te gaan naar de bottlenecks, zegt hij. In september 2024 willen de FSE en de FHML daadwerkelijk het academisch jaar ‘wijzigen’ (implementatiefase).

Bij FASoS draaien in de laatste periode van het academisch jaar geen reguliere blokken, mailt Patrick Bijsmans, vicedecaan onderwijs, maar zijn er wel deadlines van scripties en herkansingen. Daar wil men vanaf. Maar hoe organiseer je dat? Laatstejaars zouden bijvoorbeeld al eerder, in periode 5, moeten kunnen starten met hun scriptie. Hier moet tijd voor vrij worden gemaakt zonder dat je als opleiding aan kwaliteit inboet. Bovendien wil de faculteit voorkomen dat de werkdruk op een ander moment de pan uitrijst.

Auteur: Wendy Degens

Illustratie: Simone Golob

Tags: inkorten academisch jaar,slimmer academisch jaar, pilots,werkdruk

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.