Op de Facebookpagina Sharing is Caring beweert een Fasos-student dat ‘doping for exams’ - hij verwijst naar Adderall - schering en inslag is aan de Universiteit Maastricht. “Los van de vraag hoe eerlijk dit is, kun je je afvragen hoe gezond deze leeromgeving is?”
Op dezelfde pagina vragen studenten in alle openheid waar ze studiedrugs kunnen krijgen, zegt Bas Janssens, tutor bij het departement organisatie en strategie. “Eén keer zag ik een paniekerige oproep voor Adderall. ‘Help, kan iemand me vertellen waar ik dit kan kopen?’ Een ander reageerde: ‘Kom maar even langs in de bieb, dan regelen we wat.’ Een voormalig SBE-student heeft me uitgelegd hoe hij Ritalinpillen gebruikte, hoe hij tijdens het blok gas terugneemt en vóór het examen intensieve concentratiesessies belegt.”
Janssens benadrukt dat hij geen harde cijfers heeft maar nader onderzoek door de faculteit lijkt hem verstandig. Hoe veel studenten slikken smartdrugs? Hoe vaak? Wie is er gevoelig voor: degenen die goed of juist niet goed presteren?
31 procent
Op dat idee waren honours studenten van SBE vóór de zomer al gekomen. Ze hebben een vragenformulier naar 150 studenten gestuurd, en wat blijkt: één op de zeven studenten heeft weleens studiedrugs gebruikt. “Dat verraste me”, zegt Jacoline Kleijn. Ze is derdejaars fiscale economie en was een van de vijf studenten die aan het onderzoek meewerkte. “Als zoveel studenten al zo makkelijk toegeven dat ze stimulerende middelen gebruiken, dan zijn het er in werkelijkheid misschien nog meer.”
Misschien wel twee keer zoveel zelfs. Want twee jaar geleden hebben vijf honours studenten van Fasos 517 vragenlijsten uitgedeeld in alle faculteiten en daaruit bleek dat een kwart van de studenten minstens één keer aan de smart drugs heeft gezeten. Aan de SBE bleek dat percentage het hoogst: 31 procent. Direct gevolgd door de rechtenfaculteit: 30 procent.
De economen hebben de studiedrugs aangekaart in de universiteitsraad, omdat ze vinden dat dit niet alleen SBE maar de hele universiteit aangaat.
University College
Naast de aantallen gebruikers ging het de studentonderzoekers van SBE nog om iets anders: welke factoren bevorderen de consumptie van studiedrugs? Een belangrijke trigger blijkt stress, en daar heeft menig SBE-student last van, weet Kleijn. “Misschien studeren honours studenten meer dan gemiddeld, maar ik heb in ieder geval weinig tijd om te ontspannen. Eigenlijk ben ik zeven dagen per week met mijn studie bezig, en ik ken veel studenten die dat doen.”
Aan de SBE zitten studenten meer met hun neus in de boeken dan aan zusterfaculteiten, hoort de Duitser Lars Kracht vaak van collega-studenten die een tijdje in het buitenland hebben gebivakkeerd. Kracht is derdejaars internationale bedrijfskunde en eveneens een van de studentonderzoekers. “Daar komt bij dat we veel uit het hoofd moeten leren, wat de stress alleen maar vergroot. Ik denk dat Duitsers er nóg meer last van hebben, omdat cijferlijsten voor Duitse werkgevers heel belangrijk zijn.”
Stress maar ook een competitieve omgeving helpt niet om van studiedrugs af te blijven, zegt Kracht. “Dat begint al in het eerste jaar. Wie dan de beste cijfers haalt, mag als eerste zijn bestemming kiezen voor de buitenlandstage. Bij het University College gaat dat anders, daar weegt ook de motivatie mee.”
Imponeren
Dan is er de participatie in de onderwijsgroepen, zegt Kleijn. “Wie meer bijdraagt aan de discussie, krijgt een hogere beoordeling. In de praktijk draait het vaak om de vraag: wie heeft het hoogste woord? Een verlegen student, die misschien zijn zaken goed heeft voorbereid, vist dan achter het net. Docenttutoren zullen de stillen de beurt geven maar studenten doen dat nauwelijks.”
Zo ontstaat een “giftige atmosfeer in de onderwijsgroep”, zegt Kracht, met het gevaar dat studenten elkaar vliegen gaan afvangen. “Daar leidt de discussie onder, die sowieso al onder druk staat omdat er een hoop content besproken moet worden. Een snelle oplossing voor een probleem is dan handiger dan een hele discussie daarover.”
Dat is zeker een punt, zegt Huub Meijers, portefeuillehouder onderwijs. “Dan komen de ervarenheid en het inzicht van de tutor om de hoek kijken. Een ervaren tutor let niet op de hoeveelheid spreektijd maar op de inhoud van de bijdrage. ”
Janssens probeert de competitieve sfeer bewust te temperen, zegt hij, door een “aangenaam leerklimaat” te scheppen. “Ik wil voorkomen dat participeren een wedstrijd wordt, dat studenten willen laten zien hoeveel ze weten, anderen willen imponeren.”
Soft skills
Al met al ziet Meijers de sfeer op de SBE niet als competitief. “Ik weet dat studenten dat vinden, maar ik herken dat beeld niet. Wel overwegen we, mede omdat studenten daar al jarenlang over klagen, om de buitenlandranking aan te passen. Hoe we dat doen, weten we nog niet. Een motivatiebrief is met onze aantallen studenten geen haalbare kaart.”
Meijers weet ook dat studenten in hun ogen hard moeten werken en onder druk staan. “Maar ik hoor ook dat studenten hoge punten belangrijk vinden, dat ze denken dat werkgevers die eisen. Dat is nog maar de vraag. Een onderzoek van het ROA (Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt) wees uit dat Europese werkgevers daar helemaal niet om malen. Als je gemiddeld of hoger scoort, vinden die het best. Je blijkt alleen een probleem te hebben als je met de hakken over de sloot slaagt. In plaats van hoge cijfers waarderen werkgevers de soft skills als teamwork en presenteren. Dus ik wil maar zeggen: het hoeft niet altijd een negen te zijn. Maak een afweging. Daarmee kun je stress voorkomen.”
Bijwerkingen
Alles goed en wel. Maar hoe zit het nu met de smartdrugs? Moet de faculteit het gebruik ervan ontmoedigen dan wel bestrijden? Of zijn studenten oud en wijs genoeg om zelf die beslissing te nemen? “Lastige vraag”, zegt Janssens. “Ik ben nogal liberaal ingesteld en geneigd te denken dat volwassen mensen hun eigen afweging kunnen maken. Je wilt studenten in ieder geval niet betuttelen. Wel vind ik het belangrijk dat ze goed geïnformeerd zijn. Over recreatieve drugs is meer informatie beschikbaar dan over leerdrugs. De faculteit of de universiteit kan daar een rol in spelen, die zou studenten kunnen inlichten over de gevaren, effecten en bijwerkingen.”
Meijers vindt in ieder geval dat de middelen, voor zover het medicijnen zijn, uitsluitend op dokters recept verkregen moeten worden. “Ook omdat gebruik, zeker op de lange termijn, schadelijk kan zijn voor de gezondheid.”