Wereldwijde medische richtlijnen aangepast na Maastrichts onderzoek

Wereldwijde medische richtlijnen aangepast na Maastrichts onderzoek

Dissertatieprijs 2021 voor Estelle Nijssen

16-05-2022 · Interview

Het is niet vaak dat onderzoek een bijna onmiddellijk én wereldwijd effect heeft. Zo wel bij het promotieonderzoek van Estelle Nijssen, stafonderzoeker beeldvorming in het MUMC+ en CARIM. Met haar team keek ze naar het nut van het toedienen van vocht voorafgaand aan een onderzoek met jodiumhoudende contrastvloeistof, om nierschade bij kwetsbare patiënten te voorkomen. Donderdag nam ze tijdens de Dies in de Sint Janskerk de Dissertatieprijs 2021 in ontvangst.

Alleen al in Nederland wordt ieder jaar meer dan een miljoen keer contrastvloeistof gebruikt. Patiënten krijgen het toegediend zodat bij bijvoorbeeld een CT-scan of dotterbehandeling organen en bloedvaten beter te zien zijn. Dit zou schadelijk kunnen zijn voor mensen met zwakke nieren, zoals ouderen of mensen met een nierziekte. Contrastnefropathie heet dat: acute nierschade, twee tot vijf dagen na de scan.

Is de schade er eenmaal dan is er niets meer aan te doen, dus zette men hoog in op preventie bij risicopatiënten. Vocht toedienen via een infuus zou contrastvloeistof minder schadelijk maken. “Dat infuus is best heftig voor de patiënt”, zegt Nijssen. “Die moet daar minimaal een dag voor worden opgenomen. Daarnaast hangen nierproblemen vaak samen met hartproblemen en het hart kan dat extra vocht niet altijd even goed aan. In die gevallen werd het heel langzaam, verspreid over 24 uur, toegediend.” Al die tijd ligt iemand in het ziekenhuis. “Terwijl een scan zoals een CT zonder dat infuus geen opname vereist en snel gedaan is. Ook werd de scan wel eens uitgesteld omdat er geen bed beschikbaar was.” En dan zijn er nog de financiële kosten: 50 tot 100 miljoen per jaar in Nederland.

Geen controlegroep

Desondanks waren dit de richtlijnen, overal ter wereld. “In Nederland was het zelfs een vereiste, ziekenhuizen werden hier streng op gecontroleerd.” Wat Nijssen verbaasde toen ze naar de literatuur keek, was dat er nergens een studie was gedaan met een controlegroep. “Alle onderzoeken vergeleken de ene vorm van hydratie met de andere, nergens had men met een controlegroep gewerkt die geen vocht kreeg en dat is de enige manier om te weten of iets echt werkt.” Dat was de aanleiding voor het AMACING-onderzoek, een samenwerking tussen de afdelingen interne geneeskunde, cardiologie en beeldvorming van het MUMC+.

Honderden risicopatiënten die om allerlei redenen contrastvloeistof kregen, deden mee aan het onderzoek. De helft kreeg wel vocht, de andere helft niet. Tot ieders verrassing, inclusief het onderzoeksteam zelf, was er geen enkel verschil tussen de twee groepen. “Je kunt nierschade meten in het bloed aan de hand van een bepaald stofje. Bij beide groepen was het ongeveer gelijk, 2.6 en 2.7 procent. Niemand hoefde aan de dialyse, we zagen geen gerelateerde sterfgevallen. Wat we wel zagen was dat mensen die het vocht kregen daar soms bijwerkingen van hadden. Hartfalen, benauwdheid. Het had dus geen voordelen, maar wel nadelen.”

Aangepaste richtlijnen

Nijssen en haar team publiceerden de resultaten in The Lancet en daarna ging het snel. “Binnen een jaar waren de richtlijnen aangepast en werd het extra vocht voor deze patiënten afgeschaft, overal. Ik was verbaasd over het tempo, ik had verwacht dat anderen het onderzoek eerst zouden herhalen. Al waren de resultaten wel erg duidelijk.”

Verrassing

De Dissertatieprijs kwam als een complete verrassing. “Dat vind ik er zo leuk aan. Voor veel prijzen moet je jezelf aanmelden en ik ben niet zo van de podia en de camera’s. Hier had ik echt geen idee van. Het komt ook op een mooi moment. We hebben net een nieuw artikel ingediend met de 5-jaars resultaten en daarmee is dit project echt helemaal afgerond.”

Auteur: Cleo Freriks

Foto: Joey Roberts

Tags: dissertatieprijs,dies2022,nanne de vries,estelle nijssen,amacing,mumc,onderzoek,ctscan,contrastvloeistof,nierfalen,lancet

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.