Inflatie voor studenten UM: Minder terrasjes, boodschappen op de markt en geen chocola

Inflatie voor studenten UM: Minder terrasjes, boodschappen op de markt en geen chocola

Wat merkt de Maastrichtse student van de torenhoge inflatie?

22-09-2022 · Achtergrond

MAASTRICHT. De inflatie is historisch hoog. Een gemiddeld Nederlands huishouden betaalde in augustus voor de alledaagse goederen en diensten – denk aan huur, boodschappen, benzine, elektriciteit – 12 procent meer dan in diezelfde maand vorig jaar. Mensen met weinig geld worden het hardst getroffen door de hogere prijzen. Studenten horen doorgaans tot deze groep. Wat merkt de Maastrichtse student ervan?

Een ding is zeker. Wie op zichzelf woont, merkt het dagelijks in de supermarkt. Iedereen let meer op, klinkt het. Want als de prijzen niet hoger zijn geworden, dan zijn de verpakkingen wel kleiner, zegt Xavier, masterstudent Biobased Materials. “Als je op de bonnetjes kijkt, dan schrik je wel.”

Het bedrag onder de streep is soms bijna twee keer zo hoog als een jaar geleden, zegt Joep, masterstudent Strategic Corporate Finance. Drie keer per week kip eten doet hij sinds kort bijvoorbeeld niet meer. “Die eiwitten zijn goed als je veel sport. Ik ben geswitcht naar goedkopere producten met veel eiwitten: linzen en kikkererwten bijvoorbeeld. Met dat soort dingen vang ik het op.” De Jumbo is dichterbij, maar de “grote boodschappen” doet hij bij de Lidl. “Alleen voor kleine dingen ga ik naar de Jumbo”. Om de prijsstijgingen het hoofd te bieden gaven zijn ouders zijn broers en hem een “inflatievergoeding” van honderd euro per maand. Verder werkt hij zo’n acht uur per week en leent hij maximaal, al verdwijnt het grootste gedeelte van die centen op de beleggingsrekening.

Stracciatellayoghurt

Judith, masterstudent Health and Social Psychology, geeft 25 euro per week uit aan boodschappen. Tijdens haar bachelor in Wageningen was dat nog 15 euro. Nu ze in Maastricht woont eet ze minder vaak thuis bij haar ouders in Den Haag. Ze verwacht dan ook meer uitgaven in de supermarkt. “Maar ik ben ook gewisseld naar goedkopere producten.” Zo eet ze nu gewone yoghurt in plaats van haar favoriete stracciatellayoghurt. “Die was 40 cent omhooggegaan. Als dat bij tien producten gebeurt, ben je vier euro meer kwijt.” Judith leent niet. Haar ouders helpen en ze werkt als caissière bij de Jumbo. 

Het gros van de veertien studenten die Observant sprak, houdt tegenwoordig aanbiedingen in de gaten. Xavier: “Vooral dingen die je lang kunt bewaren koop ik niet meer voor de volle prijs. Bijvoorbeeld wasmiddel, aanmaaklimonade, groenten in blik.” Sjuul, derdejaars Economics and Business Economics: “Heb je gezien wat een losse tomaat kost in de supermarkt? Voor groenten en fruit ga ik naar de markt.”

Zangles

Een andere populaire manier om de prijsstijgingen op te vangen is om minder uit te geven in de kroeg of op het terras, klinkt het unaniem. Xavier: “Een biertje kost nu drie euro. Ik ga minder snel naar het terras of ik drink wat minder.” De Duitse Juliane, vierdejaars European Law, verruilt het terras tegenwoordig door een biertje of gin-tonic bij vrienden thuis.

Maud, eerstejaars rechtsgeleerdheid, gaat helemaal niet naar het terras. “Mijn studiegenoten gaan regelmatig na de onderwijsgroep wat drinken, maar dan ga ik niet mee. Ik heb achthonderd euro per maand te besteden. Daar moet ik de huur, boodschappen, studie en leuke dingen van betalen. Ik wil graag op zangles, maar daarvoor moet ik eerst een bijbaan vinden. Ik ben dringend op zoek.”

Ook op hobby’s wordt gekort dus. In het sportcentrum zit de Duitse Alexander, eerstejaars psychologie, te studeren. Aan zijn armen te zien komt hij daar regelmatig; en niet alleen om te lezen. “Ik koop minder supplementen en als er op de verpakking staat dat je drie pillen in een keer moet nemen, dan pak ik er maar een.”

Volle wasmachine

In een gesprek over inflatie kunnen de onderwerpen ‘elektriciteit’ en ‘gas’ niet ontbreken. De studenten die nog geen huurverhoging hebben gehad, houden hun hart vast voor de eindafrekening. Mareks, derdejaars Economics and Business Economics uit Letland, moet sinds de afgelopen lente vijftig euro meer voor gas, water en licht betalen. Zijn kamer van vijftien vierkante meter kost nu 325 euro. “Nieuwe huisgenoten die een soortgelijke kamer hebben betalen vierhonderd. Ik ben bang dat er voor mij ook een flinke stijging komt.” Een veel gedeelde angst. De Belgische Louise, masterstudent Health Education and Promotion, haalt stekkers uit het stopcontact als ze de apparaten niet gebruikt en zet de wasmachine alleen nog maar aan als ‘ie vol zit.

Haar Duitse vriendin Lena, masterstudent Global Health, heeft een auto, maar die gebruikt ze steeds minder. “Mijn familie woont net over de grens. Ik pak tegenwoordig vaker de trein. Mijn auto rijdt op gas en die prijs is van zestig cent naar een euro gegaan. Als mijn auto op benzine zou rijden, zou ik hem verkopen.”

Chocolade

Iedereen merkt dat de prijzen stijgen, maar vooralsnog heeft niet iedereen daar last van. Delana, masterstudent biomedische wetenschappen, woont bij haar ouders in Amby. “Ik heb geluk met mijn situatie”, beseft ze. Ze werkt als bijlesstudent en in een kaaswinkel. Het gros van haar inkomsten gaat naar benzine voor haar auto, waarmee ze naar de universiteit rijdt. Die laat ze “nog niet” staan, maar ze legde vorige week in de supermarkt wel haar favoriete Côte d'Or chocolade terug in het schap. “Ik had er echt zin in, maar het kostte nu vier euro. Dat vond ik te duur.”

Omdat het over financiën gaat wilde een groot deel van de geïnterviewde studenten niet met hun achternaam in de krant.