Afgelopen voorjaar gingen de gemeente en de Universiteit Maastricht een samenwerking aan met Hospi Housing. Het doel: in twee jaar tijd zo’n honderd studenten onderbrengen bij lokale hospita, ofwel hosts, zoals de organisatie ze noemt. Dat is haalbaar, denkt Daan Donkers, oprichter van Hospi Housing, nu de pilot een aantal maanden loopt. “Er hebben zich al ongeveer vierhonderd Maastrichtse studenten gemeld op onze website. Met name internationals zijn geïnteresseerd. Bij hen is de nood aan een (tijdelijke) woonplek vaak hoger. Bovendien staan ze er meestal meer voor open, omdat wonen bij gastgezinnen of hosts in hun thuisland gebruikelijker is.”
Andersom is de animo lager: zo’n veertig Maastrichtenaren hebben zich bij Hospi Housing gemeld. Bij ongeveer de helft woont inmiddels een student in huis, bij de anderen vond nog geen match plaats. Om uiteindelijk honderd studenten te plaatsen, zijn er zo’n vijftig hosts nodig, verwacht Donkers. “We zien vaak dat ze bij ons terugkeren nadat een student vertrekt.”
Is dat aantal haalbaar? Donkers meent van wel. “Er zijn geïnteresseerden die zich nog niet officieel aangemeld hebben, bijvoorbeeld omdat ze wachten totdat hun zoon of dochter uit huis gaat.” Daarnaast heeft hij de indruk dat Maastrichtenaren nog moeten wennen aan het concept. “We zien veel reacties van mensen die niet weten dat hospitaverhuur mogelijk is. En welke voordelen het heeft: het is gezellig, tijdelijk, je helpt iemand én verdient er zelf wat geld mee.”
Privacy
Plus je leert veel over andere culturen, vertelt Doris Boshuis, die zich dit voorjaar als eerste Maastrichtse host meldde bij Hospi Housing. Voor haar is het concept verre van nieuw: ze verhuurt de zolderkamer in haar huis in De Heeg al sinds 1996 aan studenten van over de hele wereld, van Saudi-Arabië tot Botswana en van Bhutan tot Peru. “Toen mijn twee dochters uit huis gingen, had ik een hele gezinswoning voor mijzelf. Dat vond ik niet zo sociaal.”
Ze hoopt dat anderen haar voorbeeld volgen. “Hier in de buurt kan ik zo al tien huizen aanwijzen waar iemand in z’n eentje woont. De gemeente en huurbazen zouden hen moeten stimuleren studenten in huis te nemen. Ik snap dat mensen bang zijn om hun privacy te verliezen, maar je zit echt niet constant naast elkaar op de bank. Op sommige dagen hoor ik de student alleen de deur in en uit gaan.”
Aanrader
Boshuis heeft momenteel de 19-jarige Benjamin Huggle uit Berlijn in huis. Hij is net met zijn bachelor Economics and Business Economics begonnen. “Tijdens de INKOM sliep ik bij mijn nicht in Aken, maar een enkele busrit kost acht euro. Dat was niet vol te houden. Ik heb zelfs overwogen om tijdelijk op een camping te gaan staan.”
Wat hem betreft is inwonen bij een host een absolute aanrader. “Ik kan me nu volledig op mijn studie focussen, in plaats van constant bezig te zijn met het vinden van een eigen plekje. Als de kamermarkt straks weer wat rustiger is, ga ik op mijn gemak zoeken. Tot die tijd woon ik hier prima.” En voor een nieuweling is in de eerste weken samenwonen met een local niet eens zo verkeerd, merkt hij op. “Doris maakt mij overal in de stad wegwijs.”