Koninginnenmoord

Koninginnenmoord

De hogelijk gewaardeerde gevoeligheid slaat kennelijk gemakkelijk om in moordzucht

11-10-2022 · Medewerkerscolumn

Afgelopen voorjaar moest Nilüfer Gündogan het veld ruimen bij Volt vanwege “grensoverschrijdend gedrag”. Onlangs verliet de alom geprezen voormalig Kamervoorzitter Khadjia Arib de Kamer, nadat ze om dezelfde reden tot lijdend voorwerp van een parlementair onderzoek werd gebombardeerd. Het is wrang dat de alom bekritiseerde huidige Kamervoorzitter Vera Bergkamp dit onderzoek leidt.

Arib “knakte de ene na de andere ambtenaar” zo kopt het NRC op 3 oktober waarbij men onvermeld laat dat de hervorming van het ambtenarenapparaat Aribs verklaarde opdracht was. Who’s next? Als ik op twitter lees wat de hashtag #Hexit uit het riool trekt, dan acht ik Sigrid Kaag een goede kanshebber. Maakte ze onlangs niet een autoritair gebaartje naar Bergkamp?

De vraag is niet alleen of deze aantijgingen ‘waar’ zijn. De aangeklaagden lijden namelijk onherstelbare reputatieschade voordat onderzoekscommissies hun werk hebben gedaan. Bovendien dringen zich ook andere vragen op: wat als deze vrouwen mannen waren geweest? Was hun loopbaan dan ook verwoest, of werden ze juist als ‘sterke leiders’ gelauwerd? Het bekladden van vrouwelijke leiders stoelt immers op een lange traditie van misogynie. Angela Merkel werd als Oberhexe besmeurd, Hilary Clinton als the wicked witch of the left, het overlijden van Margaret Thatcher werd gevierd met de single Ding-Dong! The Witch is Dead, en de moderne tijd werd ingeluid met daadwerkelijke heksenjachten. Een andere vraag: waarom werd de leiderschapsstijl van Arib niet tijdens haar voorzitterschap aangekaart, om haar een kans tot bijsturing te gunnen? Moed lijkt het afgelegd te hebben tegen slachtofferisme.

De aantijging van “grensoverschrijdend gedrag” klinkt steeds vaker op in een tijd waarin de grenzen tussen genders, etniciteiten en seksuele voorkeuren diepgaand ter discussie worden gesteld. Dat zou bevrijdend kunnen zijn, ware het niet dat deze waardevolle kritiek dikwijls gepaard gaat aan een sensibiliteitscultuur die ego-krenkingen wreekt met doodsteken. De hogelijk gewaardeerde gevoeligheid slaat kennelijk gemakkelijk om in moordzucht. De politieke loopbaan van Arib is over, maar de “geknakte” ambtenaren maken zich op voor hun onthaal bij Bergkamp.

De beruchte achterkamertjespolitiek van de kabinetten Rutte is uitgebreid met de even slinkse manoeuvres van onderdeurtjespolitiek. Dat vind ik minstens zo erg.

Lies Wesseling, professor Culturele Herinnering, Gender en Diversiteit