“Als Rianne Letschert woorden als ‘nationalistisch’ gebruikt, werkt dat onnodig polariserend”

“Als Rianne Letschert woorden als ‘nationalistisch’ gebruikt, werkt dat onnodig polariserend”

Discussieavond over verengelsing in het hoger onderwijs

20-10-2022 · Achtergrond

“Waarom staat hier niet gewoon bieb?” De Nijmeegse hoogleraar Nederlandse literatuur- en cultuurgeschiedenis Lotte Jensen, staat achter het katheder in de Aula op de Minderbroedersberg en wijst naar een foto van de Universiteitsbibliotheek Binnenstad. ‘Library’ staat er groot op het raam.

Voor Jensen, in Maastricht voor een discussieavond over de verengelsing van het hoger onderwijs, een voorbeeld van “waar het misgaat” als Engels de dominante taal wordt op een universiteit. “Dit is heel vergaand en heeft consequenties voor de identiteit van de universiteit en de identiteit van de stad. Wat straal je uit? Je zou hier op z’n minst gewoon ‘universiteitsbibliotheek’ kunnen zetten en dan eventueel – kleiner – eronder de Engelse vertaling. Dan leren buitenlandse studenten meteen twee nieuwe woorden: universiteit en bibliotheek.”  

Internationalisering

Jensen is een van de twee sprekers tijdens de door Studium Generale georganiseerde avond in het kader van de zevende ICLHE-conferentie (Integrating Content and Language in Higher Education) deze week in Maastricht. De andere spreker is Abram de Swaan, emeritus hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Amsterdam.

Blijkens een berichtje op Twitter had Jensen zich verheugd op een debatje met collegevoorzitter Rianne Letschert. Die liet onlangs in een reactie op de terugkerende discussie over internationalisering en de bijbehorende verengelsing aan het begin van een nieuw academisch jaar de woorden ‘nationalistisch’ en ‘populistisch’ vallen. Onnodig polariserend, volgens Jensen. “Heel teleurstellend.” En bovendien niet waar, zegt ze. “Ik ben niet tegen Engels en draag internationalisering een warm hart toe”, benadrukt Jensen. “Internationalisering is heel leerzaam, maar moet het altijd in het Engels? Ik heb net de Erasmus leerstoel aan de Université Catholique de Louvain gekregen om het Nederlands over de grenzen te promoten, dat is óók internationalisering. Buitenlandse studenten die hier komen studeren en Nederlands leren net zo goed.” Letschert was niet aanwezig om te reageren.

Dat universiteiten er dan toch voor kiezen om de opleidingen in het Engels aan te bieden (Jensen: “Ik ben ervoor dat ze ook in het Nederlands beschikbaar zijn”) komt ook door hoe ze gefinancierd worden, merkt De Swaan op. Op die manier trekken ze meer (buitenlandse) studenten en “de universiteiten worden per student betaald. Dat is een perverse prikkel. Maar om eerlijk te zijn, als buitenlandse studenten twijfelen waar ze moeten studeren zeg ik ook Nederland. Goed onderwijs tegen een relatief lage prijs – a good deal zouden zij zeggen.”

Meertaligheid

Jensen en De Swaan zijn het over de meeste aspecten eens, maar niet over meertaligheid. Waar Jensen pleit voor het stimuleren van meerdere talen op een universiteit – dus niet alleen Engels en Nederlands, maar ook Duits, Frans, Spaans, etc.- denkt De Swaan dat dat “een rommeltje” wordt. “We hebben die strijd verloren van het Engels. Maar laten we wel onze eigen taal behouden. Dat heeft ook te maken met eigenwaarde, zelfrespect. Je maakt jezelf belachelijk als je je als Stadsschouwburg International Theatre Amsterdam gaat noemen. Stadsschouwburg is een prachtig woord.” En hij doet tot hilariteit van de zaal nog even voor hoe dat klinkt als een buitenlander het uitspreekt; de ‘stadsskoewburgh’.

Vraag je voordat je overstapt op het Engels drie dingen af, zegt hij. “Voor welk niveau is het bedoeld, voor welk vak en voor wie. Collega-wetenschappers van over de hele wereld kunnen gewoon Engels met elkaar praten, maar wil je wetenschap vertalen naar het brede publiek dan doe je dat het beste in je eigen taal.”

Verloren kennis

Door altijd de voorkeur te geven aan Engels gaat er volgens beide sprekers iets verloren in de kennisoverdracht. Jensen: “Het vocabulaire is minder, je kunt geen grapjes maken, ironie en nuances gaan verloren. Je verhaal wordt minder rijk.”

“Ik heb 4-5 boeken en 20 artikelen in het Engels geschreven en toch vind ik mijn Engels niet veel soeps”, zegt De Swaan. “Waarom niet? Omdat ik ´niet veel soeps´ niet in het Engels kan zeggen. Ik ben niet opgegroeid in die taal, heb de kinderliedjes niet gezongen.”

Wanneer Jensen haar verbazing uitspreekt dat een vak als psychologie wordt onderwezen in het Engels (“Je hebt het dan over de gemoedstoestand van mensen, over hun gevoelens.”), komt er tegenspraak uit het publiek in de persoon van Harald Merckelbach, decaan van de faculteit psychologie en neurowetenschap (waar voornamelijk in het Engels les wordt gegeven). “Kunt u een empirische studie noemen waarin wordt bewezen dat kennisoverdracht aan kwaliteit inboet”, vraagt hij Jensen. Ja, dat kan ze, maar haar antwoord stelt hem niet tevreden: “Dat is een héél slechte studie.” Jensen noemt een paar andere voorbeelden en voegt eraan toe dat lesgeven in het Engels niet altijd tot taalarmoede leidt, “maar het vergt veel oefening om het goed te doen. En zelfs dan lukt het niet iedereen.”

Nieuw offensief tegen Engelstalig onderwijs

Universiteiten moeten onmiddellijk weer in het Nederlands gaan lesgeven, vindt Beter Onderwijs Nederland. Met negentien open brieven aan minister, bestuurders en toezichthouders begon de vereniging, die al jarenlang een felle strijd voert tegen de verengelsing van het hoger onderwijs, afgelopen week een nieuw offensief.

Volgens BON heeft Engelstalig onderwijs allerlei nadelen, bijvoorbeeld voor afgestudeerden op de Nederlandse arbeidsmarkt. Bovendien komen Nederlandse onderwerpen niet goed aan bod in Engelstalige opleidingen, “wat leidt tot inhoudelijke verschraling en een grotere afstand van de universiteit tot de rest van de samenleving”, staat in een verklaring.

De actiegroep wijst op de wet, waarin staat dat het hoger onderwijs de Nederlandstalige ‘uitdrukkingsvaardigheid’ van Nederlandse studenten moet bevorderen. In een ander artikel staat dat het onderwijs en de examens – uitzonderingen daargelaten – in het Nederlands moeten plaatsvinden.

De Onderwijsinspectie heeft in 2019 vastgesteld dat opleidingen zich niet goed aan de wet hielden. Ze konden niet allemaal uitleggen waarom hun onderwijs Engelstalig moest zijn, maar dat heeft geen gevolgen gekregen.

“Juridisch gesproken is verengelsing van het onderwijs uiterst dubieus, om niet te zeggen onrechtmatig”, zegt filosoof Ad Verbrugge, voorzitter van BON. In zijn ogen is de oplossing simpel: “We moeten de huidige wet handhaven. Laten we om te beginnen zorgen dat iedere bacheloropleiding minstens zestig procent van de vakken in het Nederlands aanbiedt. Het is gek dat iedereen nu zegt dat de situatie onhoudbaar is geworden en dat de overheid met wetgeving moet komen. De wet ligt er gewoon.”

De vorige minister, Ingrid van Engelshoven, loodste een wetsvoorstel door de Tweede Kamer dat de positie van het Nederlands in het hoger onderwijs zou versterken en dat de instroom van buitenlandse studenten beter beheersbaar zou maken. Maar na de val van het kabinet is dat voorstel bij de Eerste Kamer blijven steken. Minister Dijkgraaf heeft het inmiddels ingetrokken en werkt aan een eigen voorstel. BON vindt dat niet snel genoeg gaan.

HOP

Auteur: Cleo Freriks

Foto: Trid India via Pixabay

Tags: nederlands,engels,verengelsing,internationalisering,conferentie,taal,taalbarriere,taalstrijd,academische taalgebruik,jensen,de swaan

Reacties

Presley Bergen

Laten we het zeggen zoals het is. Uit alle Nederlandse literatuur blijkt dat we aan een taal-cultureel minderwaardigheidscomplex lijden. Wij zeggen BIEBIECIE i.p.v. beebeebcee maar heb je een Engelsman ooit NCRV (encee-er-vee)horen zeggen? We zeggen tegen de Hamburgse voetbalvereninging hamboerger-es-vouw (HSV). Maar een Duitser heb ik nooit PE-ES-VEE horen zeggen.
Lees "De Spaenschen Brabander van Bredero en misschien wordt dan duidelijk waarom men in Nederland zich erop voorstaat steenkolen Engels te fabriceren i.p.v. hoogstaand Nederlands. We hebben Nobelprijzen gewonnen door mensen op Nederlandse universiteiten die onderwezen in het Nederlands. Als docent op een verengelste hogeschool internationaliseert niemand. Alle nationaliteiten trekken bijelkaar met elkaar op.
De internationale onderonderzoekstaal is Engels. Dat is het sinds mensenheugenis. Dat is het ook voor Fransen, Duitsers, Zwiters, Italianen, Japanner en Chinezen. Maar die publiceren allemaal in uitstekend Engels zonder dat er noemenswaardig in die landen onderwijs in het Engels gegeven wordt. Als je toch wilt dat studenten goed Engels spreken en schrijven aan het eind van hun studie, zet er dan een batterij goede docenten Engels op. Daar heb je veel en veel meer aan. Een afgestudeerde student aan hogeschool of universiteit die steenkolen Engels spreekt en zijn moedertaal slecht op middelbare schoolniveau beheerst, wil geen enkele organisatie. 95% van de bedrijven in NL vraagt hoog opgeleiden met dito niveau Nederlands.
Verengelsing heeft dus te maken met misplaatste gevoelens van meerwaarde en niets, maar dan ook helemaal niets met internationalisering.
Ik ben overigens een buitenlandse docent.

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.