Waar bij de meeste universiteiten het aantal nieuwe bachelorstudenten daalt, stijgt dat getal aan de UM. Ruim 5300 kwamen erbij, een stijging van 7,4 procent ten opzichte van vorig jaar. Dat blijkt uit nieuwste (voorlopige) tellingen. Daartegenover staat de lagere instroom in de Maastrichtse masterstudies. Dit jaar begonnen er 3395 masterstudenten aan hun studie: ruim 17 procent minder dan vorig jaar. Landelijk daalt dat getal minder hard: in totaal zijn er 124 duizend masterinschrijvingen. Vorig jaar waren dat er vierduizend meer. Een daling van ruim 3 procent.
Een precieze verklaring voor de enorme terugval bij de masterinschrijvingen in Maastricht is er (nog) niet, laat de woordvoerder van de UM weten. “Het lijkt erop dat 2020 en 2021 – de coronajaren – piekjaren waren. De UM piekte harder dan andere universiteiten en daalt nu ook weer het hardst.” Wel is het zo dat “2022 weer net boven het niveau zit van 2019”.
Vooral de opleidingen van de Faculty of Arts & Social Sciences (FASoS) zijn in trek. De totale instroom stijgt daar met 12,4 procent. Ook bij de Faculty of Science and Engineering is er een stijging te zien: daar zijn er een kleine 9 procent meer studenten dan vorig jaar.
Bij de andere faculteiten daalt de aanwas. De School of Business and Economics kent de grootste krimp: ruim 17 procent ten opzichte van vorig jaar. Bij de andere faculteiten blijft de daling van de aanmeldingen onder de 5 procent.
De verhouding Nederlandse en buitenlandse studenten aan de UM is vergelijkbaar met vorig jaar: 43 procent Nederlanders, 57 internationale.
Het lage landelijke inschrijvingscijfer in de bachelors komt hoofdzakelijk doordat er minder vwo’ers van start zijn gegaan. Meestal gaat ongeveer 70 à 75 procent direct naar de universiteit. Dit jaar is dat 67 procent. Waarschijnlijk wachten ze op de herinvoering van de basisbeurs. Ondanks de achterblijvende ‘vwo-aanmeldingen’, stijgt de aanwas in bij Maastrichtse bachelors dus. Een mogelijke verklaring daarvoor zijn meer buitenlandse inschrijvingen.