Gevraagd naar haar eigen ervaringen aan de universiteit erkent De Raeve dat er sprake is van een grote Europese diversiteit in de studentenpopulatie: “als je kijkt naar aantallen mensen uit verschillende landen, zou je het divers kunnen noemen. Maar er is bijvoorbeeld maar een heel kleine groep mensen van kleur.”
Als zo’n beetje de enige persoon van kleur in haar studiejaar heeft De Raeve wel eens te maken met ongepast gedrag wanneer het onderwerp ‘ras’ aan bod komt, zoals tutors die oogcontact blijven houden met personen van kleur in de groep. Ook wijst ze op algemene misvattingen die mensen hebben over Afrika als continent, maar ook op andere aspecten van diversiteit. Ze heeft bijvoorbeeld verscheidene situaties meegemaakt waarin tutors of medestudenten weigerden iemand aan te spreken met de persoonlijke voornaamwoorden die diegene het liefste gebruikt.
De Raeve vindt dat er voorlichtingscursussen over diversiteit zouden moeten komen. “In onderwijsgroepen hebben sommige docenten een beetje een ouderwetse manier van denken”, stelt ze, “volgens mij zouden ze moeten leren hoe ze moeten omgaan met een meer diverse groep studenten.”
Een diverse omgeving creëren houdt in dat je een groep personen samenbrengt uit verschillende culturen en verschillende manieren van leren en leven. De Raeve denkt dat de enige manier waarop dit kan lukken, is door open te staan voor dingen. “Mensen binnenhalen die divers zijn, betekent nog niet dat je een universiteit bent die goed met diversiteit omgaat,” legt ze uit. Diversiteit is pas de eerste stap op weg naar inclusie, en zonder inclusie betekent diversiteit helemaal niets.
Maria Zaccarian