Het spel
Spikeball of, zoals het ook wordt genoemd, Roundnet, is komen overwaaien uit de Verenigde Staten. Inmiddels begint het in Nederland ook aardig populair te worden. In Maastricht bestaat de studentenvereniging nu ongeveer vier jaar. Yuan Tjiam (31) is sinds een jaar de trainer, als enige werkende tussen alle studenten, en tegelijkertijd ‘aanvoerder’ van de ‘blotevoetenclub’. Glijd je dan niet snel uit? “Op nat gras zoals vandaag wel, maar zelf heb ik het gevoel dat ik zo wendbaarder ben.” Enthousiast staat hij klaar om te beginnen. “Iedereen is te laat, omdat het regent. Het zijn mietjes,” zegt hij lachend. Terwijl er nog wat leden komen aanwaaien, zijn de anderen al begonnen. Vier netten met bij elk net vier mensen. Met een klein geel balletje, ter grootte van een sinaasappel, wordt overgegooid. Niemand staat stil; er wordt gerend, gedoken en gesprongen. Tjiam legt uit: “Je speelt twee tegen twee. Eerst wordt de bal geserveerd door deze op het net te slaan. Daarna mag het andere team de bal maximaal drie keer raken, waarbij de laatste keer weer op het net gesmasht moet worden. Na het serveren zijn er geen vaste plekken meer; iedereen mag om het net heenrennen.” Het raken van de bal gebeurt overigens niet alleen met de hand, het hele lichaam wordt ingezet. “Als je wilt voorkomen dat de bal op de grond komt wanneer je tegenstander deze op het net heeft geslagen, gebruik je je hele lichaam om dit tegen te houden”, zegt Tjiam.
Teamspirit
Waar Tjiam de trainingen verzorgt, is de 21-jarige Nicolas Manneback (Bachelor European Studies) als voorzitter verantwoordelijk voor alles eromheen; van toernooien tot barbecues. Begin dit jaar heeft hij een groepsapp aangemaakt met alle leden. “Buiten de trainingen kunnen we ook spelen met spullen, die je dan leent van de vereniging. Als iemand zin heeft om te spelen, hoeft degene maar een bericht in de groep te sturen. Er zijn altijd wel liefhebbers.” Teamspirit is voor Manneback ook belangrijk. “Dat zit hier wel goed. Iedereen is vriendelijk, wat ook handig is tijdens het spelen. Er is namelijk geen scheidsrechter; je moet er dus samen uitkomen. Meestal lukt dat wel.” Daarnaast moeten de teams ook samen beslissen wanneer het spel voorbij is. Soms is dat wanneer een team als eerste 15 punten heeft, andere keren stopt het spel pas bij 21 punten.
Verschillende niveaus
De niveaus binnen de groep zijn zeer uiteenlopend. Manneback is zelf een jaar geleden begonnen zonder enige kennis over het spel. “Een vriend nodigde me uit om mee te komen doen. Ik had er nog nooit van gehoord, nu speel ik het elke dag.” Volgens hem is het een sport waar je snel goed in kunt worden. “Ik was niet zo goed toen ik begon, maar binnen twee maanden had ik het wel onder de knie.” Hoe gaat dat dan in teamverband met al die verschillende niveaus? Trainer Tjiam heeft daar iets op bedacht; “De spelers zijn opgedeeld naar niveau. Omdat er vier netten zijn, zijn er vier niveaus. Wanneer een team wint, mag het doorschuiven naar het volgende net en dus naar een hoger niveau.” En wie dacht dat dit alleen een spel was, heeft het mis. Er worden op zowel nationaal als internationaal niveau competities georganiseerd. Vorig jaar was er bijvoorbeeld een in Praag.
Vrouwen
En hoe zit het met de verdeling tussen mannen en vrouwen? De vereniging telt ongeveer twintig leden, onder wie vijf vrouwen. Eén van hen is de 21-jarige UCM-studente Elena Theile, die deze avond als enige vrouw tussen al dat testosteron aan het spelen is. “Het maakt mij niet uit dat er meer mannen zijn. Ik voel me niet minder.” Ook Theile kende de sport eerst niet. “Vroeger tenniste ik, maar na COVID wilde ik eens iets anders proberen. Op de website van UM sport zag ik Spikeball. Het leek me wel leuk.” En die verwachting kwam uit, want ook al is iedereen fanatiek, tijdens de training draait het volgens Theile nog steeds om één ding: lol maken.