“Wie het verleden controleert, controleert de toekomst”, en “wie het heden controleert, controleert het verleden”. Al vroeg in Het verhaal van Rusland citeert Orlando Figes uit George Orwells dystopische roman 1984. In Figes’ ogen is dat citaat “meer waar voor Rusland dan voor enig ander land”. Zijn vorig jaar verschenen boek laat zich dan ook lezen als een onderbouwing van die claim. Het is een compact overzicht van duizend jaar Russische geschiedenis, maar evenzeer van Russische geschiedschrijving: de manier waarop Russen zelf naar hun geschiedenis kijken en hoe dat de koers van het land mede bepaald heeft. Generaties Russische heersers hebben die geschiedenis volgens Figes vervormd tot mythes die hun machtspositie moesten schragen en hun besluiten rechtvaardigen.
Een soort god
In een gesprek via Zoom geeft hij een aantal steeds terugkerende voorbeelden: “Het principe dat de macht op het persoonlijk gezag van de heerser berust, die een soort god of heilige is. Het basisprobleem van de omvang van het land en dat het geen natuurlijke grenzen heeft. En het idee dat Rusland niet zomaar een land is, maar een heilig land, waardoor het zichzelf als een soort verlosser ziet. Voor westerlingen is dit alles moeilijk te begrijpen: wij denken over staten zoals ze zich hier hebben ontwikkeld, met een scheiding van kerk en staat en controlemechanismen in het machtssysteem. Rusland heeft zich anders ontwikkeld. In grote delen van de geschiedenis waren er geen controlemechanismen in de staat en woog de erfenis van het Byzantijnse rijk zwaar: daarin zijn kerk en staat twee kanten van dezelfde medaille.”
Akelig actueel
Daarover lezen zou hoe dan ook al boeiend zijn geweest: Figes is naast prominent Ruslandhistoricus ook een goed auteur. Sinds vorig jaar is het thema echter ook akelig actueel. Het verhaal van Rusland eindigt immers met de aanloop naar de Russische inval in Oekraïne. De voorgeschiedenis van Poetins oorlog was de directe aanleiding om aan het boek te beginnen, vertelt Figes. In 2016 onthulde de Russische president in Moskou een monument voor grootprins Vladimir, de man die rond het jaar 1000 het toenmalige Kievse rijk tot het christendom liet overgaan. Poetins toespraak versterkte Figes’ gevoel “dat het er dreigend uitzag voor Oekraïne: Poetin claimde dat de grootprins de stichter van de moderne Russische staat was”. Historisch gezien bestaat die directe lijn helemaal niet, maakt Figes in zijn boek duidelijk. Dat weerhoudt Poetin er echter niet van te concluderen dat Oekraïne historisch gezien altijd deel zou zijn geweest van een ‘groter Rusland’ en dat het dat zou moeten blijven.
Oorlogsverklaring
De Russische president herhaalde dat nog eens in een essay uit 2021 “over de historische eenheid van Oekraïne en Rusland”. In veel westerse ogen was het een curieus document vol dubieuze claims. Terugkijkend zouden we het volgens Figes echter als “een oorlogsverklaring” kunnen zien, “als Poetins historische rechtvaardiging van de invasie. Hij stelt dat Oekraïne geen echte natie is. Dat het, steeds als het zich los probeert te maken van het leiderschap van een Groot-Rusland, in handen valt van westerse machten die het dan tegen Rusland gebruiken. Dat de groeiende militaire aanwezigheid van de NAVO in Oekraïne aantoont dat het Westen een bedreiging voor Rusland is. En dat Rusland dus een sterke leider en een sterke staat nodig heeft om zichzelf te verdedigen. Dat zijn natuurlijk mythes, maar ze zijn belangrijk voor wie wil begrijpen wat er momenteel in Oekraïne gebeurt”.
Nieuw zijn zulke ideeën eigenlijk niet, schrijft u in uw boek.
“De meeste van Poetins mythes uit 2021 vind je al terug in ieder negentiende-eeuws Russisch geschiedenisboek. Ze zijn al zeker tweehonderd jaar lang basale Russische geschiedschrijving; alleen in de jaren negentig van de afgelopen eeuw waren alternatieve visies een korte tijd toegestaan. Het Westen heeft deze ideeën nooit zo serieus genomen als het misschien had moeten doen. Niet omdat het ze als historisch waar zou moeten erkennen, maar om beter te kunnen begrijpen waar de Russen vandaan komen en beter met hen om te kunnen gaan. En daarvoor moeten we niet alleen de Russische geschiedenis, maar ook de Russische geschiedschrijving bestuderen.”
Hoe zou ons dat dan concreet geholpen kunnen hebben in onze omgang met het Rusland van Poetin?
“Churchill zei ooit dat Rusland het gevoel moet hebben dat het een grootmacht is en als zodanig behandeld wordt. Als we dat beter hadden aangevoeld, hadden er misschien fouten voorkomen kunnen worden. Want het Westen hééft fouten gemaakt in de omgang met Rusland sinds de val van de Sovjet-Unie. Het heeft de Russen behandeld als de daders in het Sovjetsysteem in plaats van slachtoffers, zoals de andere nationaliteiten van de Sovjet-Unie. Tussen 1991 en 2014 gaf het Amerikaanse USAID bijvoorbeeld meer dan vijf miljard dollar aan groepen uit het maatschappelijk middenveld in Oekraïne. Vergelijkbare groepen in Rusland kregen in die periode ongeveer 120 miljoen dollar.”
En als het gaat om hete hangijzers als de uitbreiding van de NAVO in Oost-Europa?
“Die had dan misschien met meer overleg en transparantie kunnen plaatsvinden; de NAVO had in Oost-Europa kunnen uitbreiden zonder Rusland te provoceren. Ook was altijd al helder dat Oekraïne een probleem zou worden, dat had Gorbatsjov al duidelijk gemaakt. En toch mengden westerse landen zich in 2014 in de Maidan-revolutie in Oekraïne alsof Rusland niets te zeggen had en er geen enkele invloed op had. Dat was een fout. Men had zich bewuster moeten zijn van de noodzaak om de Russen gerust te stellen.
Poetins mythes slaan aan omdat de Russen zich vernederd voelen door alles wat er sinds de val van de Sovjet-Unie is gebeurd. Ze verloren zo veel: hun economische zekerheid, hun banen, vaak ook hun spaargeld… Dit verleent in hun ogen geloofwaardigheid aan Poetins claim dat het Westen met Rusland solde en het als verslagen mogendheid behandelde. Zijn retoriek draait al sinds 2012 om het herstellen van een Groot-Rusland. En al twintig jaar klinkt in Russische scholen, op tv en in films dat Russen trots moeten zijn op hun geschiedenis, inclusief wat er gebeurde onder Stalin, en dat zij een groot volk zijn dat door het Westen wordt belasterd.”
Komen we met pogingen de Russische mythes te begrijpen niet gevaarlijk dicht in de buurt van een rechtvaardiging van deze oorlog?
“Nee, die opvatting wijs ik af. Ik snap mensen die zeggen dat zulke mythes alleen maar een manier zijn om rauwe machtswellust te vermommen. Er is duidelijk een agressor in dit conflict. Toch helpt het niet om je vijand alleen maar weg te zetten als wilden, Aziaten en al die andere termen die Oekraïense nationalisten voor de Russen hebben gebruikt. Ik begrijp dat landen in zekere mate haat moet mobiliseren om een oorlog te kunnen voeren en dat je daarvoor de vijand moet demoniseren. Maar je moet hem ook begrijpen, want zelfs als Oekraïne deze oorlog zou winnen, moet je zakendoen met Rusland. Dat land verdwijnt niet.
En zelfs als Poetin zou verdwijnen, is er nog het poetinisme, dat een soort nationale ideologie geworden is. Je moet die mythes ook begrijpen om ze hun kracht te kunnen ontnemen. Er zijn in die duizend jaar Russische geschiedenis revolutionaire bewegingen, protestbewegingen en volksopstanden geweest. Er zijn goedbedoelde, maar tot mislukking gedoemde initiatieven geweest om Rusland op het democratische en constitutionele pad te zetten. Er zijn momenten geweest waarop Rusland open stond voor het Westen – de huidige situatie was niet onvermijdelijk. Die alternatieve verhalen moeten verteld worden om de Russen een andere kijk op hun geschiedenis te geven, waardoor ze tevredener met zichzelf kunnen zijn en vreedzamer met hun buurlanden kunnen omgaan. Begrip is nodig om een duurzame oplossing voor het conflict te vinden.”
Orlando Figes, Het verhaal van Rusland – Mythe en macht van Vladimir de Grote tot Vladimir Poetin. 336 pagina’s, Uitgeverij Nieuw Amsterdam, ISBN 978 90 46828 02 1, € 29,99
De Tanslezing 2023 is volgeboekt. Vanaf 7 november is de lezing terug te kijken via maastrichtuniversity.nl/SG.