Een lange loopbaan als fantasyschrijver is dan ook de grote droom van de 25-jarige Schenk. Al op jonge leeftijd raakte hij verknocht aan het genre. Het moment waarop herinnert hij zich nog precies: op vakantie in Duitsland, toen hij acht was. “Ik kon niet slapen en liep naar de kamer van het huisje. Mijn oom keek op de tv naar The Lord of the Rings. Ik mocht van hem een half uurtje meekijken, ik weet nog exact welke scènes. Mijn vader was kwaad toen hij het achteraf hoorde, hij vond die film veel te gewelddadig. Terug thuis heb ik de hele trilogie gedownload en in één dag gekeken, stiekem op mijn laptop onder de lakens.” Sindsdien waren de fantasyboeken niet aan te slepen. Ook nu nog staat zijn studentenkamer vol met complete boekenreeksen, van De Grijze Jager tot Harry Potter.
De interesse om zelf verhalen te verzinnen ontstond rond zijn achttiende. Maar voor een opleiding tot schrijver koos hij niet. “Ik wil graag ook nog een ‘back-up’ hebben. Om goed rond te kunnen komen als schrijver moet je succesvol zijn. Daar is meestal veel tijd en ook wat geluk voor nodig. Mijn doel is om na mijn opleiding drie dagen per week in de gezondheidszorg te werken en daarnaast boeken te schrijven. Zonder de druk van het ‘moeten’ publiceren blijft het hopelijk als een hobby voelen, wat ook beter is voor het creatieve proces. En mijn opleiding bevalt tot nu toe ook goed, dus ik heb geen spijt van mijn keuze.”
Magische krachten
Bovendien laat hij zich door zijn studie inspireren. “In mijn fantasiewereld bezitten mensen magische krachten. Maar het moet wel enigszins geloofwaardig aanvoelen. Daarom denk ik ook na over biologische processen. Zo kost het gebruik van magie energie. Wat gebeurt er als iemand er teveel van gebruikt? Daarvoor kijk ik naar verschijnselen als onderkoeling of een coma. En de magie kan mensen ook gek maken, waarbij ik inspiratie haal uit mentale aandoeningen.”
Daarnaast verdiept hij zich ook in andere vakgebieden. “Ik vroeg me af wat een realistisch klimaat voor de verschillende delen van mijn wereld zou zijn. Daarvoor heb ik uitgezocht hoe bijvoorbeeld zeestromen en plaattektoniek werken. Om vervolgens te beredeneren hoe de natuur er in alle gebieden uit zou kunnen zien. Ja, het lijkt inderdaad een beetje op PGO”, lacht Schenk.
Wegvluchten
Het resulteerde in een gedetailleerde wereld, vol koninkrijken, rassen, steden en bevolkingsgroepen, allemaal met een eigen cultuur en geschiedenis. Zo’n zeven jaar gingen erin zitten. “Dat is redelijk extreem. Volgens veel fantasyschrijvers is het de truc om de lezer het idee te geven dat er een hele wereld bestaat, zonder dat je deze volledig uitgewerkt hebt. Daarmee bespaar je tijd. Maar ik ben helemaal los gegaan. Alleen al met de kaart ben ik maanden bezig geweest. Alles wat op mijn pad komt, stop ik in die wereld.”
Dus ook zaken als klimaatverandering of de oorlogen in Oekraïne en Gaza? “Nee, problemen uit de ‘echte’ wereld probeer ik erbuiten te houden. Deze wereld is juist een plek waarin je kunt wegvluchten van angsten en twijfels uit de realiteit. Voor toekomstige lezers, maar ook voor mezelf. Ik ben vier jaar depressief geweest. In een boek of serie duiken, weg van de dagelijkse zorgen, vond ik toen erg fijn. In die periode ben ik ook begonnen met het creëren van mijn eigen wereld. Die vind ik interessanter dan de werkelijkheid, ik heb er meer controle over en voel me er meer in thuis.” Verliest hij zichzelf daar niet in? “Nee, na een dagje schrijven keer ik altijd weer terug op aarde.”
Publiceren
Zijn eerste boek is net af. Althans, de eerste versie. “Nu begint het ‘echte’ werk pas: herschrijven, zorgen dat het hele verhaal consistent is en feedback van ‘schrijfbuddy’s’ verwerken.” Dat allemaal in het Engels, want “dat vind ik een mooiere taal om in te schrijven, en zo heb je ook een groter bereik.” Een tijdrovend proces, waar hij vrijwel dagelijks mee bezig is. De volgende stap: publiceren. “Waarschijnlijk in eigen beheer. Via een uitgever is minder werk, maar dan raak je vaak ook de rechten op je verhaal kwijt. Ik wil niet dat iemand anders opeens kan bepalen wat ermee gebeurt.”
Want hij heeft zelf al genoeg plannen. Het boek moet een startpunt vormen van een lange reeks. “Mijn grote droom is dat het anderen inspireert tot het maken van games, tv-series of stripboeken die zich in mijn wereld afspelen. Wat ik dan met een eigen bedrijf beheer.” Wat als dat niet lukt en schrijven een hobby blijft? “Dat vind ik ook prima. Ik doe dit niet voor de faam of het geld, maar omdat ik het een van de leukste dingen vind om te doen.”