Laatst hoorde ik een hoogleraar mopperen dat ze bijna een dagtaak had aan het beantwoorden van de niet aflatende stroom mailtjes. Het eigenlijke werk bleef liggen. Zover gaat het hier op de redactie niet, maar soms roepen de verzoeken in die mails dilemma’s op. Zoals: moet je bepaalde zaken gratis doen? Als studenten ons vragen voor een schrijfworkshop voor hun kluppie, dan zeggen we ja. Tenminste, als iemand van de redactie ruimte in de agenda heeft. Als een blad gerund door UM-studenten vraagt om mee te denken over hun redactionele formule, dan is ons antwoord ook positief. Maar wat te doen met vragen van docenten: kan Observant een college geven over hoe je een opiniestuk schrijft? Of een masterclass journalistiek? Leuke opdrachten, maar ze kosten veel voorbereidingstijd en horen niet tot onze core-business. En dus, zo besloten we een aantal jaren geleden, doen we dat niet voor niets. We vragen immers ook geld voor onze jaarlijkse summerschoolcursus Journalistiek en Effectief Schrijven, net zoals we eerder deden voor onze schrijfworkshops.
Met een bezwaard hart moesten we deze week dan ook ‘nee’ verkopen aan een gewaardeerde collega. Ze heeft geen budget, onze bijdrage aan haar blok zou vrijwilligerswerk zijn.
Tel Aviv
Een heel andere vraag stelde vorige week een tweedejaars student European Law School. Hij had zich opgegeven voor de (inmiddels afgelast) dialoogtafel over de oorlog tussen Hamas en Israël, schreef een tekst die hij daar wilde voorlezen en was gaarne bereid om echt de dialoog aan te gaan. Dat laatste bleek toen hij een dag later op ons verzoek de redactie aandeed. Yoav Bar Ness is joods en opgegroeid in Tel Aviv. Op 7 oktober verloor hij drie vrienden. Maar dat weerhoudt hem er niet van om met andersdenkenden te willen praten.
Podium
Kon Observant niet als podium dienen voor de vele visies en gevoelens die er leven rondom de recente oorlog? klonk het. “Ik wil meehelpen, ik kan mijn bijdrage naar jullie mailen, ik wil ook deelnemen aan een gesprek met andersdenkenden.” Zo gezegd, zo gedaan. Lees zijn bijdrage en onze oproep aan studenten en staf om ook hun gevoelens en visies te delen. Graag op een “niet-agressieve” manier die de weg naar dialoog openhoudt.