“Er zijn ook nonnevotten”, zegt de receptioniste. Om daar na een verbaasde vraag van de niet-Limburgse verslaggever snel aan toe te voegen: “Een soort donuts. Heel zoet.” Achter haar prijken de rood-geel-groene carnavalskleuren, uit de speakers in het SCC komen deinende carnavalsklanken. Het is duidelijk: vastelaovend komt eraan – in het weekend van 10 februari barst het feest officieel los.
In het Maastrichts
Zoals carnaval in Maastricht traditie is, is ook de onthulling van Vrow Wielemösj dat. De pop staat al op het podium achterin het SCC als Roy d’n Ierste – stadsprins van Groet Mestreech – en zijn gevolg iets na drieën hun entree maken. Een vijftigtal verenigingsstudenten en SSC-medewerkers begroet hem met applaus, na voorzichtig te hebben meegezongen met In Mestreech, het net ingeoefende officiële carnavalslied.
Voordat echter de onthulling kan plaatsvinden, leggen de aanwezige voorzitters van de studentenverenigingen de eed af, de ’11 geboden’ waarin ze beloven goed voor Vrow Wielemösj te zorgen. Het gaat, zoals de hele ceremonie, in het Maastrichts dialect, wat de ene voorzitter hoorbaar gemakkelijker afgaat dan de andere.
Toevertrouwd aan Koko
De bijzondere zorg voor de pop gaat dit jaar naar studentenvereniging Koko, die Vrow Wielemösj “met alle egards” zal meedragen in de optocht op carnavalszondag. Niet dat ze haar meteen meekrijgen, trouwens: de pop staat tot 9 februari in het SSC en wordt die avond officieel aan de studenten overhandigd.