"Ik weet niet goed wat ik moet doen. Nog meer werken, of mijn spaargeld aanspreken? Ik let al op mijn uitgaven. Ik vind het oneerlijk om te korten op een beurs waar studenten van afhankelijk zijn", zegt een bezorgde en teleurgestelde eerstejaarsstudent European Law School, die haar naam niet in de krant wil lezen. Ze wil goed presteren tijdens haar studie, maar tegelijkertijd moet ze minstens 32 uur per maand werken om in aanmerking te komen voor de Nederlandse studiefinanciering. "Ik spreek geen Nederlands en de enige baan die ik vond was serveerster. Mijn diensten eindigen nooit voor 2 uur 's nachts, ik slaap die nachten niet veel. Dit heeft een grote invloed op mijn cijfers. Het is moeilijk om me de volgende ochtend te concentreren." En ze voorziet dat dit alleen maar erger wordt als ze meer moet werken.
In het huidige studiejaar verwelkomden studenten de terugkeer van de basisbeurs na een onderbreking van acht jaar. Voor uitwonende studenten was er nog meer goed nieuws: een tijdelijke verhoging van 164 euro per maand om hen te helpen de sterk gestegen inflatie het hoofd te bieden. Maar de stemming, vorige week in de Tweede Kamer maakte een einde aan die verhoging.
De Nederlandse Aukje Brolsma en Thijmen Janssen, beiden eerstejaars aan het University College Maastricht, vinden het verlagen van de basisbeurs niet terecht. "Alles is juist heel duur geworden, het slaat gewoon nergens op. Hoe moet ik dat grote bedrag elke maand compenseren?", vraagt Brolsma zich af. Janssen, die nu nog bij zijn ouders woont in de buurt van Roermond, is van plan om binnenkort naar Maastricht te verhuizen. "Ik werk nu al elk weekend een dag in een cafetaria en de studielast op UCM is best zwaar. Ik heb nauwelijks tijd voor mijn vrienden. Binnenkort moet ik huur betalen. Nu de basisbeurs daalt, betekent dat hogere kosten. Ik ben bang dat ik nog meer zal moeten werken."
Jaidy de Caluwé, masterstudent forensica, criminologie en strafrecht, is weliswaar klaar met haar studie als de beurs wordt verlaagd, maar ze is erg ontevreden over het studiefinancieringsstelsel. Omdat ze de afgelopen jaren geen basisbeurs kreeg, heeft De Caluwé een studieschuld opgebouwd van bijna 15 duizend euro. "Nu krijg ik basisbeurs voor de laatste paar maanden van mijn studie. Moet ik daar dankbaar voor zijn? En ik werk er ook nog bij, maar ik kan nog steeds nauwelijks rondkomen." Een vriendin vult aan: “Onlangs moest ze een reis met ons missen, omdat ze het niet kon betalen."
Simon Wirtz / HOP