"Zo verrijkend al die verschillende culturen, ik zou niet anders meer willen"

"Zo verrijkend al die verschillende culturen, ik zou niet anders meer willen"

Drie alumni over de impact van hun buitenlandervaring op hun leven nu

30-05-2024 · Interview

Studenten die met een Erasmusbeurs een periode voor hun stage of studie in het buitenland verbleven, hebben daar jaren later nog altijd profijt van. Zo blijkt uit een onderzoek van internationaliseringsorganisatie Nuffic. Hoe zit dat bij onze oud-studenten? Observant interviewde drie alumni.

Miriam van Ingen-Pinckaers, destijds nog Pinckaers, (39 jaar) woont en werkt inmiddels al acht  jaar in Zwitserland, samen met haar man en vierjarige zoontje. Als sr. organizational change manager bij het internationale farmacieconcern Roche. “In mijn werk ben ik alleen maar bezig met culturele verschillen. Om een verandering door te kunnen voeren moet je het gedrag en het achterliggende gedachtegoed van een ander begrijpen. Wij zijn bijvoorbeeld gewend om alleen diagnostische producten te verkopen, maar daar komen nu ook digitale producten bij. Die verandering moet ik intern begeleiden.” 

In de studie International Business (IB) werden cultuurverschillen al uitvoerig behandeld, maar tijdens haar uitwisseling naar Boedapest in 2006 kwam de van oorsprong Gulpense er pas écht achter wat dat betekende. "Hongaren leven om te werken, waar wij dat als Nederlanders precies andersom doen." Nu werkt ze samen met collega’s uit Boedapest. “Dat schept meteen een band. Ik kan meepraten over hun stad.” Maar niet alleen Hongarije komt aan bod. Van Ingen-Pinckaers begint haar dag met calls met collega’s op het Oostelijk halfrond, in Azië, en eindigt uiteindelijk aan de andere kant: de Verenigde Staten en Latijns-Amerika. “Ik zie de culturele dimensies van [voormalig UM-hoogleraar] Geert Hofstede elke dag terugkomen. Hij ontwierp een model dat wereldwijd verschillen in cultuur beschrijft. Nederlanders zijn individualistisch, Aziaten juist collectivistisch. Als er iets gevierd wordt, zetten ze niet specifiek één iemand in het zonnetje: het is tenslotte een teamprestatie. Bij Nederlanders weet je meteen voor wie het feestje is. Wij pakken de spotlight wel.”

Kameleon

Die culturele verschillen merkt ook de 24-jarige Ties Peters, IB-alumnus, op in zijn werk. Hij loopt stage bij Amazon in Luxemburg. Alleen al het vijfkoppige team waarin hij werkt bestaat uit vijf verschillende nationaliteiten. “Zuid-Europeanen praten veel over hun emoties en houden van fysiek contact. Ze stuurden me laatst allemaal “we gaan je missen” toen ik een aantal dagen weg was. Ze weten dat ik dat irritant vind”, lacht hij. Vroeger had hij dit gedrag “raar” gevonden, maar hij heeft inmiddels geleerd om zich “als een kameleon aan te passen. Als zij graag meer over hun emoties willen praten, doe ik dat ook." Peters laat zijn eigen Nederlandse identiteit echter niet helemaal varen. “Nederlanders zijn direct en op de werkvloer heerst minder hiërarchie. Ik heb er bijvoorbeeld geen moeite mee om iemand met een hogere functie te benaderen als ik een vraag heb. Dat verbaast sommige collega’s.”

Impliciete aannames

Door zijn tijd bij de Queen's University in Canada in 2022 is Peters zich ook meer bewust geworden van zijn eigen "impliciete aannames". "Als Nederlanders iets afspreken, staat dat vast. Dat is niet bij iedereen zo.”

“Bij Aziaten is een ‘ja’ niet altijd ‘ja’, merkt bijvoorbeeld Van Ingen-Pinckaers op. Dat weet niet iedereen, wat de boel vertraagt. “Ik probeer soms via mijn netwerk [bijvoorbeeld via een Europese collega die in Azië werkt, red.] te achterhalen of ze wel echt ‘ja’ bedoelen. Daardoor bereik je eerder je doel, wat essentieel is voor ons bij Roche: het gaat uiteindelijk om patiënten die wachten op medicijnen of een diagnose.”

Werksfeer

Pepijn Saraber (25 jaar) deed eerst hbo en volgde van daaruit een aantal stages in het buitenland. “Dat leverde me een mooi cv op. Door mijn ervaring in een onderzoekslab in Vancouver kon ik naar iets soortgelijks in Leuven en daardoor kon ik weer naar Oxford.” Naar die laatste plek ging de Maastrichtenaar voor zijn onderzoeksstage als onderdeel van de master Biomedical Sciences in 2021. Een “hoog aangeschreven lab” was voor hem destijds belangrijk. “Daar heb ik mijn promotieplek bij de Universiteit Maastricht mede aan te danken.” Maar zijn prioriteiten liggen tegenwoordig ergens anders. “Ik vind een goede werksfeer veel belangrijker nu.”

Slechte dag

De tijd in het buitenland heeft bij de drie ook op persoonlijk vlak invloed gehad. Saraber: "Ik ben veel zelfstandiger geworden. In het buitenland had ik veel vrijheid in het lab, meer dan mijn studiegenoten in Nederland destijds. Nu heb ik dat ook in mijn PhD. Veel collega's vinden het lastig, hebben meer sturing nodig. Ik niet." Peters is vooral op emotioneel vlak gegroeid. "Vroeger had ik het eigenlijk niet zo door als ik even niet zo goed in mijn vel zat. Anderen zagen het meestal eerder dan ikzelf. Ik schoof het vaak af op 'gewoon een slechte dag hebben’. Nu durf ik te kijken naar wat er van binnen gebeurt." Volgens hem is die ontwikkeling in Canada versneld. "Ik zat aan de andere kant van de wereld. Je bent op jezelf aangewezen." “Dat is ook wel zo ”, zegt Van Ingen-Pinckaers, “maar je legt ook snel nieuwe contacten. Waar ook ter wereld je bent, er zijn altijd wel mensen die jouw soort mensen zijn.”

En nu? Zijn de drie 'helemaal om' en willen ze in het buitenland (blijven) werken? Saraber vindt het wel even goed in Maastricht. "Ik heb genoeg internationale collega's en ga ook naar congressen in het buitenland." Bij Peters is het wel gaan kriebelen. Van Ingen-Pinckaers zit voorlopig goed in de Zwitserse Alpen. "Het is zo verrijkend om met verschillende culturen te werken. Ik zou niet anders meer willen."

Miriam van Ingen-Pinckaers

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ties Peters

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pepijn Saraber

 

Illustratie: Simone Golob

Categoriëen: nieuws_boven, Mensen
Tags: buitenlandervaring,alumnus,eramus,impact,professioneel,persoonlijk

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.