Hoe was je als kind in vijf woorden? Vol energie, positief, supernieuwsgierig, sociaal en altijd op zoek naar uitdaging. Mijn moeder kende geen angst en dat was ook maar goed ook, want ik was altijd weg. Waren we op vakantie aan het strand en dan was ik twee, drie uur foetsie. Dan was ik gaan kletsen met een gezin verderop en hadden ze me uitgenodigd voor de lunch. Ik had geen enkele schroom om mensen aan te spreken of nieuwe dingen te ontdekken. Nog steeds niet – nieuwsgierigheid is een belangrijke drijfveer voor mij. Ik heb iets van een vlinder, dartel door het leven. Maar ik ben ook gedisciplineerd, dat heb ik van mijn vader. Dus als ik iets graag wil, dan gebeurt het ook. Pas als het staat, ga ik verder.
Wat heb jij gedaan, wat je kinderen niet mogen? Mijn kinderen mogen alles. Je wordt een mooi mens als je af en toe een risico neemt, zo ontdek je wie je bent. Mijn twee oudste kinderen studeren inmiddels, hier in Maastricht. Mijn dochter doet de master neuropsychologie, mijn oudste zoon geneeskunde. Nee, ik heb ze niet gestimuleerd om voor de UM te kiezen – we zijn overal op de open dagen gaan kijken. Wat ik heel leuk vind, is dat ik via hen ook weer meer leer en contacten leg. Zo ben ik nu bij de psychologiefaculteit bezig om een programma te ontwikkelen om hiv-besmettingen tussen moeder en kind in Mozambique terug te dringen.
"Op een gegeven moment luisterde zelfs de lokale politieagent naar de kinderen"
Ik was altijd mijn handen. Toen ik hoogleraar werd, heb ik meteen gezegd dat ik ook iedere twee jaar een betekenisvol project wil opzetten. In 2019 sprak ik met een collega van het consultancybureau waar ik werk die net terug was uit Kenia. Hij vertelde dat ieder jaar 25 procent van de kinderen daar door infectieziektes ziek wordt en langere tijd niet naar school kan. Ik vroeg me af: hoe kunnen we hen aan het handenwassen krijgen? Dat is Hand Washing Angels geworden, waarvoor ik onlangs de Beta Sigma Gamma Business Achievement Award (voor excellent leiderschap, red.) heb gekregen. Kinderen leren op school hun handen te wassen met blauwe zeep. Die laat een tijdelijk laagje achter – smurfenschuim noemen ze dat – dus je ziet het meteen als je een stukje hebt overgeslagen. Aan het eind van de dag krijgen ze een stempel op hun hand die je er pas na een paar keer goed wassen afkrijgt. Daardoor gaan ze er thuis over praten. Al snel was het niet cool om de dag erna nog je stempel te hebben. Het is heel mooi om te zien hoe die kinderen de volwassenen beïnvloeden. Op een geven moment stond zelfs de lokale politieagent, die man had bij wijze van spreken nog nooit zijn handen gewassen, op het schoolplein naar hen te luisteren.
Ik word boos als… Ik ben bijna niet boos te krijgen. Maar ik erger me wel aan mensen die alleen voor hun eigen hachje gaan of niet alle kaarten op tafel leggen. Dat je het gevoel krijgt: er speelt hier meer. Als iemand in de weg staat van iets wat ik voor elkaar wil krijgen, dan kan ik ook wel erg directief worden. Daar goed mee omgaan, is nog een leerproces voor mij.
"Vergeet niet dat verandering angst oproept"
Het mooiste aan docent zijn? Eén van de redenen dat ik ‘ja’ zei tegen het hoogleraarschap, was dat ik wat ik geleerd heb, terug wilde geven. Ik wil verwondering losmaken bij studenten, een denkproces op gang brengen. Wanneer ik merk dat ze beginnen na te denken, dat ik ze heb kunnen inspireren, het gevoel heb kunnen geven dat wat ze leren ertoe doet – daar krijg ik echt een kick van, het is verslavend.
De grootste fout die ik organisaties zie maken… Vergeten dat verandering angst oproept. Managers onderschatten dat aspect, denken dat het gewoon weerstand is. Maar als jij zegt: dit of dat wordt anders, dan denken mensen meteen aan wat ze niet meer kunnen of mogen. Business is human. Handel vanuit empathie, zorg dat mensen begrijpen waarom de verandering noodzakelijk is, waarom je een bepaald besluit hebt genomen. Mensen worden gedreven door betekenis, dus zorg dat ze de betekenis van de verandering kennen. Ik ben nu bezig aan mijn achtste boek, dat The positive side of change gaat heten en hierover gaat.
"Ieder jaar maak ik een lijstje van tien mensen die belangrijk voor me zijn"
Wat zoek je in een vriend? Geborgenheid, een veilige haven. Het vertrouwen om alles te kunnen bespreken. Een goede vriend is iemand bij wie je helemaal jezelf kunt zijn, met wie je plezier hebt, maar bij wie je ook rust vindt. Ieder jaar maak ik een lijstje van tien mensen die belangrijk voor me zijn. Hen bel ik dan op of ik ga bij ze langs om bij te praten, maar ook om ze te bedanken voor de rol die ze in mijn leven spelen, voor wat ze voor me betekenen.
Mijn droomhuis staat… middenin de natuur. Het is een houten huis aan het meer met een vlonder. Daar zit ik heel rustige muziek te spelen op de saxofoon terwijl de zon ondergaat. Misschien staat het in Noorwegen, misschien in Galicië, Spanje. Het is een luchtkasteel – ik ben altijd druk met van alles – maar wel een dat ik al lang heb. Misschien past het ook bij de tijdgeest; de behoefte aan vertraging, aan niet altijd ‘aan’ staan. Ik denk dat het vinden van sereniteit mijn nieuwe ontdekkingstocht gaat zijn.