Met een enorme knal worden de studenten rond 3.00 uur in de nacht van zondag op maandag wakker. Meteen gaat het brandalarm af: het portaal staat in de fik. De studenten, die vanwege veiligheidsredenen niet met hun naam in de krant willen, reageren adequaat. Eén van hen springt mét een brandblusser uit het raam het platte dak op, klimt over de schutting, gaat via het huis van de buren de straat op en begint te blussen. Tegen de tijd dat de hulpdiensten arriveren, is de brand geblust. De andere studenten kunnen via de voordeur het huis verlaten.
Hoe ze het hoofd koel hielden? “Het is bizar om dit te zeggen, maar na de eerste keer waren we voorbereid”, zegt de student die de brand bluste. Die eerste keer, dat was op 5 september. Ook toen was restaurant Chickzz, gevestigd onder het studentenhuis aan de Volksbondweg, mikpunt van een (kleiner) explosief. De politie doet onderzoek naar beide gevallen. Tegen De Limburger vertelde de Chickzz-eigenares “geen idee” te hebben wie het op haar restaurant heeft gemunt.
De studenten, die alle zes thuis waren en zonder kleerscheuren het pand hebben kunnen verlaten, voelen zich ondertussen niet meer veilig. “Het is gewoon wachten op de derde keer”, zegt een van hen. Een huisgenoot vult aan: “Er zit nu een gat boven de voordeur, als je daar doorheen kijkt zie je de eerste laag van de eerste verdieping. Wat als het explosief de volgende keer nog groter is?”
Ze willen dus weg, maar nieuwe – betaalbare – woonruimte is niet zomaar gevonden. Kan de universiteit in zo’n geval nog iets betekenen? “Als de studenten zich bij ons melden, dan kunnen wij contact opnemen met verhuurders en zo proberen om de studenten met voorrang aan een nieuwe kamer te helpen”, zegt Maurice Evers, hoofd van Maastricht Housing. “We kunnen niets garanderen, als universiteit verhuren we zelf geen kamers, behalve in het Guesthouse, maar dat zit op het moment vol. Maar we kunnen wel bemiddelen. Daarnaast kan het Huurteam naar het huidige huurcontract kijken om te zien of dat op te zeggen is.”