Het idee dat iedereen “hetero, binair, cisgender én monogaam is, leeft nog heel sterk”, zegt Dewitte, die speciaal voor deze aflevering heeft overlegd met collega Kai Jonas, hoogleraar toegepaste psychologie met een focus op LHBTQIA+-diversiteit en –gezondheid. “Zeker met de verrechtsing van onze samenleving hoor je steeds vaker dingen als ‘dat is maar een trend’ of ‘die wil zeker speciaal zijn’. Sommige politieke partijen stellen zelfs anti-LHBTQIA+-wetgeving voor. Ook in de media is de representatie nog te weinig, in veel tv-series en films worden bijvoorbeeld mannen die seks hebben met mannen nog altijd als stereotypes neergezet.”
Heel normaal dus, als je zenuwachtig bent om mensen te vertellen dat jij niet in een van de ‘standaard’ hokjes past. “Maar ook moedig, authentiek en belangrijk: het is goed dat iedereen merkt hoe divers de maatschappij is. Dat ook zij queer-mensen kennen in hun eigen omgeving.”
Jouw verhaal
Als je die stap gaat zetten, probeer je dan goed voor te bereiden, zegt Dewitte. “Wat voor reacties zou je kunnen krijgen? Wat voor vragen? Het helpt als je voor jezelf eerst goed helder hebt wat het voor jou betekent om bijvoorbeeld non-binair of biseksueel te zijn.” Wanneer het zover is, probeer je dan niet te druk te maken. “Het kan in je hoofd uitgroeien tot een veel groter probleem dan het eigenlijk is. Je hoeft geen kant-en-klare antwoorden te hebben; vertel jouw verhaal, jouw ervaring en belevenis. Deel dat met iemand die je vertrouwt, en als dat goed is gegaan kun je met die positieve ervaring verder.” De universiteit kan een goede omgeving zijn om dat te doen. “Mensen kennen je ‘oude’ identiteit niet, je hoeft minder uit te leggen.”
Negatieve reactie
Bedenk ook hoe je ermee omgaat als mensen negatief reageren. “Mannen tonen vaker minder begrip, dus misschien kun je beginnen met het aan vriendinnen te vertellen, om positieve ervaringen op te doen.” Niet veel mensen zullen rechtstreeks zeggen dat ze er een probleem mee hebben, maar laten het op subtiele wijze toch merken. “Soms merk je het aan de lichaamstaal. Jongens die elkaar eerst altijd met een zoen begroeten, willen dat opeens niet meer doen met de vriend die nu heeft verteld dat hij op mannen valt.”
Openheid
En wat als je kind of een vriend zoiets met jou deelt? “Zeg allereerst dat het moedig is om het te vertellen. Bedank hen dat ze je in vertrouwen hebben genomen. Spreek uit dat je inziet dat diegene over wat hobbels moest voordat die het kon zeggen. Stel, je merkt dat je ervan schrikt. Dat je het misschien niet had zien aankomen. Zeg dat dan. Ga niet roepen dat het prima is, terwijl je lichaamstaal iets anders zegt. Toon interesse en openheid, zeg bijvoorbeeld: ‘Het overvalt me een beetje, maar kun je me er wat meer over vertellen? Ik wil graag je verhaal horen.’”