Dat studenten de straat op gaan, is niet meer dan logisch, vindt onderzoeker Markha Valenta van het University College Utrecht. Zij is uitgenodigd voor deze avond over dilemma’s rond academische vrijheid en de maatschappelijke verantwoordelijkheid van universiteiten, bijvoorbeeld in verband met de oorlog in Gaza.
Universiteiten, stelt Valenta, zeggen wel dat ze democratie, internationaal recht en mensenrechten belangrijk vinden, maar de praktijk is anders: ze “onderdrukken” volgens haar de discussie daarover als Israël die beginselen schendt. De woede daarover uit zich in demonstraties. “Er speelt zich voor onze ogen een gedocumenteerde genocide af” en dus vinden de demonstranten dat universiteiten de banden met Israëlische instellingen moeten verbreken.
Rood licht
Maar is dat zo eenvoudig als het klinkt? Hoogleraar Raf Geenens (KU Leuven) betwijfelt het. Hij is lid van de ethische commissie die al sinds 2019 alle Leuvense samenwerkingen met buitenlandse partners tegen het licht houdt, en daar bindende besluiten over neemt. De hamvraag? “Of er voldoende bewijs is dat een universiteit betrokken is bij mensenrechtenschendingen.” Zo ja, dan gaat er een streep door een (gepland) partnerschap. Zo oordeelde de Leuvense commissie dat Israëls regering “waarschijnlijk betrokken is bij zware mensenrechtenschendingen”. Dat betekent dat er geen nieuwe samenwerkingen met de regering en met haar verbonden instellingen en ziekenhuizen komen.
Een student in de zaal wil weten waarom er op de website van de KU Leuven wel enkele nieuwe samenwerkingen met Israëlische universiteiten zijn aangekondigd, die Palestijnen de toegang zouden weigeren. Volgens Geenens komt dat doordat er overtuigend bewijs moet zijn voor het licht op rood gaat: het gaat immers om besluiten die de vrijheid van een onderzoeker in kunnen perken. Is dat er niet, “dan geven we groen licht met een sterke waarschuwing: dit zijn niet de tijden voor zulke samenwerkingen”. De betrokken onderzoeker hakt de knoop door.
Geenens snapt dat dit voor activisten te weinig is, “maar in internationaal perspectief is het al veel. Geen andere universiteit van onze omvang gaat zo ver”.
Geleerd van boycot Rusland
Ook de Universiteit Maastricht (nog) niet. De banden met Israëlische instellingen werden kort voor de zomer “bevroren”, intussen wordt gewerkt aan de zogeheten Human Rights Due Diligence-tool. Daarmee gaat bepaald worden of partners in conflictgebieden schone handen hebben. In december gaat er een concept ter bespreking naar de universiteitsraad, zei voorzitter Rianne Letschert van het college van bestuur deze avond.
Maar waarom duurt dat eigenlijk allemaal zo lang, verwoordt Valenta de gevoelens van de pro-Palestijnse studenten. Toen Rusland in 2022 Oekraïne binnenviel, kwam er op verzoek van de Nederlandse regering immers snel een universitaire boycot. “Te snel”, oordeelt de Rotterdamse hoogleraar Ruard Ganzevoort nu. “We hebben ervan geleerd.” Sterker, vindt Letschert: “Daar hebben we als Nederlandse universiteiten echt gefaald.” Het was “een inbreuk op onze autonomie. We hadden moeten zeggen: dit gaat veel te ver”. Daarom wil ze nu zorgvuldig te werk gaan; van bovenaf en zonder inspraak een document opleggen “is gevaarlijk”.