Waarom vinden mensen het eng om voor een groep te spreken?

Waarom vinden mensen het eng om voor een groep te spreken?

Psycholoog wil sociale angst in kaart brengen

13-01-2025 · Interview

Dichtklappen als je iets moet zeggen in een groep, zenuwen voor een eerste date of net wat te hard lachen om een grap van een nieuwe vriend: iedereen voelt zich weleens ongemakkelijk in een sociale situatie. Maar hoe herkenbaar ook, over het hoe en waarom van deze gevoelens weten we nog heel weinig. Psycholoog Maaike Steenhuis probeert ze in kaart te brengen.

Haar promotieonderzoek richt zich op eerstejaars studenten, die volgens Steenhuis regelmatig sociale angst ervaren. “Je begint aan een nieuw leven in een andere stad, met andere vrienden. Daardoor kom je in veel nieuwe sociale situaties terecht waarin je een goede eerste indruk wilt maken en dat is spannend.”

Brede blik

In sommige gevallen zijn mensen zo bang om negatief beoordeeld te worden door anderen, dat het hun dagelijks leven beïnvloedt. Zij ontwikkelen een sociale angststoornis, iets wat bij 4,7 procent van de Nederlandse jongeren tussen de 18-24 jaar voorkomt. Steenhuis kijkt nadrukkelijk breder dan dat, iets wat nog niet vaak is gedaan. “Meestal richt onderzoek zich op patiënten. Ik wil juist weten hoe mensen in het algemeen sociale angst ervaren, welke symptomen ze hebben, met welke andere factoren dat samenhangt en hoe de angst fluctueert, binnen iemand en tussen mensen.”

Deelnemers aan haar onderzoek – ze heeft er al honderd, maar zou dat aantal graag verdubbelen – vullen drie weken lang iedere dag meerdere online vragenlijsten in. Die gaan over de sociale situaties waarin ze op het moment zitten (hoeveel mensen zijn er aanwezig, hoe goed kennen ze die al) en hoe ze die ervaren. Daarnaast vraagt Steenhuis hen hoe ze zich verder voelen. “Zijn ze bijvoorbeeld moe, verdrietig, boos? Voelen ze zich goed over zichzelf of juist onzeker?” Met al die data hoopt ze verbanden te kunnen gaan leggen en erachter te komen hoe sociale angst in elkaar steekt.

Nieuw model

Steenhuis doet haar onderzoek in het kader van het zwaartekrachtconsortium dat onder leiding van prof. Anita Jansen een nieuw model van psychische stoornissen test. “Nu diagnosticeren we mensen aan de hand van de DSM-5, waarin staat beschreven welke symptomen bij welke stoornis horen.” De behandeling is vervolgens gebaseerd op de diagnose. Maar klachten houden zich niet altijd aan zo’n lijstje. Iemand met anorexia kan zich ook somber voelen en iemand met een depressie kan angstaanvallen hebben. In het nieuwe model gaat het om hoe die symptomen met elkaar samenhangen en of het beter is om je behandeling daarop te richten in plaats van op de diagnose.

Het duurt nog even voordat Steenhuis conclusies kan trekken, maar de deelnemers aan haar onderzoek komen wel al tot inzichten over zichzelf. “Wie iedere dag de vragen invult, wordt zich meer bewust van bepaalde patronen. Dat is overigens een risicofactor voor het onderzoek – bij mijn analyse moet ik er rekening mee houden dat mensen door zelfinzicht hun gedrag aanpassen – maar wel een leuke bonus voor een eerstejaars student.”

Auteur: Cleo Freriks

Illustratie: Shutterstock

Tags: sociale angst,psychische stoornis,steenhuis,jansen,zwaartekracht,DSM,psychologie,psychiatrie,FPN

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.