“Het is iets dat we eigenlijk niet meer kennen sinds de jaren ’60: mensen die ‘gewoon’ aan een longontsteking overlijden. En toch gebeurt het nu weer steeds vaker, simpelweg omdat antibiotica de bacterie niet meer doden. Dan moet je het hebben van je eigen immuunsysteem, maar dat schiet soms tekort”, vertelt Maastrichtse onderzoeker Chris Arts op zijn kantoor in Randwyck. “Op dezelfde manier kunnen bijvoorbeeld ook infecties die ontstaan tijdens operaties voor grote problemen zorgen. Denk aan een geïnfecteerde heup- of knieprothese, wat in het ergste geval kan leiden tot een amputatie of zelfs overlijden.”
Zulke gevallen komen in Nederland nu nog weinig voor, zegt Arts. Bacteriën in het lichaam kunnen resistent worden voor antibiotica als iemand deze te vaak, te lang of op het verkeerde moment gebruikt. “Gelukkig zijn we in Nederland terughoudend met het voorschrijven ervan. Maar in veel andere landen is men minder voorzichtig.” Daardoor zijn er steeds meer resistente bacteriesoorten. “En die houden zich niet aan grenzen. Ze kunnen zich verspreiden via lichamelijk contact, komen in voedsel en het milieu terecht. Dit is een probleem dat we niet tegen kunnen houden.”
Dit jaar gaat het aantal doden door antibioticaresistentie wereldwijd al naar de 4 miljoen, weet Arts. “Als er niks verandert, stijgt dit tegen 2050 naar verwachting naar zo’n 20 miljoen. In Nederland moet je dan denken aan enkele tienduizenden doden – een kleine stad per jaar. Dan reken je nog niet de miljoenen langdurig zieken mee, wat ook tot een enorme stijging van de zorgkosten leidt.”
Overbodig maken
Als oplossing richten onderzoekers zich vaak op het effectiever maken van bestaande antibiotica of het ontwikkelen van nieuwe soorten. Maar dat biedt geen uitkomst voor de lange termijn: “Het ontwikkelen van een nieuw antibioticum duurt vaak langer dan dat bacteriën er vervolgens voor nodig hebben om er resistent voor te worden. Daarom willen we juist verder kijken, manieren vinden waardoor we er minder afhankelijk van worden.”
Dat is precies de insteek van DARTBAC, een internationaal consortium van meer dan twintig universiteiten en bedrijven, dat in het kader van de Nationale Wetenschapsagenda in 2021 bijna 10 miljoen euro van wetenschapsfinancier NWO ontving. Met een belangrijke rol voor de Universiteit Maastricht: Arts leidt het project en verspreid over verschillende onderzoeksgroepen werken er “zeker 25 onderzoekers” binnen DARTBAC. Vorige week togen nog tientallen onderzoekers uit heel Europa naar het MECC voor het jaarlijkse congres van het consortium.
Een groot deel van het onderzoek is gericht op een van de effectiefste manieren om antibiotica overbodig te maken: het voorkomen van infecties. Dat is lastiger dan het klinkt, vertelt Arts. “Neem het plaatsen van een prothese, waarbij bacteriën van de huid van de patiënt in het lichaam terecht kunnen komen. Deze kunnen aan het oppervlak van de prothese hechten en daar een ondoordringbaar laagje slijm, een zogeheten biofilm, vormen. Hierdoor kunnen lichaamseigen cellen er niet meer aan hechten en is er risico op gevaarlijke infecties. Je moet dus zien te voorkomen dat die laag zich vormt.”
Bacterie-bril
Dat kan door te begrijpen hoe de biofilm ontstaat en hoe de bacteriën onderling communiceren. “Want dan kun je dat proces verstoren. Hier in Maastricht hebben we het M4I-instituut dat de vorming van biofilm in beeld kan brengen, heel uniek.” Zulke informatie is weer nuttig bij het ontwikkelen van technieken en materialen die het lastiger voor bacteriën maken om te hechten aan protheses, of ze compleet de das omdoen. “Wat bijvoorbeeld goed lijkt te werken is het verhitten van een implantaat vlak voor het aanbrengen. Zoiets kun je in ongeveer elk ziekenhuis ter wereld doen, er is geen dure apparatuur voor nodig. Het aanbrengen van een bepaald reliëf op een implantaat lijkt het ook lastiger te maken voor bacteriën om te hechten. En er wordt gewerkt aan zogeheten bioactief glas en gels die onder meer de zuurgraad kunnen veranderen, wat de groei van bacteriën verstoort. Dat zijn al redelijk volwassen technieken, maar er wordt bijvoorbeeld ook nagedacht over een speciale bril waarmee je tijdens operaties bacteriën ziet oplichten. Dat kan wellicht van pas komen bij operaties aan zachte weefsels, denk aan de darmen, waarvoor oplossingen lastiger te vinden zijn dan voor harde onderdelen als protheses.”
Sneller en beter
Het doel is dat DARTBAC de komende jaren “minstens drie, maar hopelijk vijf” nieuwe technologieën naar de kliniek brengt, zegt Arts. Daarbij komt onder meer het nieuwe lab in het recent verbouwde deel van de Universiteitssingel 50 van pas. “Met de nieuwste apparatuur – voor onderzoek naar biomaterialen tot dierstudies – en een grotere capaciteit, waarmee we veel sneller en beter onderzoek kunnen doen.” Met de miljoenen vanuit NWO kan men nog zo’n drie jaar vooruit. “Voor daarna hadden we op geld uit het Nationaal Groeifonds gehoopt [dat inmiddels geschrapt is door het kabinet], dus we zoeken nu naar andere middelen.”
Naast die nieuwe technologieën is er volgens Arts nog iets nodig: meer bewustzijn. “Blijkbaar werken de huidige campagnes niet goed genoeg. Zo nemen mensen soms nog steeds antibiotica als ze verkouden zijn, maar het werkt niet tegen een virus, of maken ze een kuur niet af, wat de kans op resistentie vergroot. Onder meer bij de afdeling Health Promotion onderzoekt men hoe die voorlichting beter kan, voor het algemene publiek, maar ook voor verplegers en artsen. Zelf maak ik me er ook hard voor om het onderwerp steviger in het geneeskunde-curriculum te krijgen.”