Als ik vroeger uit mijn slaapkamerraam keek, zag ik….auto’s, verkeer. We woonden in een van de drukste straten van Boekarest die rechtstreeks naar de snelweg leidt. Je hoorde altijd getoeter, je zag altijd politie en er was altijd lawaai. Maar binnen, in ons huis, was het rustig en heel relaxed, een andere wereld. Toen ik tien was, verhuisde ik met mijn vader, moeder en broer naar Brussel vanwege mijn vaders werk. Ik mis Roemenië wel, net als mijn vrienden van vroeger, ik herinner me het warme weer in de zomer en de sneeuw in de winter. Soms viel er zo’n dik pak dat ik er als klein jongetje niet eens bovenuit kwam. Twee keer per jaar ga ik terug, alleen mijn oma woont er nog. De rest van mijn familie is dichtbij, mijn ouders zijn nog altijd in België en mijn broer studeert in Tilburg.
Voetbal is mijn leven. Ik was zes toen ik begon, en heb nog even op handbal gezeten, maar dat was toch niet wat ik wilde. Op school voetbalde ik met oudere jongens, zij vertelden me dat ik op doel moest gaan staan en zo ben ik keeper geworden. Ik was dertien, had talent en bij de plaatselijke club werd ik in steeds hogere teams geplaatst. Op een dag zei een van de coaches: ‘We gaan het eens hogerop proberen.’ Zo kwam ik bij RDW Molenbeek terecht, daarna bij Union Saint-Gilloise, Patro Eisden en uiteindelijk VVV-Venlo. Het afgelopen half jaar ben ik in Sydney geweest voor mijn studie. Ik train nog wel bij VVV, maar ook bij andere ploegen. Ik heb aanbiedingen van clubs uit Nederland, België en Duitsland die in verschillende divisies spelen, maar ik ben ook bijna klaar met mijn bachelor. Doe ik er meteen een master achteraan? Of ga ik nu voor het voetbal? Er is veel om over na te denken.
"Thuis bid ik regelmatig, voordat ik ga slapen of ’s ochtends als ik wakker word, en voor wedstrijden"
Hoe was jij als kind? Poeh. [Denkt even na] Veeleisend. Daarmee bedoel ik dat ik mezelf altijd naar een hoger niveau wilde tillen. Bij voetbal en andere sporten, maar ook op school. Als mijn oudere broer huiswerk maakte, keek ik mee om van hem te leren. Ik ben voorzitter geweest van sportraad MUSST, stak al mijn vrije uren daarin, omdat ik iets extra’s wilde toevoegen vanuit de professionele sportwereld, wat meer efficiëntie. Ik hoef niet beter te zijn dan anderen, ik voer alleen een strijd met mezelf, om er nog meer uit te halen.
Ik ben een optimist. Meestal wel, ik ben blij met mijn leven. Maar als het gaat om de politiek en de situatie in de wereld, ben ik wel wat somberder gestemd. Ik vraag me weleens af waar het naartoe gaat, ook in de maatschappij. Tien jaar geleden waren mensen aardiger, de boodschappen waren goedkoper, het leven was makkelijker, en leuker.
Bid je weleens? Ja. Ik ben christelijk-orthodox opgevoed en ik zou niet zeggen dat ik heel fanatiek ben, maar als het even kan, ga ik op zondag naar de kerk. Mijn ouders hebben me nooit gedwongen, ze lieten me vrij om zelf te kiezen. Thuis bid ik regelmatig, voordat ik ga slapen of ’s ochtends als ik wakker word, en voor wedstrijden. Ik ben niet bijgelovig, maar ik vind het wel fijn om wedstrijden te spelen met de handschoenen die ik al een paar keer heb gedragen op de training, die voelen goed.
"Mensen mogen van alles over me denken, maar ik wil wel iets positiefs bijdragen aan de maatschappij, ik zie dat als een taak"
Wat moet je nog leren? Alles. Ik hou ervan om steeds weer nieuwe dingen te leren, daardoor blijf ik scherp, en ik hoop dat nog steeds te kunnen als ik tachtig of negentig ben. Ik ben gefascineerd door de wereld om me heen. Hoe zijn dingen gebouwd of tot stand gekomen, maar ook mijn eigen geschiedenis. Wie waren mijn voorouders, hoe leefden zij? Mijn opa en oma hebben het communisme in Roemenië meegemaakt, mijn ouders waren begin twintig toen het regime viel. Ze hebben elkaar ontmoet op de universiteit, wat als ze daar niet tegelijkertijd waren geweest, op precies dezelfde plek, op precies dezelfde tijd? Dan was ik er niet. Daar ben ik wel mee bezig.
Liever rijk of beroemd? Rijk. Ik zou genoeg geld willen hebben om van het leven te kunnen genieten en ervaringen op te kunnen doen – al is gezondheid nog belangrijker. Geld maakt niet gelukkig, maar het draagt wel bij aan geluk. Je kan doen wat je wil en je kunt anderen helpen die het moeilijk hebben, om zo dat geluk weer te verspreiden. Mensen mogen van alles over me denken, maar ik wil wel iets positiefs bijdragen aan de maatschappij, ik zie dat als een taak. Dat hoeft niet heel groots te zijn, je kan iemand wat geld geven om bijvoorbeeld boodschappen te doen.
Over 10 jaar….voetbal ik nog steeds. Ik heb mijn papieren om coach te kunnen worden, daar wil ik nog wel wat meer mee doen. Ik wil graag kinderen. En hopelijk ben ik dan diplomaat, en bezig met internationale betrekkingen. Ik wil een betere wereld achterlaten en hoop dat toekomstige generaties opgroeien op een mooiere plek dan het nu is.