Als hoofd van De Nederlandsche Bank krijgt Sleijpen twee taken: toezicht houden op financiële instellingen in Nederland én meebeslissen over het beleid van de Europese Centrale Bank in Frankfurt. Zoals de hoogte van de rente, waar in Nederland bijvoorbeeld de hypotheekrente van afhangt. Geen geringe opdracht dus, maar Sleijpen is de man voor de baan, oordeelt een viertal van zijn (oud-)collega’s van de vakgroep Algemene Economie.
Want, zeggen ze, de nieuwe DNB-chef is “heel slim”, “erg communicatief”, “een geweldige netwerker”, “toegewijd en betrouwbaar” en een “klassieke econoom” met oog voor nieuwe ontwikkelingen. Zoals de gevolgen van klimaatverandering voor de monetaire wereld. “Daarin was hij een voorloper”, zegt emeritus-hoogleraar Joan Muysken. Daarbij kent hij ook de Europese Centrale Bank (ECB) goed, weet hoogleraar Clemens Kool. Hij gaat al een hele tijd als plaatsvervanger van de huidige DNB-president Klaas Knot mee naar Europese vergaderingen.
"Jong en ambitieus"
Muysken, die als vakgroepvoorzitter Sleijpen in 2007 aannam: “We zochten een nieuwe deeltijdhoogleraar Europees Economisch Beleid met affiniteit met het bankwezen. En daar was dit jonge, ambitieuze heerschap. Het klikte meteen.”
Daaraan zullen zijn sociale vaardigheden bijgedragen hebben, klinkt het. “Hij heeft humor en relativeringsvermogen”, weet Muysken. “Olaf overtuigt mensen van zijn mening door argumenten op tafel te leggen”, zegt emeritus-hoogleraar Tom van Veen. “Zoals het moet, op een plezierige manier, rustig, bij een kopje koffie.” Van Veen herinnert zich de jonge Sleijpen uit de tijd dat deze student economie in Maastricht was. “Een van de besten, hij stelde vragen die ik niet zomaar kon beantwoorden. Ik heb altijd gedacht dat hij het ver zou schoppen.”
Gewoon gebleven
Lof te over dus, waarbij men ook nog graag benadrukt dat Sleijpen gewoon is gebleven. Hij praat met iederéén, klinkt het, is ongevoelig voor status en hiërarchie en komt op dagen dat hij college moet geven in zijn Saab vanuit woonplaats Amsterdam naar de UM gereden. “Dan gaat hij meteen ook even naar zijn ouders en familie [hij is opgegroeid in het Limburgse dorp Schoonbron]”, merkt Kool op. En studenten? “Die lopen met hem weg. Hij was de tweede man van De Nederlandsche Bank, maar als hij onderwijs moest geven, was hij er. Als hij masterstudenten heeft, begeleidt hij hun scripties ook echt zelf, dat laat hij niet aan anderen over.”
”Hij is een van ons”, zegt universitair hoofddocent Huub Meijers trots. “Hij heeft hier gestudeerd, is hier hoogleraar.” De SBE is met haar veertig jaren “heel jong”, stelt Kool. “We mogen er trots op zijn dat een van onze economen daar zit.”