“Gadverdamme, echte beesten zijn het. En dan die herrie. Altijd weer dat kabaal.” Soms stormt ze scheldend de sociëteit binnen. “Maar wat wil je als vrouw alleen tussen al die jongens? Ze weten je op zódanige manier belachelijk te maken dat je je zelf nog het domme buurvrouwtje gaat voelen.” De politie doet niets, moppert ze. “Die zijn allang blij dat de junks weg zijn.”
Enorme brallers
De buren zijn niet de enigen die zich regelmatig ergeren aan het gedrag van deze “enorme brallers, klassieke ballen met een grote mond”, zoals een oud-lid van damesdispuut Ritz van Tragos hen jaren later omschrijft. Ze kan het weten, ze had een tijd een relatie met een Banalitaslid. Als eind 1995 de vereniging via seksistische (Diep in haar … wil iedere vrouw een lid van Banalitas) en homofobe (Beter tien bier in je flikker, dan tien flikkers in je bed) posters nieuwe leden probeert te trekken, is de maat voor het college van bestuur vol. Het Banalitas-bestuur moet op het matje komen en krijgt de mantel uitgeveegd. En er wordt gedreigd: we trekken de subsidie in en we nodigen jullie niet meer uit voor officiële universitaire bijeenkomsten als de club “niet onverwijld stopt met het verspreiden van dit soort affiches en zich onthoudt van activiteiten die ook met een welwillend oog niet anders dan onbetamelijk gekwalificeerd kunnen worden”.
Weerzin en verontwaardiging
Eerder had de directeur van het studentenservicecentrum (toen nog dienst studentenzaken) Lieve van Coppenolle, die met “weerzin en verontwaardiging kennis had genomen van de affiches”, het contact met de vereniging verbroken. Voor dringende zaken moesten de heren zich maar tot het college wenden. “Ik ben pas bereid mijn standpunt te herzien als u in Observant duidelijk en onomwonden verklaart afstand te nemen van deze verachtelijke vorm van publiciteit en uw verontschuldigingen aanbiedt.” Er kwam een gesprek met de directeur en een week later een ingezonden brief in Observant: “Wij betreuren het ten zeerste dat de gebruikte slogans aanleiding hebben kunnen geven tot een interpretatie, die geenszins de onze is geweest.” De posters werden uit de roulatie genomen. De brief, “werkelijk te onbenullig voor woorden”, leidde weer tot smalende reacties.
Geitensperma als boterhambeleg
Daarna bleven er verhalen rondzingen over bijvoorbeeld heftige ontgroeningen met schapen- en geitensperma als boterhambeleg. Tot in oktober 2002 het bericht verschijnt dat de heren al twee jaar geen nieuwe leden - in hun hoogtijdagen hadden ze er vijftig - hebben aangenomen en het Banalitaslid langzaam zal uitsterven. Een van de dan nog vijftien overgebleven leden: “De nieuwe eerstejaars willen in vier jaar afstuderen en alleen lid worden van een grote vereniging waar ze niet zo actief hoeven te zijn. Als kleine vereniging trekken wij aan het kortste eind.”