Handleiding voor AI-gebruik bij rechten: “Maar je kan er echt niet alles mee ondervangen”

Handleiding voor AI-gebruik bij rechten: “Maar je kan er echt niet alles mee ondervangen”

Rood, oranje of groen: wat studenten wel of niet (of een beetje) aan een chatbot mogen vragen

22-10-2025 · Nieuws

MAASTRICHT. Wat mogen rechtenstudenten wel en niet als ze gebruikmaken van artificiële intelligentie (AI) bij het schrijven van hun scriptie en juridische academische teksten? Bij de Maastrichtse rechtenfaculteit is sinds kort een handleiding in gebruik die dat duidelijk moet maken. Het blijft zoeken naar wat wenselijk is, zegt vice-decaan onderzoek Anke Moerland, “maar we moeten meebewegen met de realiteit, AI is er nu eenmaal en het wordt gebruikt.”

Omdat een uniform beleid voor de hele universiteit over het gebruik van AI en tools zoals ChatGPT in het onderwijs ontbreekt - er is wel een zogenoemd beleidskader met algemene richtlijnen, maar weinig praktische handvatten - nam de rechtenfaculteit zelf het heft in handen. Het resultaat: een zeven pagina’s tellend document waarmee de eigen bachelor- en masterstudenten en promovendi uit de voeten zouden moeten kunnen.

“Onze focus ligt vooral op het gebruik van AI in scripties. Wat is acceptabel en wat niet?”, zegt Moerland, naast vice-decaan ook hoogleraar Intellectueel Eigendom, Grensverleggende Technologieën en Internationale Handel aan de rechtenfaculteit. In de handleiding, volgens Moerland “een levend document” dat bij nieuwe ontwikkelingen steeds weer moet worden bijgewerkt, staan voorbeelden van wat mag (groen) en wat niet door de beugel kan (rood). Daartussen springt het licht op oranje: wees voorzichtig.

Zo begeeft iemand die wetgeving of rechterlijke uitspraken laat samenvatten door ChatGPT zich op glad ijs: de samenvatting kan, indien correct, wel helpen om de stof beter te begrijpen, maar mag niet in een scriptie worden overgenomen. Wie een kant-en-klare onderzoeksvraag laat formuleren of een analyse in hapklare brokken opvraagt, zit zeker fout. Daarentegen mogen studenten informatie en literatuur gewoon opzoeken, net als de betekenis van woorden. Ook een controle van hun scriptie op grammaticale fouten is prima, al is het dan weer niet toegestaan om eventuele voorgestelde herformuleringen van tekst door ChatGPT over te nemen.

Ontwikkelen

Moerland: “Misschien zijn niet alle docenten het eens met wat er nu ligt, maar we moeten meebewegen met de realiteit, AI is er nu eenmaal. En als je er als student kritisch mee om kan gaan, kan het ook goed zijn.” Dat betekent dat er in het onderwijs, als de scriptie nog helemaal niet aan de orde is, ook ruimte moet zijn om kunstmatige intelligentie toe te laten bij het schrijven van juridische teksten. De faculteit vindt het goed dat studenten experimenteren, maar wil wel dat ze hun eigen schrijfvaardigheden ontwikkelen. “Juristen moeten het hebben van taal en zelf kunnen formuleren. Voordat studenten AI-tools gaan gebruiken, moeten ze weten hoe dat kan op een juiste manier.” Daar ligt een - ook in de handleiding omschreven - taak voor de faculteit, uiteindelijk moet elke student een verantwoordelijke en kundige gebruiker zijn.

Zijn beoordelaars op hun beurt vaardig genoeg om te onderscheiden wat van de student komt en wat van de computer? “Helaas is het niet altijd direct helder. Sommigen hebben wel een radar, zij zien zoiets, maar echt helemaal zeker is het nooit. Daarom eisen we transparantie van de student, in bijvoorbeeld de verantwoording van een scriptie”, zegt Moerland. Zij moeten laten zien welke instructies (de zogenaamde prompts) ze aan bijvoorbeeld ChatGPT hebben gegeven en duidelijke afspraken maken met hun begeleider over de versies van hun scriptie die ze moeten bewaren. “Als er toch twijfels zijn over eventueel bedrog, moet de begeleider het gesprek aangaan met de student en zo nodig dingen vastleggen voor de examencommissie. En dan nog kun je niet alles ondervangen, het is niet zo zwart-wit. Ook niet met deze handleiding.”

Eigen koers faculteiten

De rechtenfaculteit is niet de enige met eigen richtlijnen, ook bij (onder andere) de faculteiten Psychologie en Neurowetenschap, Arts & Social Sciences (FASoS) en de School of Business and Economics (SBE) is het een punt van aandacht. “Dat faculteiten zelf nadenken over eigen richtlijnen is niet zo gek”, zegt Moerland. Het college van bestuur had graag uniform AI-beleid gewild voor de héle UM, maar dat bleek eerder al onmogelijk, vanwege de uitvoering en verschillende wensen en behoeften. Daarom is het aan de faculteiten om de details verder uit te werken. Moerland: “Op bepaalde punten kan je wel dezelfde afspraken maken, maar een jurist heeft uiteindelijk net iets anders nodig dan een econoom of psycholoog.”

Bij FPN wordt bijvoorbeeld nagedacht hoe studenten AI kunnen gebruiken om hun eigen kennis te testen. De faculteit wil, om verder te kijken dan alleen ChatGPT, een lijst van meer dan vijftig AI-tools opstellen – hoe werken ze en wat zijn de voor- en nadelen. Hiervoor vraagt men input van alle docenten.

FASoS heeft een document van bijna twintig pagina’s waarin onder andere staat dat docenten in hun lesmateriaal zelf kunnen aangeven wat is toegestaan en wat niet - denk aan het vertalen of herformuleren van werk, maar ook het opvragen van analyses of de interpretatie van onderzoeksdata. Studenten moeten altijd verantwoorden waarom ze AI hebben gebruikt.

Foto: Shutterstock

Tags: rechtenfaculteit, AI, ChatGPT, handleiding, scripties, juristen, taalgebruik, anke moerland

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.