To do:
- Voorbereiden onderwijsbijeenkomsten
- Scriptie
- Bij oma op bezoek
- Werken
- Presentatie
- Sporten
- Commissiewerk
Zondagavond. Stilte voor de storm. Ik zit achter mijn bureau met een inmiddels lauwe kop thee. Op de achtergrond klinkt een jazzdeuntje terwijl ik door mijn planner blader. Het perfecte moment om de aankomende week wat meer structuur te geven. Maar de taken blijven zich maar opstapelen, en zijn allemaal dringend. Alsof elke taak een hand opsteekt en roept: “Ik eerst!”
Wéér sta ik voor hetzelfde dilemma: hoe krijg ik dit allemaal gedaan en houd ik ook nog tijd over voor mezelf? Elke afgevinkte taak verandert in twee nieuwe, als een hardnekkige hydra die weigert te sterven. Dus wanneer ik mijn planning voor de zoveelste keer herzie, voelt het alsof ze me uitlacht. En dat is nog niet alles, want er komt altijd wel iets onverwachts tussendoor. Een lekke fietsband, een vergadering die uitloopt en een appje van mijn moeder: “Als je toch in de buurt bent, kun je straks nog even langs de supermarkt?”
Wanneer ik dan eindelijk tijd voor mezelf neem, achterover zak op de bank en een serie aanzet, dwaalt mijn blik al na tien minuten af naar de stapel boeken op mijn bureau. Dat ene dingetje kost maar vijf minuten, denk ik. Dat kan best even tussendoor. En voor ik het weet, is mijn rust alweer ver te zoeken. Alsof (niet ingeplande) ontspanning tijdverspilling is. De lijst blijft bestaan, vol markeringen, prioriteiten en deadlines. Eigenwijs als altijd. Dus schrijf ik er gewoon bij: ‘Niets doen.’ Misschien dat het me dan eindelijk lukt om tijd te besteden aan iets wat niet op papier staat: gezellig afspreken met vrienden, iets lekkers bakken of met de hondjes wandelen in het bos. De lijst mag dan wel mijn dagen indelen, maar niet mijn leven bepalen.
Britt van Cruchten, derdejaars Rechtsgeleerdheid