Het is dinsdagmiddag 11 november als ik mijn kamer uitloop en tegen mijn collega’s roep dat ik naar het UM-pensioenevenement ‘Appeltje voor de dorst’ ga. “Nou, veel plezier”, klinkt het grijnzend. “Jij liever dan wij”, is de onderliggende boodschap van de dertigers en veertigers.
Het pensioen is geen “sexy” onderwerp, weten Lisa Brüggen en Rob Bauer. De twee hoogleraren - allebei verbonden aan de School of Business and Economics - houden zich er in hun werkend bestaan dagelijks mee bezig. “Zeker voor jongeren, maar ook voor veertigers en vijftigers, is het vaak een ver van mijn bed show, het is iets abstracts, ze zijn gericht op het hier en nu,” vertellen ze in Bauers kamer aan de Tongersestraat 53. Maar er is geen ontkomen aan. De afgelopen drie jaar gingen 228 medewerkers met (vervroegd) pensioen, de komende vier jaar bereiken 105 UM’ers de pensioenleeftijd. Niet voor niets vroeg Brüggen de deelnemers aan het pensioenevent – waaronder ook veel jongere stafleden - om hun ogen even dicht te doen en zich voor te stellen hoe hun leven er na het pensioen uit zou kunnen zien: wie heb je om je heen, waar woon je, wat doe je, ga je op vakantie, heb je een auto, welke hobby’s? “Dan gaat het misschien iets meer leven.”
Kelderende aandelen
Los van het feit dat nogal wat mensen financiële zaken moeilijk vinden en er liever met een grote boog omheen lopen, heeft “de sector ook weinig moeite gedaan om het pensioen sexy te maken”, zeggen de twee. “Pas sinds de financiële crisis in 2008 beseffen ze dat ze wat uit moeten leggen. Toen hadden pensioenfondsen te kampen met kelderende aandelen. Ter vergelijking: nu heeft het ABP voor iedere honderd euro zo’n 120 euro in kas, na 2008 was dat onder de negentig euro.” Tel daarbij op dat dagbladen als de NRC, Trouw of de Volkskrant de jaren daarna negatief berichtten over de fondsen: jullie doen niet wat je belooft, was de boodschap, er is geen indexatie, de pensioenen groeien niet. Dat vroeg om een weerwoord van de fondsen.
Nabestaandenpensioen
Maar waarom zou je je als dertiger bezighouden met een pensioen dat je pas over pakweg veertig jaar ontvangt? Brüggen: “Het is een belangrijke arbeidsvoorwaarde die ook al vroeg in je leven grote impact kan hebben” Ze doelt op het nabestaandepensioen voor de partner die onverhoopt achterblijft. “Ben je niet getrouwd, of heb je geen geregistreerd partnerschap, dan moet je je partner aanmelden bij het pensioenfonds, anders krijgt die niets als jij komt te overlijden. Check dat!”, zegt ze, liever vandaag nog dan morgen.
Scheiding
Eigenlijk is het bij iedere grote verandering in het leven belangrijk om de gevolgen voor het pensioen te bekijken – ziekte, overlijden, wisselen van baan, trouwen, kinderen krijgen. “En scheiding”, benadrukt Brüggen. “Zorg dat je dan het pensioen goed regelt, een fiftyfifty verdeling is standaard. Uit onderzoek blijkt dat de pensioenkloof tussen mannen en vrouwen 40 procent is. Natuurlijk komt dat deels omdat vrouwen vaker minder werken en een lager salaris krijgen. Maar tot mijn verbazing ziet de helft van vrouwen in scheiding af van de standaardverdeling. Soms is dat logisch als je allebei evenveel verdient en ongeveer even oud bent. Maar meer dan eens willen vrouwen geen gedoe, voelen ze zich schuldig, willen ze zich netjes opstellen of kunnen ze in het huis blijven wonen. Vaak overzie je de gevolgen niet en gaat een vrouw er na de pensioenleeftijd enorm op achteruit.”
Nieuw stelsel
Inmiddels is er een nieuwe pensioenwet (juli 2023) die het stelsel flink door elkaar schudt. Medewerkers van de UM, aangesloten bij het ABP dat zo’n 500 miljard euro beheert, gaan op 1 januari 2027 over. Zij zullen in het najaar van 2026 een brief van ABP krijgen waarin staat hoeveel er in hun persoonlijke pensioenpot zit. “Het is nieuw dat je ziet wat je precies hebt opgebouwd”, zegt Bauer. “Dat kan in de tonnen lopen. Je ziet vanaf nu of het een goed beursjaar is geweest, dan gaat die pot omhoog, zijn de aandelen gezakt, dan zakt je tegoed.” Bij jongeren zal dat bedrag meer schommelen omdat de fondsen voor hen meer risico’s durven te nemen, er is immers meer tijd om eventuele tegenvallers op te vangen. “Voor ouderen zal dat risico kleiner zijn, want zij zitten dichter tegen hun pensioen.”
Misvattingen
Er doen veel misvattingen de ronde over het nieuwe stelsel, zegt Brüggen. Het nieuwe stelsel zou veel risicovoller zijn. “Nee dus. Vroeger beloofde men zekerheid, de pensioenen zouden meegroeien met de prijsstijgingen, maar dat werd niet waargemaakt. Sinds de crisis van 2008 zaten veel gepensioneerden jaren op een nullijn. Ze kregen er nauwelijks iets bij of leverden zelfs in. Er was dus geen zekerheid en die komt er ook niet want zekerheid betekent gewoon een veel lager pensioen. In het nieuwe stelsel zeggen de fondsen: we doen ons best. Het klinkt anders, maar het verschil is veel minder groot dan het op het eerste gezicht lijkt. Dus nee, het wordt geen ‘casinopensioen’.” Wel is het zo dat de kans dat men in de toekomst meer krijgt dan verwacht, groter is. Maar het maandelijkse bedrag kan bij dalende koersen lager uitvallen.
Een andere misvatting is dat jongeren niet alleen opdraaien voor het pensioen van de ouderen, maar straks zelf niets meer krijgen omdat alles op is. Ook dat klopt niet. Bauer: “Iedereen heeft zijn eigen pot met geld die wordt belegd zoals past bij jouw life cycle.” Om te vervolgen: “We leven in een wereld waar het vertrouwen in de overheid en instellingen laag is, ook in de pensioenfondsen, én waar er veel financiële laaggeletterdheid is.” Hij wil maar zeggen: dan liggen misverstanden op de loer.
Om er samen met Brüggen aan toe te voegen dat Nederland het beste pensioenstelsel ter wereld heeft en dat dat mede komt door de AOW die voor iedereen gelijk is: ongeveer 1050 euro als je samenwoont, dikke 1500 voor alleenstaanden. Daarnaast hebben de UM-medewerkers een pensioen bij ABP. “Een mooie regeling”, concluderen ze. En nee, lachen ze, “we hebben er geen belang bij”.