Het verjaardagsfeestje van de Universiteit Maastricht werd vrijdag afgetrapt met de Dies Natalis. Een feestje dat bovendien extra opgeluisterd werd met de aanwezigheid van koning Willem-Alexander van Oranje.
50 jaar UM is een heel goede reden voor een feestje en dat wilde ik natuurlijk niet missen. Ik heb mij daarom, nog niet wetende dat de koning ook aanwezig zou zijn, op tijd aangemeld en was, goed gemutst, ruim van tevoren bij de ingang van de St. Servaasbasiliek. Nadat ik door de ID-check heen was werd ik, op basis van de kleur van het bandje dat ik gekregen had, naar mijn plek gedirigeerd.
Die plaats, waar in vervlogen tijden wellicht menig misdienaar een andere kant van de Rooms-Katholieke kerk heeft leren kennen, bleek uitstekend zicht te bieden op de zijkant van het enorme podium waar onder anderen André Rieu en zijn orkest later hun beste beentje voor zouden zetten. Vanaf de klapstoeltjes zou dit niet/nauwelijks te volgen zijn, maar gelukkig had men voor het klapvee aan de zijkant wel een beeldschermpje neergezet. De pakweg 70 à 80 collega’s om mij heen bleken allemaal een wit bandje te hebben ontvangen op basis van hun indeling op hun ticket.
Ik was ingedeeld in categorie 12, hetgeen mijn nieuwsgierigheid triggerde hoeveel categorieën er eigenlijk waren, wie verantwoordelijk is voor deze vlootschouw én wie bedacht heeft dat het een goed idee was om collega’s buiten het zicht van alle aanwezige hoogwaardigheidsbekleders in een uithoek van deze prachtige kerk te zetten op deze heuglijke dag. De omringende collega’s, ook gezeten in het ‘kolenhok’, behoorden vrijwel allen tot het OBP met, tot mijn verrassing, ook een enkele verdwaalde WP’er (categorie 7).
Natuurlijk draait de UM niet om mij, zo belangrijk ben ik uiteraard niet, maar het schijnbare gemak waarmee mijn collega’s en ik in een niet-ter-zake-doende categorie geplaatst zijn en daarmee letterlijk buitenspel gezet worden, zegt misschien wel iets over deze universiteit. De prijzen voor het OBP, normaliter uitgereikt bij de nieuwjaarsreceptie die dit jaar niet doorging, heeft men op deze verjaardag tenslotte maar helemaal achterwege gelaten.
Ik heb besloten te vertrekken, het feestje zou tenslotte ook zonder mij wel doorgaan. De kerk verlaten bleek ook nog wel een dingetje, maar toen ik beloofde echt niet meer terug te komen, mocht ik dan toch vertrekken. Ik was op tijd thuis (uiteraard via Succesfactors keurig 2 uurtjes verlof ingediend) om de livestream te volgen, het was een prachtige ceremonie en een feest zoals een feest gevierd zou moeten worden en waar ik graag onderdeel van uitgemaakt zou hebben.
De officiële gelegenheden van de UM laat ik de komende edities echter even voor wat ze zijn en ik hoop dat er op donderdag 21 mei, bij de Garden Gathering, gewoon statafels zijn, zonder aanwijsplek.
Wel jammer dat ik de Koning de kans ontnomen heb een selfie met mij te maken. Klein leed, zeker in het licht van de uitreiking van het eredoctoraat aan Mirjana Spoljaric Egger, wier indrukwekkende, of moet ik zeggen ijzingwekkende, toespraak mijn persoonlijke hoogtepunt was van deze Dies Natalis.
Roy van Kessel, categorie 12 (en gebouwbeheerder UM)