Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Rieu doet alles op zijn intuïtie”

“Rieu doet alles op zijn intuïtie”

Photographer:Fotograaf: André Rieu Group

Maastrichtse wetenschappers schrijven publieksboek over Limburgs wereldberoemde dirigent

MAASTRICHT. André Rieu, Limburgs beroemdste dirigent en violist, roept vaak heftige emoties op. Je houdt van hem of je verguist hem. Een cultuurwetenschapper kan het zich niet veroorloven om zo’n wereldberoemd fenomeen naast zich neer te leggen, vindt prof. Maaike Meijer. Zij voegde met haar collega’s Peter Peters en Jac van den Boogard de daad bij het woord en ontdekte dat Rieu uniek is maar toch ook weer niet. “Hij is met zijn grootse volksfeesten een voorbeeld van de hedendaagse beleveniscultuur.” Op 26 mei verschijnt hun boek Rieu, maestro zonder grenzen.

De drie wetenschappers gingen mee op tournee naar Istanbul, Amsterdam en Londen en woonden de jongste concerten op het Vrijthof bij. Ook schoven ze aan bij repetities in Rieus studio in de Maastrichtse wijk Amby, interviewden de meester zelf en zijn vrouw Marjorie, maar ook tal van musici van het Johann Strauss Orkest, technici, logistiek medewerkers en naaisters. Ze mochten overal bij zijn en zagen en hoorden veel. Zo blijkt dat ieder vrouwelijk orkestlid vier jurken heeft – één jurk is goed voor honderdtwintig werkuren, en kost ongeveer 3500 euro. Inspiratiebron voor de fleurige ontwerpen met smalle taille en diep decolleté is de Italiaanse bruiloft, en niet de negentiende-eeuwse Weense baljurk zoals men zou verwachten bij een Johann Strauss orkest. Rieu zelf zoekt de stoffen uit en beslist wat het beste bij de draagster past. De mannen hebben elk vier rokkostuums, op maat gemaakt. Twaalfhonderd euro per pak.

Rieu komt naar voren als een people manager die zijn uitgebreide staf goed kent en weet wat er speelt. Hij is belangstellend en houdt van korte lijnen. Tegelijkertijd is hij een perfectionist die streng en veeleisend is: “Als de bus om 15.00 uur vertrekt, dan vertrekt die niet om 15.01 uur”, aldus Maaike Meijer.

Alleseter

Interessante weetjes, maar het vlot geschreven Rieu, maestro zonder grenzen gaat veel verder. Het is een mix van reportages, interviews en persoonlijke observaties doorspekt met cultuurwetenschappelijke en -historische bevindingen. Geen inkijkje in het privéleven van de dirigent dus, maar ook geen puur wetenschappelijke verhandeling. “Het is een publieksboek bedoeld voor mensen die geïnteresseerd in Limburgs wereldberoemde dirigent zijn en bereid om vooroordelen over populaire cultuur even aan de kant te zetten.” Zelf heeft Meijer, die gespecialiseerd is in het onderzoek naar de grenzen tussen hoge en lage cultuur, daar geen moeite mee. “Ik ben een soort alleseter, vindt heel veel mooi, van smartlappen tot Virginia Woolf.” 

In de zomer van 2012 zat ze voor de eerste keer op het Vrijthof en was al snel verkocht. Ze kwam terecht in een volksfeest van ongekende proporties: hoogtepunten uit opera, klassieke muziek, evergreens en smartlappen volgden elkaar in rap tempo op. Van een langzame aanloop was geen sprake, nee, Rieu tart alle wetten van de artistieke opbouw en begint meteen met vuurwerk. “Hij grossiert in climaxen voor oog en oor. Hij kiest voor het korte en hevige genot en neemt het publiek daarin mee. Tijd voor een sms-je heb je niet.” Die cross-over tussen de verschillende muzieksoorten is nieuw, aldus Meijer.

Nestwarmte

Niet nieuw is dat Rieu, net als de talloze festivals die als paddenstoelen uit de grond schieten, bijdraagt aan de bestaande evenementencultuur en zo inspeelt op “een nieuwe behoefte aan gemeenschap. De moderne mens wil zijn vrijheid en privacy, maar is ook op zoek naar nestwarmte, hij wil ergens bij horen. In het samenzijn van duizenden bij elkaar roept Rieu met zijn muziek individuele herinneringen op. Soms refereren die aan emoties en gebeurtenissen uit een tijd dat je nog geen taal had. Er wordt geroerd in een oude laag van je ziel.” Opvallend genoeg worden die individuele herinneringen meteen collectief “omdat je ze deelt met iedereen die om je heen zit”, vertelt Meijer. “Nostalgie schept culturele intimiteit.” Tegelijkertijd refereert Rieu ook in zijn praatjes tussendoor aan dat gevoel van gemeenschap: het gaat over vriendschap, saamhorigheid “en een regionalisme dat niet uitsluit maar juist insluit. Als hij zijn liefde voor zijn stad Maastricht etaleert, dan laat hij ook de niet-Maastrichtenaar erin delen: ‘Kijk eens hoe mooi het hier is’.”

Die liefde voor zijn stad neemt hij mee als hij op tournee in het buitenland gaat. Hij spreekt onbekommerd over zijn mooie Mestreech in Japan, Brazilië, Turkije of Italië. Tegelijkertijd heeft hij een groot respect voor andere culturen, benadrukt Meijer. Hij spreekt enkele zinnen in de landstaal, sluit een pact met musici uit de streek of plaats en zet (oude) populaire liedjes uit dat land op de speellijst. “Rieu heeft zijn informanten, maar los daarvan heeft hij er zelf een goed gevoel voor. Hij geeft de mensen – vaak tot tranen toe geroerd - soms hun eigen muziek terug.”

Gezellig

Wie een concert van Rieu bijwoont mag drinken, eten en praten. Hij heeft de klassieke muziek ontdaan van plechtigheid en verstijving, zegt Meijer: “Tegenwoordig mag er niets eens gekucht worden tijdens een klassiek concert, zelfs het ritselen met een programmablad irriteert medebezoekers. Dat was honderd jaar geleden wel anders. Toen hadden concertzalen nog zitjes waar je vrienden ontmoette, praatte, rookte en dronk. In Mozarts tijd was het ook nog exuberant gezellig. En naar de opera gaan in Italië is nog steeds een sociale avond uit. Rieu knoopt bij deze sociale muziekcultuur aan. Het Nederlands Blazersensemble doet ook iets dergelijks als ze tijdens Nieuwjaar klassieke stukken met volksmusici uitvoert. Dat swingt de pan uit. Of Armin van Buuren die op de dag van de kroning samen met het Concertgebouw optreedt.” Kortom: “Rieu is niet uniek, ons boek schetst de geschiedenis van een cultuur waar Rieu een exponent van is.”

De manier waarop Rieu met zijn muziek en zijn musici omgaat, doet denken aan de  “zeventiende tiende eeuwse barokmuziek”, legt Peter Peters – van huis uit musicoloog en cultuurwetenschapper - in het boek uit. Net als toen heeft het Johann Strauss Orkest geen uitgebreide partituren. Musici krijgen veel ruimte om hun eigen partijen zelf in te vullen en af te stemmen op elkaar. En geen enkele muziekstuk is heilig: Rieu, met zijn een enorme kennis van klassieke muziek, bewerkt alles. De wals die lang alleen in de concertzaal te horen was, is bij hem weer letterlijk dansmuziek. Precies zoals de wals ooit bedoeld was.

“Rieu weet dit zelf allemaal niet”, lacht Meijer.Hij doet alles op zijn intuïtie. En die is fenomenaal.”

 

Op dinsdag 26 mei om 15.00 uur zal het eerste exemplaar van ‘Rieu, maestro zonder grenzen’ geschreven door van Maaike Meijer, Jac van den Boogard en  Peters Peters in het Museum aan het Vrijthof aan André Rieu worden uitgereikt. Iedereen is welkom. Uitgeverij Thomas Rap │ ISBN 978 94 004 0090 0 │paperback │ €18,90

Deze zomer, tijdens de Vrijthof-concerten in juli, komt er een herhaling van de André Rieu Akademie met lezingen en voordrachten van de auteurs. 

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)