Examencommissievoorzitter rechten legt zijn taken neer

28-04-2021

MAASTRICHT. Bij de rechtenfaculteit heeft de voorzitter van de examencommissie zijn taken neergelegd. Dit na ‘bemoeienis’ van het faculteitsbestuur met de toetsvorm van een eerstejaars blok. Decaan Jan Smits ontkent met klem dat er druk is uitgeoefend.

Aanleiding is een online tentamen over strafrecht van eerstejaars studenten European Law School. De blokcoördinator vroeg toestemming aan de examencommissie om naast open vragen ook meerkeuzevragen op te nemen. Niet geheel zonder risico in coronatijden waarbij studenten thuis hun toets maken, zonder surveillance. Maar de examencommissie gaf groen licht na overleg met ICT- en toetsexperts. Dit, zo bleek even later, tegen de zin van het faculteitsbestuur, dat meerkeuzevragen te riskant vond. En dat kreeg de voorzitter van de examencommissie, universitair hoofddocent Sander Jansen, dan ook van hen te horen.

Volgens decaan Jan Smits is er inderdaad een gesprek geweest met Jansen. “Het is de examencommissie die de beslissing neemt, het is hun bevoegdheid, zij gaan over de borging van de kwaliteit van de toetsen. We hebben hem wèl de vraag voorgelegd of het een verstandige keuze is. Als faculteit hebben we al sinds het begin van de coronacrisis gezegd dat we geen meerkeuzevragen willen in online toetsen.” Het debacle bij de School of Business and Economics (SBE) zit menig bestuurder aan de UM nog vers in het geheugen. Vorig jaar juni zette de examencommissie van SBE een streep door de resultaten van 1200 studenten, omdat er was gespiekt bij een online toets.

Maar de voorzitter van de examencommissie hield voet bij stuk. Hij was ervan overtuigd dat hij een goede beslissing had genomen. De eerstejaarstoets werd dus deels meerkeuze en deels open. Wel werd er een extra open vraag aan toegevoegd om, mocht er iets fout gaan in het meerkeuzegedeelte, de schade te beperken.

Voorzitter Jansen zelf wil er niet veel over kwijt. Hij bevestigt dat hij zijn taken heeft neergelegd, maar dat hij dat vanwege de continuïteit niet meteen heeft gedaan. Hij noemt “verschil van inzicht” over de rol van de examencommissie als reden dat hij is teruggetreden. Daarbij zegt hij overigens wel de opvattingen van het faculteitsbestuur te “respecteren”.

Terwijl sommige medewerkers spreken van een aantasting van de autonomie van de examencommissie, zien anderen het niet zo. Het bestuur is formeel niet z’n boekje te buiten gegaan, klinkt het. Ze hebben alleen maar willen adviseren en waarschuwen. Bovendien is de rol van de examencommissie nauw verbonden met de nieuwe toetsvisie van de Universiteit Maastricht. Toetsen zullen ‘formatiever’ van aard zijn – denk aan voldoendes/onvoldoendes voor presentaties of het schrijven van essays die verweven zijn met het onderwijs. Daarin zal de opleidingsdirecteur een grotere rol gaan spelen. Toch onderstreept Smits dat de rol van de examencommissie nog steeds “heel erg belangrijk zal zijn. Ze hebben het laatste woord over de kwaliteit.”

Examencommissievoorzitter rechten legt zijn taken neer
law