“De FHML scherpt de eisen voor de zogeheten onderwijscarrières aan”, kopte Observant in april 2015. “Wie universitair hoofddocent of hoogleraar wil worden ‘op titel van onderwijs’ zal meer dan voorheen moeten laten zien dat hij op het terrein deskundig is. Het beeld dat je gemakkelijker hoogleraar wordt via het onderwijs dan via onderzoek, moet van tafel,” liet Mirjam oude Egbrink, toen ook al wetenschappelijk directeur van het onderwijsinstituut van de FHML, optekenen.
Ook nu komt het weer ter sprake: het idee dat het onderwijscarrièretraject een “zijroute” zou zijn. “Die gedachten hebben leidinggevenden nog weleens. Zo van: ‘Mijn medewerker is niet zo succesvol in het onderzoek, maar ik wil toch dat hij professor wordt, kan dat niet via het onderwijs geregeld worden?’ Gelukkig is het inmiddels voor de meesten wel duidelijk dat het zo niet werkt. Onze strenge eisen helpen daarbij."
Academisch up to date
Oude Egbrink, opgeleid tot bioloog en gepromoveerd in de cardiovasculaire geneeskunde, noemt een aantal criteria op: “Je moet intrinsiek gemotiveerd zijn natuurlijk. En gepromoveerd. Onderzoek hoort erbij – we vinden dat je academisch up to date moet blijven. In dat onderzoek ga je overigens een hele switch maken, omdat je uit een andere discipline komt dan de onderwijskunde.” Ook behoort scholing tot de eisen: een master op onderwijskundig gebied. Bovendien moeten kandidaten verschillende ‘onderwijsrollen’ op zich hebben genomen, inhoudelijk en op managementniveau, en daarin op hoog niveau presteren.”
De aanwezigheid van SHE, de Maastricht School of Health Professions Education, in de faculteit is heel belangrijk, meent ze. “We kunnen profiteren van hun kennis en infrastructuur (lezingen, debatten, netwerk).” SHE verzorgt bovendien een (parttime) tweejarige onderwijskundige master. “Jaarlijks financiert het onderwijsinstituut een deel van de studietijd voor twee opleidingsplaatsen.” Geld dat dus uit het potje van de faculteit komt. “Zo’n traject brengt kosten met zich mee. En hoewel ik denk dat het zich zeker terugbetaalt, moet het geld er wel zijn.” Een evaluatie waarin de kosten worden afgezet tegen ‘de opbrengsten’ van het onderwijscarrièretraject staat nu op de agenda.
Uitblinken
Dat de FHML in Maastricht serieus werk maakt van onderwijscarrières, betekent niet dat er elders niets van de grond komt of niet over wordt nagedacht. Binnen de faculteit Psychologie en Neurowetenschap (FPN) wordt er momenteel over gediscussieerd, dit in het kader van Erkennen en Waarderen. Prof. Petra Hurks, vice-decaan onderwijs: “We kijken bijvoorbeeld niet alleen naar wetenschappers die uitblinken in het onderwijs, maar juist ook naar degenen die uitblinken in innoveren of die een grote impact hebben op studenten’.” Daarnaast lopen er binnen de FPN al medewerkers rond die “op grond van hun excellente onderwijsprestaties carrière maken, in de zin van een bevordering naar UHD1 of Docent 1".
Verder hebben de psychologen plannen voor een Section Teaching and Innovation of Learning (STIL), een centrale plek voor ideeën en advies op het gebied van onderwijs. Die is bedoeld voor alle 'voltijds' docenten, of ze nu een tijdelijk of vast contract hebben. Het staat hen vrij daarin een keuze te maken, ze mogen ook bij de vakgroep blijven.
Daarnaast wil de faculteit nog meer werk maken van het binnenhalen van onderwijssubsidies zoals de Comenius-beurzen van het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek.