Van de 40 miljoen euro die de UM vanaf 2023 ontvangt, is bijna 30 miljoen ‘gereserveerd’ voor beurzen. Startersbeurzen zijn bedoeld voor universitair docenten die net een vaste baan hebben gekregen; stimuleringsbeurzen voor universitair (hoofd)docenten en hoogleraren. Voor ieder gaat het om zo’n 300 duizend euro ‘persoonlijk werkkapitaal’ dat ze binnen maximaal zes jaar mogen besteden aan onderzoekstijd voor zichzelf, teamgenoten, nieuwe collega’s en het gebruik van onderzoeksfaciliteiten. Inmiddels zijn de Nederlandse universiteiten samen tot een verdeling van het geld, en dus ook van het aantal beurzen, gekomen. De jonge instellingen – Maastricht, Tilburg en Rotterdam – krijgen iets meer, omdat het onderzoeksgeld op historische gronden scheef is verdeeld.
Ook binnen de UM zijn er afspraken gemaakt over de verdeling van de beurzen per faculteit (zie onderin). Toch zitten bestuurders ermee in hun maag. Want: hoe voorkom je dat de gemeenschapszin eronder lijdt? “Ik kan je zeggen dat het ons allemaal erg bezig houdt”, reageert Jan Smits, decaan van de rechtenfaculteit desgevraagd. “Enerzijds is het heel mooi dat we als UM zoveel extra geld krijgen voor deze beurzen, voor rechten alleen al 4 miljoen extra per jaar, maar anderzijds kan de manier waarop dit nu door het ministerie is ingestoken als een splijtzwam in faculteiten gaan fungeren. Eenvoudigweg omdat de UD’s die in vaste dienst komen in dat jaar veel geld krijgen, wat ik ze van harte gun, en anderen die jarenlang keihard hebben gewerkt, en die ik het ook heel erg gun, niks. Dat effect moeten we proberen te voorkomen.”
Tijdens de laatste Ask me Anything, een online vragensessie over het extra geld dat de UM krijgt, stelde Smits voor dat UD’s hun beurzen bijvoorbeeld in een facultaire pot kunnen stoppen zodat iedereen ervan profiteert.
In elk geval gaat niet elke faculteit met een eigen plan aan de gang. Er komt universiteitsbreed één procedure, reageert Thomas Cleij, decaan van de faculteit Sciences and Engineering, die onder zijn staf 3,3 miljoen euro aan beurzen mag verdelen. Daarbij zal waarschijnlijk een facultaire commissie worden ingesteld die dit op faculteitsniveau begeleidt. Eerst is het echter wachten op meer duidelijkheid over de landelijke randvoorwaarden.
Verdeling vanaf 2023
|
|
FHML
|
SBE
|
FL
|
FPN
|
FSE
|
FASoS
|
|
Startersbeurzen
|
22
|
14
|
9
|
8
|
7
|
6
|
|
Stimuleringsbeurzen
|
8
|
8
|
5
|
3
|
4
|
3
|