In Maastricht hebben twee faculteiten geen bsa, vertelde rector Pamela Habibovic: Health Medicine and Life sciences en rechten. Bij de FHML “past het niet bij het toetssysteem” (programmatisch toetsen), bij rechten loopt nu een pilot waarbij het bsa (bij een negatief advies moet de student vertrekken) is vervangen door een studieadvies dat niet bindend is. Er zijn nog geen harde resultaten, liet de rector weten, maar het lijkt erop dat rechtenstudenten die te horen krijgen dat de studie niet bij hen past, vaak toch blijven.
45 punten
De norm bij de andere Maastrichtse faculteiten cirkelt rondom de 45 punten, net als bij de meeste andere universiteiten in het land. Alleen de Rotterdamse Erasmus Unversiteit springt eruit: daar moet een eerstejaars student alle 60 ECTS punten halen om door te mogen.
Juiste studiekeuze
Het bsa is ooit in het leven geroepen om zo snel mogelijk te achterhalen of een student op de juiste plek zit. Is dat niet het geval en de student gaat toch door en haalt alsnog de eindstreep niet, dan kost dat de instelling geld. Uit onderzoek van de verzamelde universiteiten (UNL) blijkt dat de uitval van studenten (zo’n 13 procent met een bsa van 45) in opleidingen met een bsa niet groter is, maar wel sneller, legde Habibovic uit.
Geen van de studentraadsleden blijkt pal achter het voorstel van de minister te staan. Charles de Groot (NovUM) steunt het college van bestuur: 30 studiepunten is te weinig, 45 is oké. Net als Noël Capetti (DOPE) die wees op de gevolgen: “Als je de lat in het eerste jaar lager legt, komt er meer druk in het tweede jaar.” En ook dat is slecht voor het studentenwelzijn, toch de reden waarom Dijkgraaf nu met de plannen komt.
Niet heilig
Annefleur Bruin (DOPE) vindt 30 punten aan de lage kant, betoogde ze, maar er mag wel wat meer flexibiliteit komen, het getal van 45 is voor haar niet heilig. Wat haar zorgen baart is het feit dat een student die wordt weggestuurd zich de komende jaren niet mag inschrijven voor dezelfde studie aan dezelfde universiteit. De rector begrijpt die regel wel: “Waarom zou het een volgende keer wel lukken?”
Frustratie
Ook vanuit het wetenschappelijk personeel was er bijval voor de opstelling van het college van bestuur. Luana Russo: “Als studenten dan na jaren eindelijk aan hun scriptie toekomen, blijkt dat meer dan eens een bijna onmogelijke hobbel en kan het lang duren voor de studie wordt afgerond. Dat geeft frustratie, bij studenten en de staf. Het is goed dat er in het eerste jaar een drempel is.”