OmniUM, de werknaam van het nieuwe dialoogcentrum, biedt ruimte aan allerlei (gevoelige) onderwerpen, staat er in de notitie voor de U-raad. Die moeten op een “open en respectvolle” manier worden besproken, het is kortom een “safe space voor een eerlijke dialoog”. En nee, de UM krijgt er geen fysiek centrum bij. De bijeenkomsten zullen plaatsvinden in Tapijn Z, de ‘huiskamer’ van studenten community Kaleido.
Voordat het over de inhoud van OmniUM ging, stonden het college van bestuur en (mede)organisator Rob van Duijn van Studium Generale stil bij de afgelasting van de eerste ‘dialoogtafel’ op 18 januari, over de situatie in Israël en Palestina. Collegevoorzitter Rianne Letschert en Van Duijn spraken cryptisch over “signalen uit de gemeenschap, sommige mensen dachten anders over de opzet van zo’n avond”. Van Duijn had het al eerder over “mogelijke acties”, in de wandelgangen wordt gefluisterd over demonstraties en protesten.
Daarbovenop kreeg moderator Evanne Nowak (freelancer, niet verbonden aan de UM) de avond van tevoren een “verontrustende mail van Students for Palestine”, laat ze desgevraagd weten aan Observant, “waarin ze mij dringend verzochten mij terug te trekken”. Daarop is besloten het programma te annuleren, concludeert Van Duijn in de U-raadsvergadering. Volgens Letschert denkt het college van bestuur na over een “gepaste reactie op dit gedrag”, doelend op de toon van de mail aan de moderator. “Dit is zorgelijk.”
Ook studentlid Lea Bilić vraagt zich af of de dialoog over dit thema hiermee stopt. “Het is niet oké als een brief [e-mail, red.] ervoor zorgt dat verdere dialoog niet meer mogelijk is.” Van Duijn legt uit dat “de opzet van de avond, waar gedeeld en geluisterd zou worden, te kwetsbaar was. We konden niet garanderen dat er niets verstoord zou worden.” Hij hoopt op een tweede kans, “maar voor nu hebben we een stapje terug gezet”.
Over de opzet van OmniUM – voor en door studenten, zo is het idee – rezen ook nog een paar kritische vragen. Want hoe zit het met de beloofde open and safe space? Verschillende perspectieven mogen tijdens zo’n dialoog aan bod komen, mensen mogen hun mening geven zonder bang te zijn of gediscrimineerd te worden. “Hoe garandeer je dat geen gevoelens worden gekwetst?”, wil studentlid Andrew Scrivener weten. Ook Donna Yates, lid namens het wetenschappelijk personeel, is niet overtuigd van de garantie dat zo’n samenkomst veilig zal zijn. Je weet niet of iemand stiekem een filmpje maakt en het op sociale media gooit, zegt ze. En kun je anderen dwingen om de grenzen van de ander te respecteren? Van Duijn kan geen garanties geven, maar wil toch graag “een aantal richtlijnen over hoe met elkaar om te gaan”.
Letschert: “Als we geen poging doen om tot een open en veilige dialoog te komen, dan verlies ik alle hoop. Dus ja, we moeten met goede richtlijnen komen. En als dát niet werkt, moeten we een andere discussie voeren in deze universiteit, namelijk hoe we jonge mensen opvoeden.” Met andere woorden: Is het dan zover gekomen dat we niet meer naar elkaar kunnen en willen luisteren?