“Luisteren en empathie zijn voor mij het belangrijkste”

“Luisteren en empathie zijn voor mij het belangrijkste”

Interview met nieuw collegelid Jan-Tjitte Meindersma

06-03-2024 · Interview

In mei gaat hij meekijken, om vervolgens in juli echt het stokje over te nemen. De in Zuid-Limburg geboren en getogen Jan-Tjitte Meindersma wordt de nieuwe vicevoorzitter en lid van het college van bestuur van de Universiteit Maastricht. “We kunnen het interview best in het dialect doen, wat jij wilt.” Het gesprek startte in het Nederlands, switchen blijkt lastig. “Laatst noemde een hoogleraar mij zijn ‘toekomstige baas’, dat klinkt belachelijk. Ik ben me wel bewust van mijn leidinggevende functie, maar ik ben wars van statuur en hiërarchie.”

Ai, ons eerste schrijfsel over Jan-Tjitte Meindersma (1972) klopt niet helemaal. “Ik ben geen arts”, zegt hij aan de telefoon op een donderdag in februari. De dag daarvoor heeft de Universiteit Maastricht het nieuws over de opvolger van Nick Bos, die met pensioen gaat, wereldkundig gemaakt.
Wacht, geen arts? Maar in het persbericht van de UM staat: ‘Studeerde in 1997 af in de geneeskunde.’ “Ik heb alleen mijn doctoraal gehaald, ik ben er na vier jaar mee gestopt.” Geneeskundestudenten die eerder stoppen, dat zijn er niet zoveel, een heel gekke gedachte dat hij arts zou zijn, is het niet. Zeker niet gezien een eerder interview in Observant, uit 1993, toen Meindersma eerstejaars geneeskundestudent was. Hij vertelde destijds dat hij in de voetsporen wilde treden van zijn ouders en opa, allemaal huisarts. “Ik ben helemaal met dat vak opgegroeid en ik heb nooit iets gezien dat me er zo in tegenstond dat ik liever iets anders ging doen.”

Zijn vader, een Fries, kwam in de jaren zestig naar Limburg waar hij Meindersma’s moeder, een Limburgse, ontmoette. Ze trouwden en kregen twee zonen. Het gezin woonde in Camerig, een gehucht in de gemeente Vaals. “Ik was zes toen mijn moeder geneeskunde ging studeren in Maastricht. Ze wilde altijd al graag arts worden. Ik zie mezelf nog als klein jongetje in het ziekenhuis in Annadal en het faculteitsgebouw aan de Tongersestraat.”

Gestopt

Observants telefoongesprek met Meindersma zou kort zijn, bedoeld om hem slechts een paar vragen te stellen. Gezien zijn loopbaan is hij een verrassende keuze voor de UM. Op de eerste vraag (“waarom ben je na vier jaar gestopt met geneeskunde?”) volgt echter zo’n uitgebreid en eerlijk antwoord dat we concluderen dat er meer gesprekstijd nodig is. Een week later gaat het interview verder in zijn woning in de Maastrichtse wijk Campagne. “Al vroeg in mijn studie geneeskunde had ik twijfels. Ik vond het inhoudelijk niet zo uitdagend, het was een kwestie van uit het hoofd leren en in een andere volgorde reproduceren. Ik miste, tja, hoe ga ik dit zeggen? Ik miste een zekere rekenkundige complexiteit. In het tweede jaar volgde het patiëntencontact, maar daar haalde ik ook niet zoveel voldoening uit.”

Coming out

Die voldoening haalde hij wel uit een andere studie: economie. Als hij tijd had, leende hij boeken van huisgenoten die aan de economiefaculteit studeerden. “Ik vond het heerlijk.” Maar geneeskunde zou hij afronden, dat had hij zichzelf beloofd. “Waar je mee begint, maak je af, is mijn motto.” Voor zijn “intellectuele bevrediging” ging hij werken bij Integrand, een stichting die studenten voor stages en opdrachten aan bedrijven koppelt.

Op een gegeven moment zei een recruiter tegen mij: ‘Volgens mij wordt het tijd dat jij zelf eens gaat praten met het bedrijfsleven’.” Hij kreeg een baan aangeboden in Amsterdam. Wat daar parallel aan liep – en van invloed is geweest op zijn keuze om te vertrekken uit Maastricht: zijn coming out als homo. “Ik verwachtte iets tragisch. Als ik ermee naar buiten zou treden, zou ik verketterd worden, niemand zou nog iets met me te maken willen hebben. Niet voor niets wilde ik naar Amsterdam, ver weg, daar zou ik wel veilig zijn. In werkelijkheid pakte het helemaal niet dramatisch uit. Mijn ouders vonden het wel erg jammer dat ik stopte met geneeskunde.”

Teruggeven

In een internationaal opererend consultancybedrijf werd Meindersma voor de leeuwen gegooid. Hij had niet de juiste papieren op zak – “het waren de jaren negentig, als je genoeg capaciteiten had, werd je aangenomen, diploma of niet. Ik was creatief, vond het leuk om te puzzelen en logisch te redeneren.” Hij volgde een financiële opleiding in Oxford en aan het Amsterdamse Institute of Finance en maakte vervolgens de overstap naar internationale bedrijven als Air France KLM, Alvarez & Marsal (advies op het gebied van management en bedrijfsvoering) en C&A. Ook ging hij als zelfstandige in de ‘interim business’ aan de slag. “De overstap van geneeskunde naar het bedrijfsleven heeft me veel gebracht, maar ik heb altijd het gevoel gehad: ‘Ik moet iets teruggeven aan de medische sector of aan de regio waar ik vandaan kom.’ Maar wat is de juiste vorm? Daar heb ik altijd mee geworsteld.”

Koffertje

Zijn baan als Chief Transformation Officer bij kledingverkoper C&A – waar hij bijvoorbeeld verantwoordelijk was voor een kostenreductieproject en het “openen en sluiten van nieuwe landen” – zegde hij vorig jaar zomer op, nog voordat hij van het vertrek van de huidige UM-vicevoorzitter Nick Bos op de hoogte was. “Ik had een deal dat ik in februari 2024 echt weg zou gaan bij C&A. Ik wilde een tijdje thuis zijn, klussen aan het huis, werken in de tuin, samen met Roy, mijn partner. Daarna zou ik wel weer een baan vinden en van maandag tot en met donderdag ‘uit het koffertje gaan leven’, zoals ik gewend was.” Het hoofdkantoor van C&A ligt in Düsseldorf. Hij woonde in Maastricht en pendelde.

Het was een vriendin die hem een halfjaar geleden wees op het in de universiteit rondgestuurde profiel van vicevoorzitter. “Ik belde de headhunter of ik überhaupt kans maakte, ik was bang dat mijn CV (met ‘alleen’ een carrière in het bedrijfsleven) hen zou afschrikken.” Niet dus. “Ik heb vervolgens allemaal mensen om me heen verzameld, van de UM, maar ook van andere universiteiten. Ik wilde weleens weten hoe die hoger onderwijswereld eruitziet, ‘wat ga ik meemaken?’ De meesten zeiden: ‘Als je behoefte hebt aan complexiteit, dan zit je goed.’”

Op tafel ligt het Jaarverslag 2022 van de UM. “Ik vind het aantal projecten opvallend, het zijn er meer dan honderd! Bij C&A vond ik veertig al veel, met 25 duizend medewerkers. Toen ik terugkeek in het Jaarverslag 2021 zag ik dezelfde projecten langskomen, ze lijken ongoing.” Een paar voorbeelden: het professionaliseren van leiderschap, duurzame inzetbaarheid, disability support, Kaleido, Brightlands-campussen, samenwerking met Radboud Universiteit Nijmegen, global citizenship, erkennen en waarderen. “Wat ik me daarbij afvraag: ‘Is die hoeveelheid wel te doen? En zit er aan al die projecten een deadline?’ Ik kijk er niet negatief naar, zeker niet, ik ben vooral nieuwsgierig.” 

Transformeren

Moet de UM iets vrezen, nu er een manager met een carrière in ‘transformatievraagstukken’ aan het roer gaat staan? Het woord transformatie valt nog wel te rijmen met een eventuele fusie tussen de UM en het ziekenhuis en wat daar te zijner tijd bij komt kijken, maar moet de bedrijfsvoering van de UM (alweer) ‘transformeren’? Men is al jaren stappen aan het zetten met de invoering van het Programma Integrale Bedrijfsvoering. SAP werd ooit gekozen als vervanger van verschillende systemen waar HR, Inkoop en Finance mee werkten, maar het omzetten had en heeft nogal wat voeten in de aarde. Het was een te groot project om in één keer aan te pakken waardoor het traject in drieën werd verdeeld. En het is nog niet afgerond.

“Ik ben niet alleen van de verandertrajecten, maar ook van het verbeteren van reguliere processen. In de bedrijfsvoering heb je altijd te maken met voortschrijdende technologieën en managementtechnieken. Neem bijvoorbeeld ICT, ik had het liefst ook de iPhone 4 gehouden, maar er komt steeds weer een nieuwe met betere functies, de oude wordt niet meer ondersteund. En zo is het ook met de financiën en hele huishouding van een universiteit.”

Mensen-mens

Wat typeert hem als manager? “Na mijn vertrek bij C&A zeiden collega’s: ‘We gaan je als mens in de organisatie missen.’ Dat vond ik mooi. Ik ben een mensen-mens. Ik houd ervan om op de werkvloer te zijn. Ik wil niet vanuit een ‘ivoren toren’ leiding geven. Ik geloof niet in leadership, maar in followship. Mensen volgen je vanzelf als je hen ruimte geeft, dat hoef je niet te dicteren. Luisteren en empathie zijn voor mij de belangrijkste vaardigheden. Dan kun je mensen motiveren en stimuleren.”

Dat ‘intermenselijke’ aspect was niet altijd zichtbaar in het bedrijfsleven, weet hij. “Ik was er zelf lange tijd van overtuigd dat het niet nodig was, maar daar denk ik sinds acht, negen jaar anders over.” Het keerpunt? Dat kwam toen hij werkte als interim-manager bij een groot Nederlands kinderopvangbedrijf. Het was in grote nood en Meindersma moest de boel ‘herstructureren’. Er werkten drieduizend medewerkers, “99,5 procent stond dagelijks op de werkvloer, zij waren erg ‘zorgbekwaam’, hadden een hoog EQ (emotionele intelligentie). Met logisch redeneren kwam ik hier niet ver. Dit werk vroeg andere vaardigheden. Die gevoelskant, ja, het ging me natuurlijk af, ik kon mijn eigen gevoel en kwetsbaarheid laten zien en dat was heel fijn. Ik zocht daarna uitsluitend nog naar werk met een gezonde balans tussen IQ en EQ.”

Auteur: Wendy Degens

Foto: Joey Roberts

Tags: vicevoorzitter,college van bestuur, meindersma, jan-tjitte meindersma,mensen-mens,empathie,business,bedrijfsvoering

Reacties

Ingrid Caubergh

Wat een mooi en persoonlijk interview!

Veel succes.

(Als docent realiseer ik me bij het lezen van dit interview, dat ik eigenlijk helemaal niet zo goed weet, wat een College van Bestuur eigenlijk doet.)

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.