De discussie over een numerus fixus speelt al langer bij deze opleiding, zelfs nog voordat Den Haag internationalisering hoog op de agenda zette en Nederlandse universiteiten zelf maatregelen namen om de instroom van internationale studenten te beheersen.
Afgelopen september begonnen 623 (veelal buitenlandse) studenten aan de European Law School (ELS), een studie die het recht bestudeert vanuit een vergelijkend en Europees perspectief. Sinds jaren groeit de bachelor gemiddeld met 10 procent per jaar, rekent het bestuur de faculteitsraad voor tijdens de jongste vergadering. De komende jaren zijn instroomcijfers van 650 of 700 studenten niet onrealistisch. En dat is qua onderwijscapaciteit niet meer te doen, klinkt het. Docenten moeten naast een juridische master affiniteit hebben met een vergelijkende en Europese benadering van het recht. Bovendien moeten ze op hoog niveau Engels spreken én het Nederlands voldoende machtig zijn “om te kunnen functioneren in de universitaire setting”, staat er in een beleidsnota. Gezien de krapte op de arbeidsmarkt staat de faculteit nu al voor een lastige opgave.
Eerdere maatregelen om de instroom te beteugelen, wierpen geen vruchten af; matchingsvragenlijsten (vragen die een student moet beantwoorden en als reflectie dienen op zijn eigen keuze om een bepaalde studie te volgen) konden het kaf niet van het koren scheiden.
Met een numerus fixus trekken de juristen aan de noodrem. Een maximum is nog niet vastgesteld, maar ofschoon er geen concrete aantallen worden genoemd in de vergadering zal dat waarschijnlijk ergens tussen de 500 en 600 komen te liggen. Selectie gaat gebeuren op basis van ongewogen loting. Zo heeft iedereen een kans, licht Sjoerd Claessens, vicedecaan onderwijs, toe. Bovendien scheelt dat heel wat administratie. Of het de oplossing is? Geen enkele opleiding van de Universiteit Maastricht werkt met ongewogen loting, dus “we moeten op zoek gaan naar ervaringen; wat is de beste manier om dit te doen?”
Een risico van een numerus fixus is dat aankomende studenten zich bij voorbaat al niet aanmelden, omdat ze bang zijn dat ze niet worden toegelaten. Het gevolg: de instroom wordt lager dan de fixus, en dat is nadelig voor de financiële positie van een faculteit. Toch maken de juristen zich daar geen zorgen over vanwege het unieke karakter en de populariteit van de ELS.
De ELS is een van de drie bachelors van de Maastrichtse rechtenfaculteit. Er is nog een (kleine) opleiding fiscaal recht en Nederlands recht. Die laatste telt veel minder studenten dan de ELS, iets wat de faculteit al jaren niet lekker zit, omdat de balans tussen internationale en Nederlandse studenten steeds schever wordt. Daar moet verandering in komen met een nieuwe Nederlandstalige bachelor die decaan Jan Smits in de vergadering aankondigde. Veel is nog onduidelijk, maar het wordt waarschijnlijk een studie op het snijvlak van recht en politieke wetenschappen.