“Engels is niet de enige optie”

“Engels is niet de enige optie”

Tilburgs onderzoek naar voertaal op universiteiten

03-02-2025 · Achtergrond

Welke gevolgen heeft de dominantie van het Engels in het hoger onderwijs? Twee onderzoekers van de universiteit van Tilburg publiceerden in januari een studie waarin ze het taalbeleid aan hun eigen instelling, officieel tweetalig net als Maastricht, én de Technische Universiteit Eindhoven waar Engels de primaire taal is, onder de loep namen.

Nederlandse universiteiten hebben zich sinds 2010 massaal aangepast aan het motto ‘hoe internationaler, hoe beter’, beginnen prof. Jos Swanenberg en universitair hoofddocent Massimiliano Spotti, beiden van de universiteit van Tilburg, hun artikel The Monolingual Campus and the Bilingual Campus. Te midden van de hele discussie rond de verengelsing van het hoger onderwijs, legt het duo de gevolgen bloot van het taalbeleid aan hun eigen universiteit en die van de TU Eindhoven. Wat betekent het om (in de praktijk) alleen maar Engelstalig te zijn? Wat doet dat met de Nederlandse staf en studenten en wat betekent het voor de Nederlandse taal en cultuur? De onderzoekers analyseerden beleidsdocumenten, interne communicatie en publieke uitspraken van beide instellingen.
Sinds universiteitsbestuurders steeds meer hun blik op het buitenland wierpen, in het kader van ‘globalisering’, groeide het aantal Engelstalige studies, omarmde men een tweetalenbeleid of stapte men zelfs volledig over op het Engels. Het zou drempels wegnemen voor buitenlandse studenten en medewerkers, bijvoorbeeld om alle beleidsdocumenten te kunnen lezen en alle vergaderingen bij te wonen, schrijft het duo. Zo deed de TU Eindhoven, waar Engels de primaire taal is, ‘aanbevelingen’ aan docenten. De onderzoekers citeren: “Begin je les of vergadering niet met de opmerking ‘Zijn er internationale studenten of kunnen we in het Nederlands spreken?’ of zinnen van gelijke strekking of bedoeling. Ga ervan uit dat de les of vergadering in het Engels moet beginnen. Als je in een vergadering zit en er is een pauze, ga dan verder in de taal waarin je die vergadering hield, wat voor de duidelijkheid altijd in het Engels zou moeten zijn.”

Maastricht

Hoewel de Universiteit Maastricht niet wordt meegenomen in hun studie, is deze net als Tilburg officieel tweetalig met als uitgangspunt ‘Nederlands, tenzij’, hoewel het in de praktijk meer op ‘Engels, tenzij’ lijkt. Neem de vergaderingen van de medezeggenschapsraden aan de UM. Zowel de universiteitsraad als de meeste faculteitsraden, vaak met buitenlandse leden, vergaderen volledig in het Engels. Beleidsstukken verschijnen in het Engels, discussies worden in het Engels gevoerd en van Nederlandstalige ambtenaren die te gast zijn in de universiteitsraad, omdat ze een nota moeten toelichten, wordt ‘verwacht’ dat ze niet in hun moedertaal spreken, maar Engels.
Toch lijkt zich de laatste maanden een kentering af te tekenen in Maastricht. De speech tijdens de opening van het academisch jaar, afgelopen september, van UM-collegevoorzitter Rianne Letschert, was – vrij uitzonderlijk – in het Nederlands. De nieuwjaarsreceptie in januari idem dito. En dan de nieuwe Nederlandstalige campagne voor studiekiezers en de taal op de open dag. Sinds oktober kan een nieuwsgierige scholier kiezen voor een informatiebijeenkomst in het Engels óf het Nederlands. Daarover zei Letschert eerder tegen Observant: “Wat de Engelstalige voorlichting aan Nederlandse studiekiezers betreft, zijn we doorgeschoten, zonder goed te peilen of het Engels wel voor iedereen werkt.”

Tolken

Terug naar het artikel van de Tilburgse wetenschappers. Daarin benadrukken ze het gevaar van tweetalig beleid, laat staan van de keuze, zoals in Eindhoven, om het Nederlands te ‘negeren’. Het leidt tot ongelijkheid en stelt het Engels boven alle andere talen. De Nederlandse Taalunie, een politiek overlegorgaan dat onder andere de stand van zaken van de Nederlandse taal in Nederland, Vlaanderen en Suriname monitort, heeft geconcludeerd dat het Nederlands in het hoger onderwijs in Nederland zware concurrentie ondervindt van het Engels, aldus de onderzoekers. Ook ontstaat er een te grote kloof tussen de samenleving en de wetenschap.
De oplossing? “Een verfijnder taalbeleid”, stellen ze. “Engels is niet de enige optie”, kies voor meertaligheid, voor zowel lokale als meerdere internationale talen. Voorbeelden die ze noemen zijn een presentatie in het Nederlands met visuele ondersteuning in een andere taal of conversaties met behulp van tolken. Of laat studenten en staf, die een op elkaar lijkende taal als Noors en Deens spreken, daarin communiceren. Mensen moeten op zoek gaan naar talen die ze gemeenschappelijk hebben, luidt hun credo.

 

Auteur: Wendy Degens

Foto: Shutterstock

Tags: taalbeleid, tweetalenbeleid, eindhoven, tilburg, engels, monolinguisme, tweetalig, meertalig

Reacties

Jan de Voor

Er is een vreemde discrepantie tussen het taalbeleid van de UM en maatschappelijke realiteit waarin de UM (en haar studenten en docenten) zich bevindt. Terwijl de UM zich midden in een meertalige Euregio bevindt is de ondwrwijstaal van de UM vaak uitsluitend Engels (monolinguïstisch). Op sommige faculteiten is de onderwijstaal voor (zowel bachelor- als master)opleidingen zelfs geheel Engels. De onderwijstaal en het studiemateriaal reflecteren niet de meertaligheid (en daarmee de linguïstisch-culturele diversiteit) van de Euregio en van de talen die studenten in deze regio (in receptieve en/of productieve zin) gebruiken. Behalve het Engels zijn dat het Nederlands, Frans, Duits en Limburgs (als streektaal). Waarom verkent de UM als pionier op het gebied van (PGO-)didactiek geen meertalige didactische werkvormen die zelfs al in het funderend onderwijs zijn beproefd (benaderingen als "translangauging", intercultureel taalbewustzijn en gebruik van bronteksten uit verschillende talen)?

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.