“Waarom trad bisschop Gijsen af?”, tikte ik in bij Google (lees het verhaal over pastorale perikelen). Ik wist dat er iets had gespeeld rond seksueel misbruik, maar wist niet meer hoe het precies zat. In het AI-overzicht bovenaan mijn scherm popten termen op als “aanhoudende conflicten” en “affaires”. Nogal vaag, dus klikte ik op de verwijzingen naar het AD, Trouw, NRC, Wikipedia. Een halfuur later bleek het allemaal wat gecompliceerder dan gedacht. Het mooie (en tijdrovende) van journalistiek speurwerk is dat je van het ene artikel bij het andere uitkomt en steeds meer komt te weten: feiten op basis van betrouwbare bronnen.
Over AI-gebruik in de journalistiek was vorige week nogal wat te doen. Peter Vandermeersch, oud-hoofdredacteur van NRC, was de fout in gegaan. Vandermeersch blogde als ‘fellow’ in dienst van het Belgische mediaconcern Mediahuis over journalistieke kwesties als AI. Hij wist maar al te goed van de risico’s, dat AI weleens wat kon verzinnen. En nu had hij toch die verzinsels (citaten) overgenomen in zijn blog. Hij had “de kracht van AI-hallucinaties onderschat”, gaf hij toe.
Strikte regels hebben we op de Observant-redactie nog niet, omdat we ChatGPT of Copilot voor ons werk nog maar mondjesmaat gebruiken. Maar we zijn altijd op onze hoede. Het is een taalmodel dat woorden voorspelt, geen feitendatabase. Daarbij ligt ChatGPT ligt behoorlijk onder vuur nadat OpenAI bekendmaakte dat het een deal heeft gesloten met de Amerikaanse overheid. Men vreest dat AI-modellen onder andere worden ingezet bij militaire operaties. Dat zet ook deze redactie aan het denken.
Wanneer we AI wel hanteren? Soms bij de vertaling van een paar zinnen in het Engels (al onze artikelen gaan naar vertalers van vlees en bloed) of wat creatieve input voor een kop boven een stuk. Om vervolgens te concluderen dat het allemaal vreselijk cliché is. Ik liet onlangs een hoofdpuntenanalyse los op een onbegrijpelijke nota, als check, om te kijken of ChatGPT nog met iets anders op de proppen kwam (antwoord: nee). Daarbij moeten we ook de hand in eigen boezem steken, we zijn AI-amateurs, niet getraind in het invoeren van de juiste prompts (vraag of opdracht) en daarmee bepalen we grotendeels wat AI ons voorschotelt.
ChatGPT een ‘schrijf-assistent’ noemen? Zeker niet. Daarvoor vertrouwen we voorlopig liever op onze eigen hersenen en creativiteit.
De hoofdredacteur geeft een kijkje achter de schermen op de redactie