Rechters noemen femicide bijna nooit femicide

Rode vrouwenschoenen zijn een internationaal symbool geworden tegen femicide

Rechters noemen femicide bijna nooit femicide

Maastrichtse juristen pleiten voor heldere definitie

13-05-2026 · Nieuws

Femicidezaken worden in de rechtszaal niet altijd herkend of als zodanig behandeld. Dat concluderen Maastrichtse juristen, die 282 vonnissen onder de loep hebben genomen. Ze pleiten voor een heldere definitie van het begrip femicide, om de bewustwording daarover te vergroten.  

Volgens het woordenboek is femicide het doden van een vrouw vanwege haar vrouw-zijn. Maar hoe stel je dat nu vast? "Je zit al snel in een subjectieve hoek”, zegt Laurie Ritzen, onderzoeker aan de rechtenfaculteit. “Stel dat een man een vrouw neersteekt op straat en hij geeft daar geen verklaring voor. Dan weet ik niet of hij dat alleen maar heeft gedaan omdat er op dat moment toevallig een vrouw voorbijkwam. Had hij ook gestoken als er een man had gelopen? Het motief is niet altijd duidelijk.”

De Verenigde Naties hanteren striktere criteria. Is er sprake van een levensdelict door een partner? Femicide. Een familielid? Ook. Als de dader een andere bekende is, bijvoorbeeld de buurman, of een onbekende, moet er een gendergerelateerd kenmerk zijn. Denk bijvoorbeeld aan eerder psychisch of seksueel geweld tegen het slachtoffer, maar ook uitbuiting of gijzeling.

Verschillende antwoorden

Dat lijkt – vaak ook voor de buitenwereld – zo klaar als een klontje. Maar in de Nederlandse rechtspraktijk is het nog niet zo eenvoudig, blijkt uit het onderzoek van Ritzen en co dat ze uitvoerden in opdracht van het landelijk kennisinstituut WODC. “In gesprekken die we voerden met onder anderen rechters en officieren van justitie, zeiden ze vaak dat femicide een levensdelict (een ernstig misdrijf waarbij iemands leven wordt beëindigd of daartoe een poging wordt gedaan) is op een vrouw vanwege haar vrouw-zijn. Maar toen we doorvroegen naar de gevallen die zij daaronder scharen, liepen de antwoorden uiteen.”

Rechters herkennen wel degelijk gendergerelateerde kenmerken zoals huiselijk geweld of haatmotieven en laten dat ook wel meewegen in hun straf, maar gebruiken in hun vonnis niet expliciet de term femicide. In de 282 vonnissen die Ritzen en haar collega’s bekeken waarop je dat label wel zou kunnen plakken, werd dat minder dan vijf keer als zodanig benoemd.

Een directe verklaring heeft de onderzoeker er niet voor. “Het kan best zijn dat het Openbaar Ministerie een zaak bepleit als femicide, maar dat een rechter het toch anders ziet, of dat het om wat voor reden dan ook niet in het vonnis is opgenomen.” Want, zo benadrukt Ritzen ook maar eens, in het onderzoek van de universiteit is alleen gekeken naar jurisprudentie, het uiteindelijke oordeel. Wat er allemaal is gezegd in de rechtszaal, is niet meegenomen.

Straffen

Door helder te definiëren wat femicide nu precies is, is een eenduidigere aanpak van zaken mogelijk, zegt Ritzen. Zo zal ook duidelijker worden dat veel moorden op vrouwen voortkomen uit langere patronen van geweld, stalking of eerdere mishandeling en kunnen politie en justitie sneller ingrijpen.

Moet de wet dan niet worden aangepast, om femicide zwaarder te bestraffen, zoals landen als Cyprus en Italië wel hebben gedaan? Ritzen denkt van niet. “In Nederland worden deze zaken als bijvoorbeeld moord of doodslag gekwalificeerd. Of de rechter het nu femicide noemt of niet, de straffen zijn al heel hoog. We moeten ook nog maar zien hoe dat uitpakt in het buitenland.”

Ze waarschuwt ervoor om niet overhaast dingen in te voeren omdat de maatschappij erom roept. “Er zijn misschien rechters die, met de kennis van nu, er heel anders tegenaan kijken. De zaken die we hebben bekeken zijn van een tijdje geleden, inmiddels is er ook weer veel gebeurd, de ontwikkelingen gaan snel.”

Op de stoel van de wetgever of de rechter willen de onderzoekers zeker niet gaan zitten, ze vinden dat het aan de politiek is om met een definitie te komen voor femicide. “Dat is belangrijk, om het fenomeen te kunnen benoemen, maar ook voor de nabestaanden heeft het een toegevoegde waarde.”