Opinie: "Aan de universiteit komt de vrijheid van meningsuiting ook met verantwoordelijkheid"

Pro-Palestijnse demonstranten voor de deuren van het bestuursgebouw aan de Minderbroedersberg in mei 2024. Diezelfde middag wordt de tuin van FASoS bezet.

Opinie: "Aan de universiteit komt de vrijheid van meningsuiting ook met verantwoordelijkheid"

"Controversiële en onpopulaire ideeën zijn welkom, maar het is ook goed om helder te zijn over waar de universiteit als instelling voor staat"

19-05-2026 · Opinieartikel

De vrijheid van meningsuiting moet “maximaal” zijn aan een universiteit. Maar er mogen ook eisen worden gesteld aan wie zich op de campus roert, schrijft rector Jan Smits in dit opinieartikel. 

De universiteit is een gemeenschap van waarden. Voor mij verreweg de belangrijkste daarvan is de academische vrijheid. De zon draait om de aarde. Kolonialisme is goed. Roken is gezond. Zonder de vrijheid om deze ooit algemeen aanvaarde opvattingen ongebreideld te bekritiseren, zijn leren en vooruitgang onmogelijk en verliest de universiteit haar bestaansrecht. De reden waarom ik zelf de universiteit nooit zal verlaten, is precies daarom: het is de plek waar nieuwsgierigheid wordt gecultiveerd en het debat plaats vindt op basis van feiten en argumenten – óók, ja juist, als wetenschappelijk verkregen kennis schuurt met wat wij eerder dachten. Kan het zijn dat kolonialisme ook positieve kanten had? Heeft het stimuleren van roken misschien voordelen? Vast niet, maar wie weet: alle kennis is slechts voorlopig. Het uitdragen en doorgeven van deze academische kernwaarde aan volgende generaties – we leren alleen door eerder verkregen kennis ter discussie te kunnen stellen – maakt de universiteit tot wat zij is. Echte antwoorden vinden we samen, maar nóg belangrijker is het stellen van de juiste vragen.

Toenemende polarisatie

Naast de academische vrijheid – die medewerkers en studenten veel ruimte geeft, maar hen tegelijk bindt aan de strikte normen van hun specifieke wetenschappelijke discipline – is er de vrijheid van meningsuiting. Die geldt voor iedereen, dus ook voor de leden van onze academische gemeenschap wanneer zij zich uiten over onderwerpen buiten hun eigen discipline. In een tijd van toenemende polarisatie doen onze studenten en staf dat steeds vaker. Dat valt alleen maar toe te juichen. Het past bij twee andere kernwaarden van de universiteit: het bevorderen van kritisch denken en van maatschappelijke verantwoordelijkheid, óók waar het gaat om de koers van de universiteit zelf. De luidruchtige maar vreedzame demonstraties van de afgelopen twee jaar tegen de banden van de UM met Israëlische instellingen tonen de grote emotionele commitment van een deel van onze gemeenschap bij wat elders in de wereld gebeurt en hoe de UM zich daartoe verhoudt. Dat de vrijheid van meningsuiting zich hier manifesteert in de vorm van volstrekt legitieme vreedzame demonstraties verplicht iedereen om nog beter te luisteren en argumenten extra te wegen. Dat die weging niet per se uitvalt zoals de demonstranten willen, is daarbij deel van onze universitaire besluitvorming.

Hardnekkig misverstand

Als intellectuele gemeenschap moet aan de universiteit de vrijheid van meningsuiting maximaal zijn. Maar die vrijheid komt met verantwoordelijkheid. Het is een hardnekkig misverstand dat laissez-faire of anything goes geldt voor wie het woord krijgt of demonstreert: waar incompetentie in het academisch discours doorgaans zonder al te veel compassie wordt afgestraft, mogen ook eisen worden gesteld aan wie zich op de campus roert. Ieder lid van onze gemeenschap is gebonden aan universitaire waarden als wederzijds respect, inclusie en ruimte geven voor debat, juist om die academische waarden ook voor anderen te waarborgen. Uitspraken mogen ongemak veroorzaken en mogen kwetsen, maar altijd op basis van argumenten en met alle ruimte om te reageren: shouting down van wie het oneens met je is, mag nooit. De beste reactie op jou onwelgevallige uitspraken, is om je zelf uit te spreken.

Onpopulaire ideeën

Zo wordt de vrijheid van meningsuiting ingekleurd door de universitaire setting. Kennis en de verspreiding daarvan zijn het meest gebaat bij een open en democratisch klimaat waarin intellectuele standaarden buiten onderwijsgroep, laboratorium en studieruimte net zo nastrevenswaardig zijn als daarbinnen. Bovendien bestaat hier geen ruimte voor wie binnen onze eigen gemeenschap oproept tot uitsluiting van bepaalde groepen, genocide toejuicht of discriminatie propageert. Hoe kan het ook anders aan een publiek gefinancierde universiteit als de onze, die moet zorgen voor een voor iedereen veilige leer- en werkomgeving? Zoals gezegd zijn controversiële en onpopulaire ideeën welkom (ik ben niet van de trigger warnings en de safe spaces), maar is het óók goed om helder te zijn over waar de universiteit als instelling voor staat.

Tragedie

Het enorme belang van de vrijheid je uit te spreken maakt het tot een tragedie wanneer pogingen daartoe moeten worden beperkt. Dat gebeurde recent toen de bezetting van het pand van ScanNexus aan de Oxfordlaan noodzakelijkerwijs door de politie moest worden beëindigd. Dan faalt alles wat hierboven is beschreven: dat de universiteit staat voor debat en niet voor de inzet van geweld. De eisen van de bezetters verdienden een inhoudelijke respons.
Maar ook hier komt vrijheid met verantwoordelijkheid: ik zal het demonstratierecht altijd met hart en ziel verdedigen, maar het bezetten van een gebouw bestemd voor onderwijs en onderzoek op een manier die niet valt binnen de grenzen van het demonstratierecht draagt niet bij aan een zinvolle dialoog. Het eerste gebod voor ieder die macht heeft, is om zich dienstbaar op te stellen. Alles wat kan bijdragen aan een zinvolle dialoog over de koers van de universiteit – op welk terrein dan ook – is daarom van harte welkom. Laten we dat gesprek op veel plekken voeren, zorgen horen én bepalen hoe we het op productieve wijze met elkaar oneens kunnen zijn. Het is van vitaal belang voor de universiteit.

Jan Smits, Rector Magnificus a.i.

Auteur: Redactie

Foto: Observant

Tags: opinie, jan smits, academische vrijheid, vrijheid van meningsuiting, academie, demonstratierecht, palestina, bezetting, gaza, waarden, respect, rector

Reacties

Maurice Evers

Het standpunt van de rector verdient veel waardering voor zijn heldere verdediging van de academische vrijheid en het belang van een open debat. Juist in deze tijd van sterker wordende polarisatie is het essentieel dat universiteiten plaatsen blijven waar controversiële ideeën onderzocht en met respect voor elkaar mening besproken worden zonder elke vorm van angst voor sociale of institutionele sancties en zonder angst voor geweld of (dreiging met) vernieling. Dat vormt immers het hart van onze academie.
Tegelijkertijd roept het opiniestuk een fundamentele vraag op die nog nadrukkelijker besproken moeten worden. Want als vrijheid van meningsuiting “maximaal” moet zijn aan de universiteit, hoe verhoudt zich dat dan tot de steeds meer activistische en dogmatische campuscultuur die op veel universiteiten is ontstaan? De vraag is daarom niet óf studenten en medewerkers zich maatschappelijk mogen engageren - uiteraard mogen zij dat - maar of een universiteit niet voorzichtiger moet zijn wanneer activisme steeds meer het karakter van morele orthodoxie krijgt. De kritiek dat universiteiten te politiek zijn geworden is denk ik niet terecht, maar het gevaar dreigt wel dat de academische gemeenschap steeds minder tolerant wordt voor afwijkende standpunten wanneer die botsen met dominante morele of ideologische overtuigingen op de campus. Hierdoor verschuift de universiteit van een plaats waar ideeën worden getest naar een omgeving waar bepaalde conclusies impliciet al vaststaan. Want hoe vrij voelt een debat nog wanneer sommige opvattingen weliswaar formeel mogen worden uitgesproken, maar sociaal of institutioneel vrijwel onmiddellijk worden geassocieerd met discriminatie, onveiligheid of morele verwerpelijkheid? Wanneer verandert “inclusie” ongemerkt in conformiteitsdruk?
Het opiniestuk raakt de spanning tussen een vrij debat en conformiteitsdruk wel, maar werkt haar onvoldoende uit. Het gevaar is dat universiteiten langzaam veranderen van plaatsen van open intellectuele confrontatie naar gemeenschappen waarin morele consensus belangrijker wordt dan academische twijfel. Er is een verschil tussen protest als bijdrage aan debat en activisme dat impliciet bepaalt welke meningen nog als legitiem worden beschouwd. Wanneer gebouwen worden bezet, sprekers onder druk komen te staan of studenten en medewerkers zich geremd voelen om afwijkende opvattingen uit te spreken, raakt dat direct aan de kern van academische vrijheid.

Juist daarom is het goed dat de rector benadrukt dat de universiteit een plaats van debat moet blijven. Maar misschien vraagt deze tijd om een nog explicietere verdediging van intellectuele pluraliteit óók wanneer ideeën ongemakkelijk, impopulair of politiek incorrect zijn. Een universiteit die alleen ruimte biedt aan sociaal geaccepteerde of opgedrongen overtuigingen zal uiteindelijk immers haar academische functie verliezen.

Yves de la Bursi

Smits beroept zich op een hardnekkig misverstand maar begrijpt zelf niet wat de eisen van de betogers inhoudelijk zijn. Vrijheid van meningsuiting en debat is bij universiteiten zeker belangrijk en dat is ook niet waar tegen betoogd wordt. Er wordt gedemonstreerd omdat het uitnodigen van sprekers ook een vorm van legitimatie van het gedachtegoed veroorzaakt (net zoals in de media en de politiek waar het concept van het cordon sanitair wél begrepen worden). Het betoog is niet om iemand weg te krijgen met wie de demonstranten het oneens zijn, ze zijn in de studiegroepen immers constant in debat met andersdenkende medestudenten aan daar wordt geen enkel gebouw voor bezet.

Het feit dat Smits een vreedzame bezetting van een universiteitsgebouw (waarbij overigens geen vernielingen zijn aangericht en de medewerkers een dag later gewoon als normaal weer aan het werk konden) bestempeld als het gebruik van geweld vind ik extreem.

Smits beroept zich op de democratische waarden omtrent debat maar vergeet dat voor echte tolerantie je intolerant moet zijn voor intolerantie. Het gedachtengoed dat door sommige sprekers wordt verspreid en door universiteiten deels wordt geligitimeerd is inherent ondemocratisch en gevaarlijk.

Daarnaast hebben de betogers zorgen over de gevolgen van de financiële steun die universiteiten hiermee verlenen, en die doorsijpelt naar mensen en organisaties die dat geld vervolgens gebruiken om iets wat reeds door de VN als genocide is bestempeld, te financieren. Een concreet voorbeeld hiervan is het contract dat UM afgelopen januari heeft gesloten voor een nieuw gebouw met Yakir Gabay, een Israëlische vastgoedmagnaat die als nevenfunctie betrokken is bij het door Trump aangewezen Gaza board dat van de regio een resort wil maken. UM heeft hier wel “inhoudelijk” op gereageerd dat zij geen juridische grond hebben om het contract te ontbinden, er aan voorbij gaand dat het inhoudelijke bezwaar van humanitaire en niet juridische aard is. Tevens is een “sorry dit wisten wij niet en zullen we in de toekomst anders doen” ook uitgebleven.

Afsluitend, Smits spreekt van democratische waarden, zich als machtsfiguur dienend willen opstellen, en inhoudelijk reageren op de betogers. Maar tegelijk verdedigd hij de democratische omgang niet, vergeet hij dat macht slechts ontstaat waar mensen samenwerken en een leider kiezen (en dus dat de demonstraties een herinnering aan hem zijn dat die macht ook weer door de mensen kan worden ingetrokken), en begrijpt hij nota bene inhoudelijk het argument van de betogers ook niet. Jammer. Ik schaam me dat ik aan deze universiteit studeer en het bestuur zou zich moeten schamen dat zij dat hun studenten en medewerkers aandoen.

De groeten,
Yves de la Bursi, namens de stille meerderheid

Amanda Kluveld

Ik constateer een discrepantie tussen bestuurlijke werkelijkheid en de waarheid. Waar wij als universiteit voor staan: hoe wordt dat bepaald? Door het bestuur en dan via anticiperend conformisme? En wat als afwijkende opvattingen ( alweer: hoe wordt dat bepaald en wie heeft de definitiemacht en op grond waarvan) door “signalen” verdacht worden gemaakt? Bestaat die vrijheid dan nog steeds? Kortom, als de zelffelicitaties even worden geparkeerd. Hoe zit het dan echt? Wat is de reëel bestaande UM en kan zij werkelijk zo zelfgenoegzaam zijn?

Ruben Philipsen

Een universiteit is bij uitstek de plek die bestaat bij de gratie van grenzen: het is een vrijplaats voor het vrije woord en academisch debat zolang iedereen zich aan de spelregels houdt die dat vrije woord en academisch debat mogelijk maken. Zodra een groep echter de fysieke ruimte claimt en bijvoorbeeld de toegang voor anderen blokkeert, ondermijnt zij die spelregels. Hoezeer je het ook eens kunt zijn met het doel van de demonstranten, toch valt hun middel af te wijzen. Het is juist het kenmerk van een gezonde democratische houding dat je in staat bent om dit onderscheid te maken: je bent solidair met de inhoud, maar je bewaakt de grens van de methode. De vrijheid van meningsuiting is een fundamentele waarde, maar kan alleen als een vrijheid functioneren dankzij de morele grenzen die haar omringen. Zonder die grenzen vervalt zij in het recht van de luidste of de sterkste en dat betekent het einde van het vrije debat. Wie de grenzen van de rechtsstaat doorbreekt terwijl die rechtsstaat nog functioneert (en daarvan is in Nederland vooralsnog sprake), riskeert het fundament te slopen dat juist nodig is om de mensenrechten te beschermen. Hannah Arendt schreef dat burgerlijke ongehoorzaamheid in een democratie essentieel is, maar dat het "civiel" moet blijven. Het doel moet zijn om medeburgers wakker te schudden en te overtuigen, niet om mede-burgers te dwingen of de instituten van de vrijheid aan te vallen. Arendt zou waarschijnlijk waarschuwen dat de demonstranten zich binnen een democratie bevinden. Door de universiteit te dwingen of te blokkeren, gebruiken zij een methode die het democratische fundament (de open ruimte voor pluriformiteit en debat) potentieel kan beschadigen.

gerard mols

Veel waardering voor dit opiniestuk van de rector magnificus. Het geeft duidelijk aan waar de universiteit en haar gemeenschap voor moet staan en biedt een mooie opstap voor verdere reflectie over een waarde die heden ten dage door allerlei feiten en omstandigheden zeer onder druk is komen te staan namelijk de vrijheid van meningsuiting

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.