In de Verenigde Staten ligt het vertrouwen in het hoger onderwijs op het moment nogal onder vuur. Dit speelt vooral onder Republikeinse kiezers. In 2025 gaf slechts 26 procent van hen aan veel vertrouwen te hebben in het hoger onderwijs, en slechts 19 procent vertrouwde erop dat de belangrijke Amerikaanse universiteiten politiek neutraal onderwijs verzorgen. Overigens ontbrak het ook bijna 40 procent van de democratische kiezers aan veel vertrouwen in het hoger onderwijs, en vond 70 procent van alle kiezers dat het met het hoger onderwijs de verkeerde kant op gaat.
Het was voor de universiteit van Yale reden om in actie te komen. Want om het algemeen belang te kunnen dienen is vertrouwen onmisbaar. Een multidisciplinaire commissie van tien wijzen boog zich een jaar lang over de vraag hoe dit vertrouwen hersteld kon worden. De commissie organiseerde talloze bijeenkomsten, voerde honderden interviews en gesprekken met studenten en medewerkers, en verdiepte zich uitgebreid in de literatuur. Een paar weken geleden bood ze haar rapport aan, inclusief twintig aanbevelingen. Die hebben bijvoorbeeld betrekking op de vrijheid van meningsuiting en de academische vrijheid. Maar ze gaan ook over het beteugelen van de bureaucratie. En over hoe je in het onderwijs om moet gaan met mobiele telefoons en sociale media.
Begripvol en snoeihard
Maar de meest aansprekende aanbeveling gaat wat mij betreft over de missie. In de ruim driehonderd jaar dat Yale bestaat, was die steeds grotendeels hetzelfde. Tot tien jaar geleden. Toen stapte Yale af van de nadruk op het creëren en verspreiden van kennis, en breidde de universiteit haar missie uit met zaken als “improving the world today,” het opleiden van “aspiring leaders worldwide”, en “fostering an ethical, interdependent, and diverse community”. Het oordeel van de commissie over deze uitbereiding is zowel begripvol als snoeihard; dit zijn weliswaar waardevolle doelen, maar ze maken geen deel uit van wat een universiteit tot universiteit maakt. Om vertrouwen te winnen, moet je als universiteit laten zien waar je goed in bent. En dat vraagt om een gerichte, universiteitsbrede missie. De commissie adviseerde dan ook om terug te keren naar de kern: “Yale University’s mission is to create, disseminate, and preserve knowledge through research and teaching.” Het bestuur van Yale hoefde over deze aanbeveling niet lang na te denken; ze staat nu al zo op de website.
Ten halve keren
Wie de website van de Universiteit Maastricht bezoekt, ziet op de eerste pagina: “Hier werken we samen aan een betere toekomst.” Twee keer klikken en er staat: “Wij zien onszelf in de eerste plaats als een open en inclusieve academische gemeenschap die streeft naar een sociale, veilige en duurzame leer- en werkomgeving.” Natuurlijk is het belangrijk dat wij ons allemaal inspannen om ervoor te zorgen dat iedereen zich op de universiteit welkom voelt. Maar “in de eerste plaats”? Je hoeft niet tegen diversiteit en inclusiviteit te zijn om het daarmee oneens te zijn.
Het goede nieuws is dat het in Nederland nog mee lijkt te vallen met het afgenomen vertrouwen. In 2025 rapporteerde het Rathenau Instituut dat het vertrouwen in de wetenschap relatief groot was. Maar vertrouwen komt te voet en gaat te paard. In de aanbevelingsbrief spreekt de Yale-commissie de hoop uit dat haar aanbevelingen ook anderen van pas komen. Laten we geen tien jaar wachten tot wij in hetzelfde schuitje belanden als Yale. Laten we ze nu ter harte nemen en ten halve keren: Maastricht University. We research, we teach.
Ewout Meijer is universitair hoofddocent aan de faculteit psychologie en neurowetenschap