Niet iedereen zal er wakker van liggen, maar toch zijn veel mensen niet blij met de bezuinigingen in de kunstsector. Hoe kunnen de kunsten zich nog verder ontwikkelen als er niet in geïnvesteerd wordt? Zou dit het einde van de kunsten kunnen betekenen?
Het einde van de kunst, daar heeft ook de Duitse filosoof Georg Friedrich Wilhelm Hegel (1770-1831) over geschreven. Wanneer de ‘Geest’ zich volgens hem ten volle ontwikkelt, verdwijnt de behoefte aan beelden en symbolen en daarmee dus ook de kunst. Een raadselachtige these. Mijn interpretatie is dan ook dat Hegel niet bedoelt dat de kunsten zullen verdwijnen, maar dat haar rol in de ontwikkeling van de samenleving uiteindelijk niet langer nodig zal zijn.
Klinkt ingewikkeld? Dat is het ook. Zonder enige achtergrond van Hegels filosofie is zijn werk over esthetica nauwelijks te begrijpen. Hoewel hij als denker geweldig interessant is, heb je een stevige gebit nodig om je in zijn werk vast te bijten. Geen ideaal boekje dus, voor tussen de onderwijsgroepen door.
Daarom hier wat context: Hegel is een idealist, wat (in dit geval) betekent dat alleen ideeën een werkelijkheidswaarde hebben. Het meest bekende onderdeel van zijn filosofie is zijn visie op het dialectische verloop van de geschiedenis, dat plaatsvindt in verschillende stadia. Eerst is er een these, gevolgd door een tegenstrijdige antithese, waarna er een ‘verzoening’ plaatsvindt in de synthese. Deze wordt op zijn beurt weer een these en zo schrijdt de geschiedenis voort totdat er uiteindelijk een einde is bereikt. In de woorden van Marx is dat de Kladderadatsch, wanneer de arbeiders de macht grijpen. Het marxisme is gebaseerd op de dialectiek van Hegel.
Maar wat bedoelt Hegel eigenlijk met Geist (geest)? In zijn vroegste werk verwijst hij naar het karakter van een volk of tijdperk. Later spreekt hij over een Weltgeist (wereldgeest), die zich manifesteert in een beschaving. De Geest is dan geen resultaat meer van de geschiedenis, maar altijd aanwezig. Het hoeft zich alleen maar bewust te worden van zichzelf en zijn vrijheid. Het einde van de geschiedenis is het moment dat de Geest zich volledig heeft ontplooid, en dan zijn de kunsten - die dienen ter ontwikkeling van de Geest - dus ook niet meer nodig.
Terug naar het hedendaagse debat over de waarde van de kunsten. Kunst is niet alleen mooi, ontroerend of provocerend, maar ook nodig voor de collectieve ontwikkeling van onze maatschappij – in ieder geval zolang onze maatschappij niet is geperfectioneerd en we het einde van Hegels geschiedenis nog niet hebben bereikt. Is hiervoor subsidie nodig? Dat is een andere vraag die ik hier niet ga beantwoorden. Belangrijk voor nu is dat de waarde van kunst niet onderschat moet worden, een punt dat Hegel met zijn Esthetiek zeker onderlijnt.
Iris Fraikin